CANNES - Gisteren stelde Mick Jagger in Cannes de BBC-documentaire 'Stones in Exile' voor, over de legendarische dubbelaar 'Exile on Main Street' die in 1971 in de kelder van een in drugnevels gehulde Zuid-Franse villa in Zuid-Frankrijk werd opgenomen.
Jagger en zijn vriendin L'Wren Scott.
"Nixon zat in het Witte Huis, de Vietnamoorlog was nog bezig en Eddy Merckx won de Tour de France. Maar niks daarvan zie je in deze film". Zo introduceerde Mick Jagger gisteravond 'Stones in Exile' in de Quinzaine des Réalisateurs-sectie van het Filmfestival van Cannes.
De Stones zaten op droog zaad in 1971. Hun fortuin zat in hun neuzen, hun aders en in vastgoed. De Britse fiscus - die toen 93% belastingen hief op al wat je boven een miljoen pond verdiende - zat hen op de hielen en dus besloten de Stones te verkassen naar Frankrijk.
Hoofdkwartier nazi's
Keith Richards had in de buurt van havenstad Beaulieu villa Nellcôte gehuurd, die tijdens de Tweede Wereldoorlog als hoofdkwartier van de nazi's dienst had gedaan. Jagger woonde met Bianca al in Parijs en toen werd maar besloten in Keiths kelder te gaan opnemen, waar het toch wat koeler was.
Het werd een maandenlang bachannaal van seks, drugs en rock-'n'-roll. "We leefden op Keith-tijd", herinnert Charlie Watts zich, die lak had aan Frankrijk en Keiths heroïneverslaving. Hij was zowat de enige die er niet de tijd van zijn leven had.
Fotograaf Dominique Tarlé, die een namiddagje foto's kwam maken maar pas zes maanden later weer naar buiten rolde: "Ze hebben daar 'La Dolce Vita' van Fellini heruitgevonden". In en rond de villa wemelde het van de junks, drugdealers, hoertjes en mensen die anderszins niet meer wisten wie of waar ze waren.
Met 45 rond de tafel
William Buroughs kwam langs, Gram Parsons bleef er aan de heroïne hangen en de kok van dienst - 'fat Jacques' - reed om de zoveel dagen naar Marseille om er scheepsladingen dope in te slaan. "Vaak zaten we met 45 mensen rond de grote tafel, allemaal zo stoned als wat", mijmert toenmalig gitarist Mick Taylor.
En toch werd er schitterende muziek opgenomen. De mobiele studio stond onder de vensters geparkeerd. "Zo konden we op het dak van de truck springen mocht de politie binnenvallen", herinnert Anita Pallenberg zich, die er verbleef met de jonge Marlon, haar kind met Keith.
Vechtpartij
De Fransen hadden het niet zo op de Stones en op een nacht werden al hun instrumenten gestolen. Het kwam ook tot een vechtpartij tussen Keith en de havenmeester van Beaulieu. "Die dacht dat hij me de baas kon, maar Spanish Tony (Tony Sanchez, nvdr.) en ik sloegen hem verrot", herinnert Keith zich als bij wonder. Toch werd maar besloten de plaat af te werken in Los Angeles.
Heruitgave
'Exile On Main Street' werd aanvankelijk door de critici neergesabeld, maar de groezelige dubbelaar groeide uit tot een mijlpaal in de rockgeschiedenis en een baken in het oeuvre van The Stones. De plaat wordt volgende week opnieuw uitgebracht met tien extra nummers.
"Die waren niet verloren gegaan, alleen heeft er al die tijd niemand naar omgekeken. Ze lagen stof te vergaren, en het werd tijd dat we ze van het schap haalden", verklaarde Jagger gisteren.
Voor enkele nummers schreef hij nu pas tekst en zanglijnen. "Het was interessant me terug naar die periode te verplaatsen. 'Exile' is voor ons als een beduimeld fotoalbum. Alleen vragen we ons telkens af 'maar wie waren die mensen toch?'".
- Neem nu een abonnement op het AD


