Er mag gelachen worden. Nou, dat lijkt me pure winst in het doorgaans zorgeloze, vrolijke Heerenveen. Hopelijk gooit Everse allereerst de eeuwig zuur kijkende Michael Dingsdag eruit. Dat zijn twee vliegen in één klap, want daar knappen de Friezen ook defensief enorm van op.
Iemand op straat zei me dat Frans Adelaar moet worden ontslagen. Hoewel ik niet kan uitstaan dat de trainer van Sparta mijn lieveling Edouard Duplan niet opstelt, lijkt het mij een slecht idee. Er is namelijk helemaal geen geld voor en zelf de handdoek gooien, net als de trainer van Heerenveen deed, zit er niet in.
Erg verstandig wat Jan de Jonge deed. Die man leed op de bank helse pijn. Bij Heerenveen hadden ze het kunnen weten trouwens. Als trainer van De Graafschap bezweek Jan de Jonge letterlijk onder de druk van degradatievoetbal. Mensen die hem daar van dichtbij meemaakten, schrokken zich een hoedje van zijn overspannenheid.
Als je je de luxe kunt permitteren - en dat kan elke eredivisietrainer want die krijgt meer betaald dan hij verdient zal ik maar zeggen - moet je in het leven alleen maar doen wat leuk is. Geniet een beetje van je werk. Let op Jan Everse bij Heerenveen zondag. Hij wisselt ernst af met scherts.
Er mag gelachen worden. Nou, dat lijkt me pure winst in het doorgaans zorgeloze, vrolijke Heerenveen. Hopelijk gooit Everse allereerst de eeuwig zuur kijkende Michael Dingsdag eruit. Dat zijn twee vliegen in één klap, want daar knappen de Friezen ook defensief enorm van op.
Wat verder een zegen is: op persconferenties zal Jan Everse niet betrapt worden op het uitspreken van het cliché 'stapjes maken'. Na afloop van weer een slecht resultaat zei Jan de Jonge dat er stapjes werden gemaakt. Alsof hij het over een 13 maanden oude baby met een poepluier had. Er zijn weddenschappen op afgesloten of de trainer, staande voor het sponsorbord, de woorden 'stapjes maken' ging uitspreken. Ik heb er twee keer tien euro mee gewonnen.
Met Jan Everse gaat Heerenveen erop vooruit, zei ik gisteren aan de telefoon tegen Simon Kuper. De columnist van Financial Times zweeg. Simon is een autoriteit, helemaal sinds hij met Stefan Szymanski (hoogleraar economie in Londen) het onthullende boek Dure spitsen scoren niet schreef.
Daarin verklaart hij onder meer waarom Ajax en Feyenoord vaak de verkeerde spelers kopen en Olympique Lyon en Heerenveen meestal de goede. Hij legt ook wetenschappelijk uit dat je beter kunt investeren in spelerssalarissen dan in transfers. Hoe meer je je spelers aan salaris betaalt, des te hoger zul je eindigen. Een verpletterend interessant boek; verplichte kost voor alle directies van voetbalclubs die volgende week in een hutje op de hei gaan discussiëren over de (financiële) crisis in het voetbal.
Ik luisterde naar mijn vriend en collega Simon Kuper. 'Statistisch doen er maar heel weinig trainers toe. Van Gaal, Mourinho, Hiddink en vroeger Brian Clough. De rest is inwisselbaar. Dus moet je nooit een trainer ontslaan. Dat kost geld en dat geld kun je beter in je salarishuis steken. Dat nieuwe trainers beter presteren is een mythe. Dat komt omdat een trainer op het dieptepunt wordt ontslagen. Daarna gaat het altijd beter. Zelfs als je de trainer gewoon had laten zitten. Snap je dat?'
Ik antwoordde: 'Dus, Simon, neem Frans Adelaar. Hij heeft de laatste negen competitiewedstrijden maar drie punten gehaald. Dit is het absolute dieptepunt. Als hij nu wordt ontslagen gaan we winnen. Maar als hij blijft zitten gaan we ook winnen.'
'Je bent heel slim, weet je dat?,' zei Simon.
Ik schoot in de lach. Opluchting denk ik. Als supporter ben je soms de wanhoop nabij. Kuper was mijn Ziener. Tegen Roda JC en VVV gaat het gebeuren. De grote ommekeer van Sparta. Mét Frans Adelaar op de bank. En Heerenveen wint zondag van FC Utrecht. Mét Jan Everse op de bank. Het is de wet van Kuper.
Later sloeg ik Simons voetbalbijbel op. Het eerste wat ik las was dit: 'De gemiddelde Nederlandse eredivisieclub zet niet meer om dan een grote supermarkt. Dan hebben we het niet over een supermarktketen, maar over één enkele, grote Albert Heijnvestiging. Het voetbal is een kleine industrie.'
Met dat soort wijsheden staat het boek vol. Heerlijk. (HUGO BORST)


