Tonnie van Haperen, eigenaar van café Victoria met zijn vriendin Marian. FOTO HIERMAGHETWEL.NL
BREDA/AMSTERDAM - Voor de tweede keer sleept justitie een caféhouder voor de rechter wegens overtreding van het rookverbod in de horeca. ,,Wat heb ik nou weer gedaan, dacht ik bij me eigen toen ik de dagvaarding bij de post vond,'' zegt uitbater Tonny van Haperen (43) van café Victoria in Breda.
Toen hij de schriftelijke oproep om voor de rechter te verschijnen las,
geloofde de caféhouder zijn ogen niet. ,,Er stond dat ik word verdacht van
zware criminaliteit.''
Zijn vriendin Marian Kromhof (41), die ook een dagvaarding op naam ontving,
wordt verdacht van hetzelfde. Van Haperen: ,,Het is een lachertje dat ze ons
voor het gerecht slepen en beschouwen als zware criminelen vanwege het
overtreden van het rookverbod.''
Inspecteurs van de Voedsel- en warenautoriteit stelden tot viermaal toe vast
dat het café het rookverbod overtrad dat sinds 1 juli 2008 geldt voor de
horeca in Nederland. Na driemaal te hebben gewaarschuwd, volgde een
proces-verbaal wegens overtreding van de Tabakswet. Zo'n overtreding geldt
als een economisch delict.
Van Haperen geeft de wetsovertreding toe maar ziet naar eigen zeggen geen
andere mogelijkheid. ,,Van juli tot oktober hebben we het rookverbod
nageleefd. Dat was toen geen probleem omdat het lekker weer was en de
klanten op straat konden staan. Toen het kouder werd, bleven de mensen
thuis. Om te kunnen overleven, hebben we de asbakken toch maar weer op tafel
gezet.''
Vrees voor de uitspraak van de Bredaase rechtbank hebben Van Haperen en zijn
vriendin niet. ,,Wij vechten voor onze boterham en gaan door, desnoods tot
het Europese Hof (voor de Rechten van de Mens in Straatsburg, red.). Als we
het roken in ons café gaan verbieden dan kunnen we de deuren sluiten.''
Advocaat Jaap Tempelman staat Van Haperen en diens vriendin bij tijdens de
rechtszaak. Hoewel hij het dossier nog moet krijgen van het openbaar
ministerie en daardoor niet weet wat zijn clienten precies wordt
aangewreven, voorspelt de raadsman dat de verdediging 'in beginsel' langs
dezelfde lijn wordt gevoerd als in het proces tegen het Groningse café De
Kachel.
In die rechtszaak, waarin Tempelman eveneens optrad voor de caféhouders,
betoogde hij dat zijn cliënten geen keus hadden. De Kachel was volgens hem
te klein voor een aparte rookruimte. Naleving van het rookverbod zou geleid
hebben tot het faillissement.
Desondanks veroordeelde de rechtbank in Groningen de uitbaters van De Kachel
vorige maand tot een boete van 1200 euro. Wanneer ze het rookverbod opnieuw
overtreden, moet het café een maand dicht.
Tegen die uitspraak stelde Tempelman namens zijn cliënten hoger beroep in. Het
gerechtshof in Leeuwarden behandelt de zaak eind mei. ,,Wij zijn van mening
dat minister Klink van Volksgezondheid zijn bevoegdheid heeft overschreden
bij de vaststelling van het rookverbod. De rechtbank in Groningen is daar op
schokkende wijze aan voorbij gegaan.''
De advocaat meent ook dat de straf in geen enkele verhouding staat tot de
overtredingen. ,,De rechtbank is het openbaar ministerie klakkeloos gevolgd
in zijn streven een voorbeeld te stellen.''
Of de uitbaters van De Kachel het rookverbod intussen naleven? ,,Ik heb hen
aangeraden de kat niet op het spek te binden,'' aldus Jaap Tempelman.
Een inwoner van het Belgische Lanaken liet eind vorig jaar al weten naar het
Europese Mensenrechtenhof te stappen om er het rookbeleid in Europa aan te
klagen. Marcel Franssen (48) vindt dat zijn vrijheid als roker wordt
beperkt.
Ondanks die inperking leveren de tabaksheffingen de Schatkist van de lidstaten
veel geld op. Vanuit de gedachte 'als je er geld aan verdient, mag je het
niet verbieden' eist hij in Straatsburg afschaffing van de Tabaksheffingen.


