*

Guidetti, waarom zoek je niet je medespelers op?

bewaar
Door: redactie
21-2-12 - 09:42

column In de voetbalkantine van mijn eerste club in Leeuwarden hing boven de bar een bordje met de tekst: 'Morgen gratis bier'. Toen ik het als pupil voor de eerste keer las, dacht ik: tsjonge, dan zal het hier morgen vast heel druk worden.

 Gaat het er inderdaad te hard aan toe? Is het onterecht om te constateren dat Fred Rutten misschien te vroeg zijn afscheid bekend heeft gemaakt en daardoor de absolute overtuiging bij zijn groep dreigt kwijt te raken? Het programma voor de komende weken zal daar uitsluitsel over geven.  

Dat bleek de volgende dag best mee te vallen. Bovendien hing het bordje er nog steeds. Met exact dezelfde tekst. Zoals dat in de weken daarna ook het geval was. Pas toen besefte ik dat de dag met gratis bier nooit zou komen. Het was een eeuwige belofte die nooit ingelost zou worden. Zoals dat meestal in het voetbal geldt.

Want voor de meeste beoefenaars van het mooiste spelletje ter wereld blijft het bij bier in de plaatselijke kantine. Hoe talentvol ze soms ook zijn. Slechts zelden wordt een belofte ingelost. In mijn geval zeker niet. Ik was nauwelijks talentvol.

Het maakt het daarom soms best bevreemdend om met regelmaat de jongens te spreken die de belofte wel wisten in te lossen. En ze dan later op televisie of op deze plaats te beoordelen.

Ik moest er aan denken toen ik vorige week in Voetbal International las: 'Feyenoord heeft nooit de echte Jhonny van Beukering gezien, ik had daar echt belangrijk kunnen zijn'. Aanvankelijk schoot ik in de lach, tot ik het stukje las, waarin Van Beukering zei: 'Ze mochten schrijven wat ze wilden, ik stond toch maar mooi in een volle Kuip'.

Daar had Jhonny een punt. Voor bijna elke journalist geldt dat hij dat stiekem ook dolgraag had gewild, maar uiteindelijk niet verder is gekomen dan het beoordelen van anderen. Waarbij beoordelen al gauw veroordelen wordt.

'Ze zijn hier zo lief', vertelde Van Beukering in het interview over Indonesië, waar hij nu zijn geld als voetballer verdient. De Nederlandse criticasters konden hem gestolen worden. Eens in de zoveel tijd zet je dat toch aan het denken.

Zoals vaker, afgelopen weekeinde. 'Momenteel wordt mij de les gelezen door mensen die nul wedstrijden hebben afgewerkt, omdat ze nul clubs hebben getraind', zei Arsène Wenger zaterdag over de kritiek in Engeland toen Arsenal in de FA Cup werd uitgeschakeld.

Ook in Nederland reageerde Jan Vertonghen nogal cynisch na de overwinning van Ajax: 'Nu kunnen al die orakels op tv hun mening weer bijschaven'. Klaarblijkelijk komen al die meningen toch behoorlijk aan.

Gaat het er inderdaad te hard aan toe? Is het onterecht om te constateren dat Fred Rutten misschien te vroeg zijn afscheid bekend heeft gemaakt en daardoor de absolute overtuiging bij zijn groep dreigt kwijt te raken?

Het programma voor de komende weken zal daar uitsluitsel over geven. Niet de gemakkelijkste opgave bovendien: Feyenoord en FC Twente thuis, NAC uit en dan SC Heerenveen weer thuis. Ga er maar aan staan.

En moet je een 19-jarige speler ontzien als hij zijn shirt uittrekt? Als je daadwerkelijk met het team bezig bent, zoek je toch je medespelers op? Mag er gelachen worden om al die mensen die zeggen dat het niet om hen gaat, maar om de club of het team? Ben je als voetballer of trainer soms terecht aangeschoten wild?

Gary Lineker gaf daar afgelopen weekend het antwoord op. De presentator van de BBC, zelf goed voor een jaarsalaris van 2,3 miljoen euro, vindt dat voetballers niet meer mogen verdienen dan verpleegsters of leerkrachten. Die zijn veel belangrijker voor de maatschappij, zo meent Lineker.

Waarheid als een koe, maar helaas niet erg reëel. De entertainmentbusiness die voetbal heet, is inmiddels volkomen ontspoord. Daar zorgen we met z'n allen voor.

Het inlossen van een belofte brengt dus lusten, maar ook lasten met zich mee. Voor spelers, trainers, scheidsrechters, bestuurders, maar ook voor presentatoren, columnisten of journalisten.

Het gaat op dit niveau niet langer om een gratis biertje of flesje wijn na een verloren weddenschap met een trainer, als je er als scheidsrechter weer eens helemaal naast zit. Tenzij je Jan Wegereef heet natuurlijk.