De bouw van de kolencentrale bij de Waddenzee gaat door, ook al deugt de milieuvergunning niet.
© anp.
weblog Ik gok erop dat menigeen na het lezen van de kop denkt: Ojee, daar komt weer zo'n negatief stuk van een linkse journalist over rechtse Amerikanen. Fout. Dit gaat over onszelf, over Nederland.
De afgelopen weken was ik naar Zwitserland, een van mijn favoriete vakantielanden. Het was even schrikken dit keer: peperduur. De koers van de Zwitserse frank was kort voor onze vakantie naar recordhoogte gestegen. Een kopje koffie kostte vroeger omgerekend 2,50 euro en nu plots vier euro. En zo was alles ongeveer anderhalf keer zo duur geworden.
Zwitserland is een rijk land en kan het zich veroorloven duur te zijn. Maar al gaf de frank me nu dus het gevoel uit een arm deel van Europa te komen, Nederland is in feite ook een van de rijkste landen ter wereld.
Kijk je bijvoorbeeld naar wat we met z'n allen produceren en aan diensten leveren, dan komt Nederland per hoofd van de bevolking gerekend wereldwijd op een keurige tiende plaats; Zwitserland staat op de vierde plaats. Bekeken naar koopkracht, is het verschil nog kleiner: Nederland nummer negen, Zwitserland acht.
Maar kijk je naar hoe bewust we met onze rijkdom omgaan, hoe we rekening houden met anderen en ons nageslacht, dan is het verschil groot, beschamend groot. Zwitserland staat na IJsland nummer twee op de ranglijst van meest groene, milieubewuste landen. Nederland komt niet verder dan een 47ste stek.
Dat zal de komende jaren niet beter worden. Zie bijvoorbeeld hoe we met een mooie, eigen vinding voor zonne-energie omspringen: Helianthos.
Of hoe 'positief' de topman van de duurzame Triodos Bank is over onze strategie om vooral geen duurzame werkgelegenheid te ontwikkelen.
Of hoe de ministers Verhagen en Schultz van Haegen ons zelfverzekerd onnodige kolencentrales in de maag splitsen.
We zijn een stelletje rijke stinkerds. Letterlijk.


