ROTTERDAM - Ik kom uit een bijzondere familie. Clubliefde? Lul niet zo dom, joh. Huilen na een degradatie van Sparta? Hahaha, natuurlijk niet. Broodje frikandel en die ellende is weer vergeten.
Grootheidswaanzin? Te gek! Mijn invalide zusje heeft niet zomaar een rolstoel, neen, ze heeft er één met lichtmetalen velgen. Heb geen medelijden met haar, dankzij mijn handige broertjes rijdt ze haar klasgenoten met gemak eruit.
En dan mijn schizofrene oom. Hij denkt niet dat-ie de postbode is, da's natuurlijk veel te gewoontjes. Hij is in zijn wereld de witte Obama, maar dan die van Schiebroek. Kijk vooral de andere kant op als -ie met z'n vleeskleurige scepter gaat zwaaien.
Een groot deel van de selectie van Sparta lijdt ook aan grootheidswaanzin. Ik noem bijvoorbeeld een Lerin Duarte, een buurtgenoot. Hij heeft potentie, ja. Hij is, als ik me niet vergis, zelfs ooit uitgeroepen tot beste speler van de landelijke A-jeugd.
Ik ben stiekem fan van hem. Maar nu speelt hij bij Sparta in de middenmoot van de eerste divisie, heeft niet eens een basisplek en toch vindt-ie dat een verhuizing naar een club in de eredivisie voor zijn ontwikkeling noodzakelijk is.
Dat is op dit moment slechts een schoolvoorbeeld van grootheidswaanzin. Duarte loopt al maanden erbij alsof-ie het leed van de wereld moet dragen en wekt de indruk dat Sparta hem niets kan schelen. Hij gooit evenals vele andere Sparta-spelers er met de welbekende pet naar en dat zal andere clubs niet ontgaan.
Deze destructieve vorm van desinteresse zal dus niet alleen gevolgen hebben voor Sparta, maar ook voor de carrières van de schuldigen. En dat lijken ze niet eens te beseffen. Clubvoetballers zijn er niet meer, maar bij Sparta zijn blijkbaar zelfs broodvoetballers niet meer voorhanden. (RICHARD VAN DEN BOVENKAMP, Clubreporter Sparta Rotterdam)


