Het moet afgelopen zijn met de onderdrukking van doven door horenden. Dit was vrijdag de boodschap op een symposium over dovencultuur in Theater 't OOG, het centrum voor dovencultuur en Nederlandse Gebarentaal in Amsterdam....
'Kennis is macht,' hield de dove BBC-presentatrice C. Denmark het publiek voor. In tegenstelling tot doven hebben horenden toegang tot tal van informatiebronnen zoals radio en televisie.
'Het is een misverstand dat doven gewoon de krant kunnen lezen. Gebarentaal is hun eerste taal en de meesten hebben nooit goed leren lezen en schrijven,' stelt Denmark.
In Nederland wonen anderhalf miljoen mensen bij wie iets aan het gehoor mankeert. Van deze groep zijn meer dan 200 duizend mensen doof of slechthorend, onder wie veel ouderen. Vijftienduizend van hen zijn doof geboren of als klein kind doof geworden. Dit zijn de mensen voor wie gebarentaal de eerste taal is.
Het applaus was dan ook overweldigend toen directeur J. Wesemann van het Nederlands Gebarencentrum voorstelde doven een eigen televisieprogramma te geven. Alle aanwezigen strekten hun armen uit boven hun hoofd en wapperden vol overtuiging met hun handen, op een enkele horende die in zijn handen klapte na.
Uit een enquête die voorafgaand aan het symposium onder de deelnemers is gehouden, blijkt dat allen een televisieprogramma voor doven belangrijk achten. Ter vergelijking: slechts de helft geeft aan een dagblad specifiek voor een dove doelgroep belangrijk te vinden.
Een jongeman uit het publiek merkte optimistisch op dat een programma voor doven net zoveel kans maakt als de onlangs voor jongeren opgerichte zender BNN. 'We moeten zorgen dat de omroepen doven als een commercieel interessante groep zien.'
Maar dit zal niet makkelijk zijn, beaamde directeur E. Zeegers van de landelijke belangenorganisatie Dovenschap na afloop van de lezingen. Omdat doven moeilijk aan een baan komen, zijn ze financieel minder draagkrachtig. Maar Zeegers meent dat dit niet het enige uitgangspunt van de omroepen mag zijn.
Ze kreeg bijval van Wesemann die doventelevisie ziet als een manier om doven zichtbaar te maken in de maatschappij, wat de acceptatie van deze 'culturele minderheidsgroep' kan vergroten. Hij denkt dat televisie ook kan bijdragen aan de versterking van de identiteit van doven. Maar het belangrijkste blijft volgens hem de informatievoorziening.
'Over sommige onderwerpen hebben doven extra achtergrondinformatie nodig. Over wettelijke regelingen horen we bijvoorbeeld vaak pas als de nieuwe wet er al ligt. Dan is het te laat om nog invloed uit te oefenen,' aldus Wesemann.
Het gebrek aan informatie is deel van de onderdrukking van doven, betoogde de dove filosoof P. Ladd in de pauze. De lezing van de Brit, die is gepromoveerd op dovenculturen, werd 's ochtends door twee tolken simultaan vertaald naar Nederlandse Gebarentaal en gesproken Engels. 'Horenden accepteren niet dat doven een eigen taal hebben. Ze zien gebarentaal als een primitieve manier van communiceren, maar het is de meest natuurlijke manier van communicatie.'
Ladd spreekt van een 'eeuwige oorlog' die miljoenen doven wereldwijd voeren om hun cultuur geaccepteerd te krijgen. Want een ding moet volgens hem duidelijk zijn: de dovencultuur is meer dan alleen gebarentaal. 'Het is een manier van leven.'
Deze stelling wordt onderbouwd door een collage met als titel 'Dovencultuur is...', die tijdens het symposium de muren van de zaal in Theater 't OOG sierden.
Op honderden kleurig versierde kaartjes hebben doven interpretaties van hun doof-zijn geschreven, met teksten als 'Dovencultuur is springlevend' en 'Je geaccepteerd voelen als mens.' Maar ook: 'Nog onbekend voor veel doven' en 'Met zijn allen tegen de horenden'.
- Neem nu een abonnement op het AD


