De tijd is stilgezet in Birma

Rijkdom: Hoogtepunt van een bezoek aan Birma is Bagan. Behalve zo¿n duizend ruïnes staan hier nog 2230 boeddhistische tempels en pagodes uit de 11de eeuw overeind. FOTO PIXELIO.DE

[VERRE REIZEN] Op een kruising ondersteunen jongemannen een wiebelend reuzenrad, terwijl anderen over de spaken klimmen en het rad draaiende houden. Publiek loopt er in drommen langs, in het oog gehouden door groepjes militairen die zich hebben opgesteld op de knooppunten van de mensenstromen.

Even verderop: een groep muzikanten rammelt op trommels, slaat op xylofoons, de gong. Een fluitspeler produceert het geluid van een doedelzak en op de voorgrond kraait een artiest in een fonkelend gewaad, behangen met bankbiljetten, een valse melodie. De salvo’s van de bekkenist maken de kakofonie compleet.

Volgens de legende is de performer – per definitie een travestiet – bezeten door de geest van Shwe Pyin, een van de twee broers die door in de 11de eeuw door de eerste koning van het Birmaanse rijk, Anawrahta, werden gedood toen ze verzuimden stenen te leveren voor zijn Taungbyon Pagode in Bagan.

Shwe Pyin behoort tot de clan van 37 nats, de geesten die bomen, rivieren en rotsen bevolken sinds ze een gewelddadige dood zijn gestorven. Om de nat (letterlijk ‘beschermer’) tevreden te houden, geeft het publiek fruit, sigaretten en geld aan de artiest, die op zijn beurt weer een deel uitdeelt aan het publiek.

Welkom op de jaarlijkse Nat Pwe in Amarapura: variété, gay parade en animistische rite in één. Tussen de tempels langs de Irrawaddy staan de verkopers van plastic speelgoed en eettenten hun waren aan te prijzen.

,,De autoriteiten zijn altijd wat nerveus bij menigtes als deze,’’ vertelt taxichauffeur annex reisgids Ye Aung. ,,Het liefst zouden ze elke publieke bijeenkomst verbieden, maar de Nat Pwe is te veel deel van de Birmese traditie om dat voor elkaar te krijgen. Zelfs koning Anawrahta die in Bagan het Centrum van Boeddhisme oprichtte, lukte het niet om de nat-cultuur te verbannen.’’

Daarbij komt dat ook toeristen er dol op zijn. Allemaal willen ze een keer getuige zijn van de wilde kant van de Birmese cultuur. Maar nu even niet, lijkt het. Een middag tellen levert twee Fransen en drie Amerikanen op.

Zelf heeft Ye Aung niet veel met nats. Maar toch, je weet maar nooit. Daarom offeren zijn vrouw en hij deze dagen jasmijn, groene minibananen, kokosnoot en rijst in een van de miniatuurtempels in zijn straat. Zo heeft iedereen een nat om het huis.

In Amarapura, een weversdorp onder Mandalay, ontstonden de eerste Nat Pwe’s in de 18de eeuw. Sindsdien worden de feesten georganiseerd door gesloten muziekgezelschappen die van generatie op generatie hun performers voortbrengen. Ze vormen de spil in de kermis van attracties en honderden eetstalletjes die in hun kielzog in de wijde omtrek neerstrijken.

Na zonsondergang is het terrein volgelopen en raakt de sfeer meer uitgelaten. De optredens beginnen om de paar minuten, soms pal naast elkaar. Jongeren springen in het rond, ouden van dagen turen, zuigelingen krijgen de borst. Het schrille kabaal werkt na verloop van tijd aanstekelijk en als bezoeker moet je dan wel heel stevig in je schoenen staan om niet mee te deinen.

Zo uitbundig de stemming in Amarapura, zo dromerig is de sfeer tweehonderd kilometer stroomafwaarts, in Bagan. Duizenden tempels en pagodes in een zanderige vlakte tussen uitdrogende struiken wekken de indruk van een luchtspiegeling, één die bij nadering op zijn plaats blijft.

De tropische wildernis woekerde hier tot halverwege het eerste millennium, totdat de Pyu landbouw en handel brachten en koning Pyinbya Bagan in 876 uitriep tot de hoofdstad van wat 150 jaar later het Eerste Birmese Rijk zou gaan heten.

Onder koning Anawrahta volgden in de 11de eeuw vette jaren waarbij het onder welgestelden goed gebruik was zo groot mogelijke boeddhistische bouwwerken op te richten, met het oog op een beter hiernamaals, als genoegdoening voor begane zonden, of als familiegraf. De Boeddha-standbeelden werden gevuld met edelstenen, tot grote vreugde van de Mongolen en de Shan die de beelden eind 13de eeuw zouden plunderen.

De schade wordt nu hersteld door plaatselijke metselaars die de afbrokkelende monumenten te lijf gaan met beton en baksteen. Fresco’s worden naar eigen inzicht hersteld. Uit dezelfde ideeënkoker rolde een golfterrein, een snelweg en een zestig meter hoge uitkijktoren.

Bagan staat niet op de Wereldmonumentenlijst. Waarom niet? Een deskundige van Unesco noemde de aanpassingen onlangs ‘een Disney-achtige fantasieversie van een van ’s werelds rijkste erfgoederen’.

Nog geen twee minuten binnen de poort klinkt de bekende groet ‘hellowhereyougo’. Een knaap parkeert zijn brommer en stelt zich voor als Htin. Willen de bezoekers niet even zijn waren bekijken? Niet hier, maar verderop? Nieuwsgierigheid wint het van achterdocht en een wandeling volgt naar een tempel uit het zicht van de openbare weg. ,,Contact met een toerist kan me een boete opleveren,’’ verklaart hij onder de beschutting van de blakende zon. ,,Ik werk zonder vergunning. De souvenirshops langs de weg verkopen spullen uit werkplaatsen die eigendom zijn van het regime of er hun opbrengsten aan afdragen. Wij komen er niet tussen.’’ Met ‘wij’ doelt Htin op de struinende tekenaars van Bagan die reproducties maken van de tempels, van de wandschilderingen in het bijzonder.

Htin leeft van zijn prenten op zandpapier. Hij groeide op tussen de tempels, zijn vader is visser op de Irrawaddy. Htin was 13 toen in 1998 de junta besloot dat de dorpelingen niet in het uitzicht pasten en zonder aankondiging de gemeenschap van het terrein verdreef. Honderden huizen werden met de grond gelijk gemaakt. De vijfduizend inwoners moesten buiten de muren zonder enige compensatie een nieuw bestaan opbouwen.

Velen zijn nog op een of andere manier binnen de muren betrokken bij het toerisme. Htin volgde een opleiding als tekenaar en toont zich een deskundige bij het duiden van de schilderingen en de standbeelden. Klaargestoomd voor toeristen, maar het gaat slecht. ,,Dit is de eerste rondleiding in twee weken,’’ verzucht hij. De souvenirstalletjes in ’s lands grootste publiekstrekker maken inderdaad dagen achter elkaar een even desolate indruk als Bagan zelf.

1996 werd door het militaire bewind uitgeroepen tot ‘Bezoek Myanmar’-jaar. Visum- en reisre-stricties werden versoepeld en de infrastructuur werd voor honderden miljoenen euro’s opgelapt. Hoe dat uitpakte, is te zien in Kalaw. Het bergdorp in de Shan-provincie kent een traditie van houtbewerking, maar schakelde over op toerisme.

Het ene na het andere hotel werd uit de grond gestampt, ondersteund door talloze trekking-bureaus.

De manager van hotel Eastern Paradise kan erover meepraten. Voor de hausse produceerde zijn familiebedrijf handgemaakte meubels, tegenwoordig runt hij een middelgroot hotel en organiseert hij voettochten naar hoger gelegen bergstammen, die door hun afzondering een Dr. Livingstone-achtige aantrekkingskracht hebben op, met hun keuze voor Birma toch al avontuurlijk aangelegde reizigers.

Of beter gezegd, hadden. In het registratieboek van de receptie gapen flinke ruimtes tussen de aankomstdata van nieuwe gasten. De manager beaamt wat het straatbeeld al deed vermoeden: de toeristen zijn afwezig.

De door monniken geleide demonstraties van september 2007, brachten het toerisme de eerste klap toe. Het doel van de Birmese oppositie om het land te boycotten als vakantiebestemming, werd op 2 mei 2008 op een onbedoeld macabere manier bereikt: cycloon Nargis zaaide dood en verderf in de zuidelijke provincies, waaronder Yangon.

Toen tien dagen later de noodhulp eindelijk op gang kwam, werd de omvang van de ramp duidelijk. Zestig- tot honderdduizend doden, weggevaagde dorpen, een miljoen daklozen.

De Birmese Vereniging van Ondernemers in de Toeristische Sector becijferde in september dat de bezoekersaantallen met 90 procent waren teruggelopen, een touroperator uit Yangon hield het in december op 80 procent.

Diegenen die wél door Birma reizen, hebben tegenstrijdige ervaringen. Aan de ene kant zijn de landschappen, badend in het scherpe zonlicht waar Birma patent op lijkt te hebben, van een tranentrekkende schoonheid. De oprechte hartelijkheid die steeds weer opduikt, maakt het tot een bestemming als geen ander.

De steden bieden een prettige onderdompeling in een verleden waar de industriële revolutie nog niet helemaal is doorgedrongen. Voertuigen uit de jaren ’50 en ’60 (de 600 cc Mazda-taxi bepaalt het straatbeeld in Mandalay) ratelen nog volop.

Veel spoorlijnen stammen uit koloniale tijden en maken van een treinrit een nostalgische hobbelrit.

Maar kantel je blik iets en diezelfde onderdompeling biedt een kijkje in de macabere keuken van een generaalsregime dat de bevolking al decennia in een wurggreep houdt. Een regime dat met alle macht een vacuüm in stand houdt, en daarmee de tijd stilzet. Alles blijft bij het oude in Birma.

De namen Htin en Ye Aung zijn op hun verzoek gefingeerd.

Uit & thuis

HOE KOM JE ER?

Thai Airways onderhoudt vluchten van Londen Heathrow en Frankfurt naar Yangon (Rangoon), via Bangkok. Nederland heeft geen directe verbinding met Birma. Vliegen kan naar Bangkok en verder met Thai Airways of Thai Air Asia. Of naar Singapore en dan verder met Silk Air. Vanuit Calcutta (India) vliegt Indian Airlines naar Yangon.

VISUM

Aanvragen bij het consulaat in Breda (076 5209054) à €40, of bij de Birmese ambassade in Brussel of Bangkok.

GEORGANISEERD REIZEN

Individueel of per groep op rondreis langs Yangon, Bago, Mandalay, Bagan, Kyaiktiyo en het Inle-meer kan met Koning Aap, Djoser en Baobab in 23 dagen. Vanaf zo’n €2000.

VERBLIJF

De prijs voor een overnachting ligt in Birma gemiddeld iets hoger dan in Thailand. Overnachtingen beginnen bij €10 voor een ventilatorgekoelde kamer met eigen sanitair. Voor meer comfort loopt de prijs in toeristische plaatsen op tot €100 en meer. Buiten ‘het rondje’ Yangon, Mandalay, Inle-lake, Bagan, Kalaw hebben hotels vaak geen vergunning om buitenlanders onderdak te bieden. Aardig: ook bij budgethotels is vaak een (continentaal) ontbijt bij de prijs inbegrepen.

GELD

Westerse banken hebben zich in het kader van de handelsboycot uit Birma teruggetrokken. Pinnen is nergens mogelijk en betalen met de credit card beperkt zich tot enkele luxe hotels. Neem voldoende nieuwe dollars of Thais bahts mee voor het gehele verblijf. Wissel ze om bij juweliers of winkels; die geven een betere koers dan banken en wisselkantoren op de vliegvelden.

INFRASTRUCTUUR

De kwaliteit van het wegdek varieert van redelijk rond de steden tot bar en boos in de uithoeken. Asfalt is de norm, maar reparaties zijn vaak ondeugdelijk, want het resultaat van (gedwongen) handarbeid. Wegen zijn onverlicht en daarom tamelijk gevaarlijk na zonsondergang.

Air Mandalay en Air Bagan hebben een goede staat van dienst en onderhouden vluchten tussen de belangrijkste steden. Tickets zijn te koop bij hotels en reisbureaus.

Treinverbindingen zijn goed, maar neem ruim de tijd voor het kopen van een kaartje – en het bereiken van de bestemming. Een gemiddelde snelheid van 25 km/u is niet uitzonderlijk. Als toerist kun je je treinkaartje uitsluitend afrekenen in hagelnieuwe dollars. Met een vouw of spatje wordt het biljet al gauw geweigerd.

De bus kent een uitgebreide dienstregeling en is voor kortere afstanden sneller dan de trein.

Stroomuitval is een dagelijks verschijnsel. Hotels in het middensegment zijn voorzien van generators die de airco’s draaiende houden.

GEZONDHEID

Voor een verblijf langer dan twee weken worden inentingen tegen dtp, hepatitus-A, buiktyfus en gele koorts aangeraden.

ETEN

Geen supermarkten, maar een straatbuffet op elke hoek en restaurants van eenvoudig tot chic (waaronder de Chinese) in de toeristische gebieden. Een typisch Birmese maaltijd bestaat uit vele schaaltjes met gekruide gerechten, gebakken of verwerkt tot een curry, waarin je de Indische keuken herkent, maar lang niet zo pittig. De rijstgerechten zijn beïnvloed door de Thaise en Chinese keuken. Soms worden bij het hoofdgerecht brood en aardappels in saus geserveerd. Je kunt het geheel volkskeuken noemen, of Aziatische gastronomie. Pizza, pasta en andere Europese cuisine zijn te vinden in toeristische streken.

INFORMATIE

¿ Actueel reisadvies ministerie van Buitenlandse Zaken:

www.minbuza.nl/nl/reizenlanden/reisadviezen

¿ Verkeersbureau Birma: Hotel & Tourist Corporation, 77-91 Sule Pagoda Road / P.O. Box 559, Yangon, Myanmar

(BEN VAN DER PLOEG)
06/03/09 14u59
      mailIcon Mail een vriend(in)      printIcon Printversie
Reiswereld

Alles over

© AD Nieuwsmedia BV. Alle rechten voorbehouden. Lees het auteursrechtvoorbehoud.


  • acap enabled