*

 

IJsland vergeet even de problemen

Oranje-supporters spelen in op het Icesave drama door een groot spandoek tevoorschijn te toveren. FOTO PIM RAS

REYKJAVIK - Hij ziet er niet erg optimistisch uit, en dat is hij dan ook niet. ,,Als jullie met 5-0 winnen, verbaast het me niets,’’ zegt Ivar Gissurarson (55), terwijl hij een slok neemt van zijn halve liter Viking-bier.

,,Een kleine nederlaag, daar zou ik tevreden mee zijn.’’

Het café Bjarni Fel in het centrum van Reykjavik is gevuld met een man of veertig, maar het zou een gewone kroegavond kunnen zijn. Nog geen sjaal is er te zien, een IJslandse wortelman zit er al helemaal niet bij, en door het volkslied wordt vrolijk heen gedronken. Toch kijken de IJslanders voetbal, omdat je nu eenmaal voetbal kijkt.

Maar eerlijk gezegd hebben ze hier wel iets anders aan hun hoofd dan een schot dat al dan niet op de lat uiteenspat. Het land balanceert op de rand van een bankroet, talloze inwoners zijn al hun zorgvuldig vergaarde spaarcentjes kwijt, en straks is alles twee keer zo duur. Zelfs een goed resultaat van het elftal, bepaald geen internationale grootheid, kan daaraan niets verhelpen.

Gissurarson, die in het dagelijks leven boeken uitgeeft, hangt aan de bar, kijkt op een van de twaalf schermen naar Rotterdam, en plukt in zijn verzorgde grijze ringbaard.

,,Kom zitten. Drink je echt geen bier?’’ Hij is een oud-speler in de lokale variant van de eredivisie, hij keepte in het eerste elftal van KR, de club van West-Reykjavik. Probleem van het IJslandse voetbal, volgens de uitgever: Te veel vergelijkbare types, gedrongen blonde Vikingen met veel loopvermogen, heel veel, en weinig vernuft, heel weinig. En dan nog: Er zijn domweg te weinig spelers, op een eiland met niet meer dan 300.000 inwoners.

,,Hoe zouden wij ooit van Holland kunnen winnen? Maar het is niet erg van jullie te verliezen. Na ons eigen team houden wij het meest van de Nederlanders. Omdat ze ook een klein land zijn, dat het altijd tegen de groten op moet nemen. En, het spijt me dat ik het zeggen moet, omdat ze ook nooit iets winnen. Maar wij zijn pas echt klein. Zie je Indridi Sigurdsson lopen? De zoon van mijn beste vriend. Zo klein zijn wij.’’

Gelaten ziet het café toe hoe de eerste Nederlandse goal valt. Iedereen veert op als er een paar halve kansen en mogelijkheden voor de geplaagde eilandbewoners zijn, en zowaar zijn er wat kreten te horen die op aanmoedigingen lijken.

Gisurarsson begint over andere dingen, terwijl hij onrustbarende hoeveelheden bier naar binnen werkt: ,,Binnenkort moet ik naar de boekenbeurs van Frankfurt. Daar moet ik vast een hoop vragen beantwoorden. Niet over IJslands voetbal, vermoed ik. Mijn uitgeverij Skrudda laat de meeste boeken drukken in het buitenland, en ik schat zo in dat die mensen willen weten of ze nog wel betaald krijgen.’’

Daarna gaat het, zoals het altijd gaat: IJsland kruipt uit zijn schulp, de kroeg veert op, en net als ze dan eindelijk ergens in beginnen te geloven, scoort Huntelaar 2-0.

Gisurarsson probeert het nog, hij herinnert zich hoe IJsland ooit met 2-0 achterstond, in Parijs, tegen wereldkampioen Frankrijk, en nog gelijkmaakte. Maar het mag niet nog eens zo zijn.

,,Die dingen gebeuren maar één keer. Maar ik vind het acceptabel. Echt geen biertje?’’

12/10/08 21u01
volledig dossier: WK voetbal
mailIcon print | |
commonMessages.loading
Aan het laden ...
Vind AD Sportwereld op social media
Facebook
TwitterVolg ons op Twitter