[EUROPA] Nederlanders op vakantie gaan op zoek naar rust en ruimte. De Scandinavische Ålandeilanden hebben dat.
Eerst is er, vanuit Finland, een pontje. En dan nog één, of twee. Daarna snelt het busje over bruggen en dammen. Op weg naar de volgende pont en het grotere werk: de veerboot, die zo nodig ook als ijsbreker fungeert.
De Alfågeln (52,7 meter, maximaal 300 passagiers, 58 auto's, acht man personeel) vaart uren langs scheren, klippen en eilanden. Bij een paar groene enclaves meert de ferry aan.
Een handjevol passagiers verlaat het schip. Nieuwe mensen, auto's en
goederen komen aan boord. Nog geen vijf minuten later wordt de reis hervat.
Altijd blijft er een eilandje in zicht.
Geen wonder: in de
Botnische Golf tussen Turku in Finland en Stockholm in Zweden liggen zo'n
90.000 eilanden. Groot en klein, bewoond en onbewoond, mooi en nog mooier.
De bonte collectie 'land-in-zee' voert tegenwoordig een merknaam:
Scandinavische Eilanden.
Deze ultieme uitdaging voor eilandhoppers omvat de Finse en Zweedse
archipel, een gebied van zo'n driehonderd kilometer breed. Wie de drukte van
de grote stad verlaat, vaart al snel door eindeloos, bijna brak water.
Halverwege de enorme zee van landjes schuilt Åland, het buitenbeentje van het
gebied. De officiële taal is Zweeds, de regio Fins, de positie uniek. De
(welgeteld) 6757 Ålandeilanden zijn sinds 1921 autonoom. Die status aparte
blijft niet onopgemerkt.
Op Åland kleurt het asfalt rood. Dat
tekent het eigenzinnige karakter van de regio. Als de ruim 26.000 bewoners
het blauw van het water en het groen van het landschap met een rood getint
wegdek willen combineren, dan houdt geen Viking hen tegen.
Ze beslissen in het eigen parlement over onder meer onderwijs,
gezondheidszorg, bestuur en economische zaken als toerisme. Åland heeft een
eigen vlag, eigen kentekenplaten, eigen postzegels, eigen politie, eigen
radio, een beetje eigen televisie en vooral ook een eigen wil.
,,We zijn bijna onafhankelijk van Finland, trots op onze identiteit en hoge
levensstandaard,'' zegt Annica Grönlund die op Åland woont en werkt. Ze zou
niet anders willen. Ze is verliefd op de fraaie natuur en de ontspannen
sfeer in haar omgeving.
Alle veerboten en cruiseschepen uit
Finland, Zweden en Estland maken op Åland een strategische tussenstop. Niet
om bij te tanken, maar om de belastingvrije verkoop van tabak en alcohol aan
boord te rechtvaardigen. Åland heeft dat voor de toetreding van Finland tot
de Europese Unie in een speciaal protocol laten vastleggen.
Weliswaar begrijpen de Ålanders niet dat ze van Brussel geen vogeltjes meer
mogen doodschieten ('onze hobby') en geen snus (Zweeds poedertabak)
tussen de bovenlip en het gebit mogen stoppen, maar 'Èuropa' helpt ook met
gulle hand mee hun regio te ontwikkelen.
De meeste passagiers van
de ferry's, soms wel twintig per dag, die de hoofdplaats Marriehamn aandoen,
zijn bezoekers in de marge. Ze zijn er voor het vertier op de boot, niet
voor het fraaie maritiem museum, de historische viermaster Pommern in de
haven, de strandjes en verrassende plekjes.
In de enorme terminal van de thuishaven van onder meer de machtige Viking
Line, maken ze - vaak waggelend - meteen rechtsomkeert om tijdens de
thuisreis nóg een paar glazen te nuttigen. Het enige stadje tussen Zweden en
Finland rekent deze passanten niettemin tot de 'vele honderdduizenden'
toeristen die jaarlijks een bezoek brengen aan 'het kruispunt in zee'.
Åland is meer een plek voor rustzoekers dan voor feestbeesten. Alleen op het
golfterrein lijkt het ook buiten het hoogseizoen net zo druk als in het
centrum van Mariehamn, dat bijna 11.000 inwoners telt en zich de spin in het
web van de Scandinavische eilanden voelt. Auto's met Zweedse kentekens
vullen het parkeerterrein.
Veel van de golfers bezitten een vakantiehuisje op het eiland. Åland
meet 50 bij 45 kilometer en ook wandelaars, watersporters, hengelaars en
fietsers kunnen er hun hart ophalen. Het in Scandinavië bekende
'allemansrecht' is ook hier van toepassing.
Vooral in de
zomermaanden, als de zon nauwelijks ondergaat en de gemiddelde temperatuur
16 graden Celsius aangeeft, is Åland een populaire vakantiebestemming.
Zweden en Finnen hebben op de Scandinavische eilanden een tweede huis, met
meestal een sauna in de tuin, een bootje voor de deur en een vishengel
binnen handbereik.
Anderen kiezen bewust een eiland als vaste
woonplaats. Zoals Thomas Hjelm (53) die op Utö voor de Zweedse kust een leuk
optrekje heeft gevonden. Hij ontloopt zoveel mogelijk de stadse drukte van
Stockholm. Als toeristisch adviseur houdt hij er een appartementje aan, maar
liever verkeert hij op Utö. Drie veerboten per dag overbruggen de achttien
kilometer naar het vaste land.
Het echtpaar Hjelm en zijn drie
zoons verkeren 's winters in intieme kring: het eiland telt slechts 250
vaste bewoners. In de zomermaanden zijn ook de 350 vakantiehuisjes bevolkt
en floreert de toeristenindustrie.
,,Het heeft drie jaar geduurd voordat we helemaal aan onze nieuwe omgeving
gewend waren. Het was een soort verlovingstijd. Daarna zijn we met Utö
getrouwd. We missen hier niets en willen hier ook niet meer weg. Ik jaag, ik
vis en ik geniet.''
Hjelm scheurt met een snelle boot over het
water voor de kustplaats Nynäshamn, 50 kilometer ten zuiden van Stockholm.
Hij wijst op de zeearend, die laag over het water scheert en de zeilboten,
die naar wind zoeken. Het jachtje is eigendom van Ken, die bijna dagelijks
vanuit Nynäshamn met hengelaars op het water zit en precies weet waar de
mooiste zalm en de grootste snoek zit.
Een visvergunning is niet
nodig, maar het is wel handig om een kenner als Ken bij de hand te hebben.
Want de duizenden Scandinavische eilanden in de Botnische Golf vormen een
waar labyrint.
© AD Nieuwsmedia BV. Alle rechten voorbehouden.
Lees het auteursrechtvoorbehoud.
Volg het nieuws op onze zustersite in België www.hln.be. Reis nieuws