Degenschermster Sonja Tol zoekt een baan. Graag in de pr of communicatie. Ze zet namelijk na het komende Europees kampioenschap in het Italiaanse Legnano definitief een punt achter haar lange topsportcarrière. 'Nog één toernooi om naar toe te leven. Het is een excuus waarom er nog geen goede sollicitatiebrief uit mijn vingers is gekomen.''
Haar besluit om te stoppen sudderde al geruime tijd. 'Ik heb natuurlijk toegewerkt naar de Olympische Spelen in Londen, maar die bleken heel lastig om te halen. En omdat ik niet middenin de cyclus wilde stoppen, is dit EK dat ook in de zomer is, een lekkere afsluiter'', licht ze toe.
Tol is 15 jaar toonaangevend geweest in de Nederlandse schermsport. Ze veroverde liefst 12 nationale titels op degen, won brons op de wereldkampioenschappen in 2009 en was de eerste Nederlandse degenschermster op de Olympische Spelen.
Aan dat toernooi in 2004 in Athene bewaart ze overigens geen geweldige herinneringen. 'Ik vloog er in de tweede ronde al uit. Wel was de dag waarop ik me kwalificeerde voor de Spelen een hoogtepunt. Het was 17 april 2004; op een zogeheten zonetoernooi greep ik de allerlaatste mogelijkheid in een sudden death. Heel on-Nederlands.''
Die bronzen plak op de WK in Turkije was ook fraai. 'Ik won daar van tegenstanders waar ik in andere toernooien van verloren had. Kwam steeds terug van een achterstand, dus dat was echt een topprestatie.''
Na het EK waar ze vrijdag al in actie komt, is het echt einde verhaal. 'Dan gaat de degen voorgoed in de tas. Ik zal nog wel moeten aftrainen, maar het is een fijn gevoel dat ik mezelf niet meer hoef te dwingen. Weet je, als je jong bent telt maar één ding en dat is dat je die partij wilt winnen. Als je ouder wordt, merk je dat die toewijding anders wordt.''
Tol heeft nooit kunnen leven van de schermsport. Ze moest er bij werken. Vele jaren kon ze in dienst van Defensie Topsport rekenen op een salaris en daarnaast goed trainen. 'Maar ik moest wel mijn uren maken. Soms was dat een heel geregel en om wanhopig van te worden. Dan kwam ik terug op Schiphol van een toernooi in bijvoorbeeld Qatar en ging ik maar meteen door naar mijn werk. Om de uren die ik moest werken in te halen. Dat was niet ideaal voor je lijf, dat eigenlijk rust nodig had.'
Dat houdt een keer op, zegt ze. 'Nu ik bijna 40 ben, durf ik ook rustig te stoppen. Ik heb er ook veel van geleerd en kan met een gerust hart op mijn cv zetten dat ik tien dingen tegelijk kan.''


