DORDRECHT/PAPENDRECHT - Tegen de Papendrechtse pedofiel Erik de H. eiste justitie dinsdag twee jaar cel, waarvan één voorwaardelijk, met een proeftijd van tien jaar.
Ook eiste de aanklager tbs met voorwaarden. De H. bekent het bezit van zeer grove kinderporno. De zwakbegaafde 32-jarige moet zich na de celstraf laten opnemen in behandelcentrum voor gedragsgestoorden Hoeve Boschoord en daarna in een beschermde woonomgeving terechtkomen. Als de rechtbank de eis op 12 mei volgt, komt De H. vrijwel direct uit de gevangenis.
In mei 2008 werden in zijn huis in de wijk Wilgendonk meer dan duizend
kinderpornofoto’s en tientallen -films gevonden. De collectie kwam aan het
licht, toen de politie een 13-jarig meisje ’s nachts op straat aantrof. Het
bleek te gaan om een babysit die het huis van De H. was ontvlucht, toen
bleek dat de Papendrechter haar had gelokt om op een niet-bestaand kind te
passen.
Niet zelden is de rechtspraak mikpunt van kritiek uit de maatschappij, maar
een rechter kan zélf ook danig verhit raken door bureaucratische toestanden.
De Dordtse rechtbankpresident mr. T. van der Lugt haalde vandaag fel uit
naar het Nederlands Instituut voor Forensische Psychiatrie en Psychologie
(NIFP). Van der Lugt ervoer naar zijn zeggen ‘een gevoel van onmacht waar je
niet goed van wordt’ bij de behandeling van de strafzaak tegen Erik de H.
Na ruim een half jaar van onderzoeken, adviezen en voorlopige zittingen, kon
eindelijk een punt worden gezet achter deze zaak, waarbij alle betrokken
partijen op één lijn zaten: justitie, de reclassering, een psycholoog en een
psychiater, de verdachte met zijn advocate én de rechtbank zelf - al doet
die formeel pas op 12 mei uitspraak.
Ze waren het erover eens dat De H. snel moet beginnen aan een verplicht
behandeltraject. Dat dreigt echter niet te lukken, doordat aan zijn opname
in Hoeve Boschoord wel een jaar wachttijd vooraf kan gaan. Een
tussenoplossing, waarvoor het NIFP zou moeten zorgdragen, is echter niet
voorhanden.
Aanstaande maandag vergadert het NIFP pas over de zaak-De H., meldde een
reclasseringsmedewerker aan de rechtbank. Hierdoor bestaat de kans dat De H.
vanuit de gevangenis eerst in de reguliere crisisopvang van de regionale
zorginstelling De Grote Rivieren belandt.
Rechter Van der Lugt: ,,Hoe is het mogelijk dat wij maanden bezig zijn om een
oplossing op maat te bedenken en dat andere instanties zich beroepen op
formaliteiten, terwijl zíj juist gericht moeten zijn op hulpverlening?’’ Hij
zei de indruk te hebben dat hulpverleners vooral met elkaar in gesprek zijn,
terwijl degene om wie het gaat, buiten beeld raakt.
De reclassering kon alleen maar melden dat zij het NIFP wel tien keer tot
spoed gemaand heeft. Van der Lugt: ,,Knarsetandend hoor ik dit aan. Het
duurt allemaal veel te lang.’’ Hij vroeg de verdachte wat die hier nu zelf
van vindt. De H.: ,,Wel jammer. Ik wil graag hulp. Dat heb ik vorig jaar ook
al gezegd.’’
De H. zit volgens deskundigen tegen het zwakbegaafde aan. Zijn
seksualiteitsontwikkeling is niet goed verlopen, hij heeft een beperkt
inlevingsvermogen en een antisociale persoonlijkheidsstoornis.
Zijn advocate mr. J. Castelein voegde hier aan toe dat haar cliënt vooral erg
eenzaam is, maar wel degelijk zicht heeft op zijn beperking en ook enig
besef van goed en kwaad: ,,Het downloaden van kinderporno vond hij nog net
kunnen, maar hij weet nu wel dat hij niet aan kinderen mag zitten.’’ Volgens
Castelein had De H. een jong meisje vooral voor een beetje gezelschap in
zijn huis gelokt, onder het voorwendsel dat hij een babysit nodig had.
In 2002 is De H. veroordeeld wegens ontucht met een buurjongetje. Hij kreeg
behalve een celstraf toen ook verplichte begeleiding, maar - naar vorig jaar
bleek - had die onvoldoende effect gehad.


