Exclusief

Het beste van het AD

In AD+ vind je een selectie van onze beste verhalen. Elke dag alles van het AD lezen? Neem dan een abonnement.

Volledig scherm
© Saskia Berdenis van Berlekom

'Het gaat heel goed met mij'

post uit auschwitzGevangenen in Auschwitz stuurden tijdens de Tweede Wereldoorlog verplicht gecensureerde briefkaarten naar huis. Zo schreef Ernst Verduin in 1944 ironisch: ,,Het gaat heel goed met mij.'' Met zijn zus Wanda, die de oorlog niet overleefde, heeft Verduin een hoofdrol in een expositie over post uit kampen op 't Baarnsch Lyceum, waar beiden op school zaten.

Ernst Verduin (89) schenkt koffie in. ,,Ik heb in mijn leven niet zoveel meegemaakt hoor'', zegt hij met een glimlach. Hij ziet er nog goed uit voor zijn leeftijd. Zeker gezien de verschrikkingen die hij in de oorlog heeft meegemaakt. Verduin overleefde de oorlog de concentratie- en werkkampen Vught, Westerbork, Auschwitz, Monowitz en Buchenwald. Nu woont hij in een rustig dorp in de Betuwe.

Ondanks zijn hoge leeftijd bezoekt hij nog steeds middelbare scholen en universiteiten om te vertellen over de verschrikkingen in de kampen. De boekpresentatie van zijn boek Over Leven vond in november 2015 plaats op zijn oude school, Het Baarnsch Lyceum. Vanaf 14 september is op dezelfde locatie een expositie met brieven en kaarten van hem, zijn zus Wanda en acht andere kampgevangenen.

Uitmuntende leerling
Het zijn dikwijls aangrijpende poststukken. Zeker wie de geschiedenis ervan kent. Wanda (16) schrijft op 17 juni 1942 aan haar vriendin Els Nieuwenhuijzen vanuit een getto in Amsterdam-Zuid: 'Amsterdam is één grote gevangenis, de grenzen zijn de muren waar je je kop op kapot stoot'. Voor de oorlog zat Wanda op Het Baarnsch Lyceum, waar ze een uitmuntende leerling was. Op het moment dat ze de brief schrijft, mogen zij en Ernst (14) het getto niet uit.

Om de tijd te doden, stuurt Wanda vanuit Amsterdam wel twintig brieven aan haar vriendin. Het vermogende, niet-religieuze Joodse gezin Verduin wordt tijdens een Amsterdamse razzia in 1943 gearresteerd en op transport gezet naar Kamp Vught. De deportatie maakt meteen een einde aan de spontane briefwisselingen. In het concentratiekamp mogen kampbewoners niet vrijuit schrijven. Alleen gecensureerde post vindt nog zijn weg naar de buitenwereld.

De brieven gaan veelal over koetjes en kalfjes. Zo schrijft Wanda: 'Het gaat goed met ons, het is alleen zo ontstellend heet, dat ik heel graag een zomerblouse en sokken en sandalen zou willen'. Ernst Verduin: ,We wisten precies wat we wél en niet konden schrijven. Het was voor ons duidelijk dat we bijvoorbeeld niet konden schrijven dat iemand stokslagen had gekregen tot het vlees van zijn botten lag.''

Volledig scherm
Een briefkaart uit de collectie van het Joods Historisch Museum, die afkomstig is van Etty Hillesum. © AD

Eet alles op
Hij weet zich de situatie in het kamp nog goed te herinneren. ,,De eerste dagen hebben we echt honger geleden. De voorraden waren nog niet op orde en het kamp was nog niet eens helemaal afgebouwd. Kamp Vught was mijn leerschool voor later. Mijn vader zei: eet alles op wat je te pakken kan krijgen.''

Oom Ben Verduin uit Amsterdam stuurde op listige wijze verborgen brieven naar het gezin in Kamp Vught, vertelt Ernst. ,,Wij kregen voedselpakketten toegestuurd van mijn oom en ik weet nog dat een SS'er eens samen met mij zo'n pakket wilde openmaken. Hij was ervan overtuigd dat er een brief inzat. We hebben toen samen dat pakket opengemaakt, maar hij kon niks vinden. Het touw om het pakket heen was echter gemaakt van strengen papier. Daarin zat de brief verborgen. Bij het openmaken van het pakket had ik het stuk touw in de prullenbak gegooid. De SS'er heeft de brief nooit gevonden.''

Afscheid
Wanda en Ernst werden in september 1943 met de trein via Westerbork naar Auschwitz getransporteerd. ,,We wisten precies wat ons te wachten stond. Een SS-officier in Kamp Vught had ons verteld over de gaskamers'', zegt Verduin. ,,Dat het wel twintig minuten kon duren voordat je dood was. En als je dan nog leefde, werd je alsnog doodgeknuppeld.''

Bij aankomst in Auschwitz nam hij afscheid van zijn zus. Vrouwen en mannen werden gescheiden. ,,We hadden een kort gesprek waarin we spraken over de leeuweriken die we hoorden fluiten'', zegt Verduin. ,,Ze zei tegen mij: ik hoop voor je dat het niet te lang duurt. Ze hintte op de gaskamer. Dat is de laatste keer dat ik haar heb gezien.''

Ik wil niet dood
De gevangenen werden in groepen ingedeeld. Verduin: ,,Ik moest naar de linker groep. Die bestond uit de mensen die naar de gaskamer moesten. Ik ben toen naar een SS'er gegaan en heb hem gesmeekt of ik alsjeblieft naar de andere groep mocht.''

,,Ik zei tegen hem: Ik ben achttien jaar en ik spreek goed Duits. ik wil niet naar de gaskamer, ik wil niet dood! Toen kwam er een andere SS'er die zei dat hij me ter plekke dood zou slaan als ik nog één keer het woord 'gas' zou gebruiken. Hij meende het.''

Volledig scherm
Ernst Verduin met zijn oudere zus Wanda, die als gevolg van een nazi-experiment de Tweede Wereldoorlog niet overleefde. © Privéfoto

Werkkampen
Verduin ging, zo vertelt hij, terug in zijn groep staan totdat niemand meer op hem lette. Op het moment dat de wachthoudende SS'ers niet keken, stak hij heel bedaard over naar de andere groep. ,,Ik besefte: nu ben ik veilig.'' Hij werd met de rest van zijn rij opgehaald met een vrachtwagen om naar Monowitz, één van de werkkampen van Auschwitz, gebracht. Daar werd hij te werk gesteld.

,,Mijn vrouw heeft mij wel eens gevraagd of ik me schuldig heb gevoeld dat ik naar de andere kant ben gelopen. Het antwoord is 'nee'. Wat had het voor zin om me op te offeren? Niemand anders nam mijn plaats in. Ik heb op het juiste moment de goede keuze gemaakt.''

Later tijdens zijn verblijf in het kamp krijgt hij de opdracht om een briefkaart naar familie in Amsterdam te schrijven. Het wordt een kort bericht. Lieve familie, Het gaat heel goed met mij en ik hoop met jullie ook. Ik hoor vast snel iets. Doe de groeten van mij en Bob Verduin aan een ieder. Ernst.

Positief
,,Terwijl ik de briefkaart schreef, stond er een SS'er achter me. Die zei: ,,Zo goed heb je het hier toch niet?'' Maar ik schreef expres zo overdreven positief, zodat mijn familie zou begrijpen dat het juist heel slecht ging. Mijn moeder heeft de briefkaart inderdaad zo opgevat.''

Gevangenen kregen volgens Verduin vaker de opdracht om briefkaarten naar huis te sturen. De inhoud daarvan klopte in geen velden of wegen met de daadwerkelijke situatie in het kamp.

Verduin heeft vanuit Auschwitz twee keer een briefkaart verstuurd naar familieleden in Nederland. Elke maandag vond de selectie plaats van wie naar de gaskamer moest en wie mocht blijven werken.

Te zwak
Verduin, uitgeput door de dwangarbeid, voelde dat hij weleens te zwak zou kunnen zijn om nog door te mogen werken. Dan was zijn vonnis getekend. Er was nog één mogelijkheid. Op zaterdag stak hij tijdens het werk zijn duim expres tussen de bak van een kiepwagen. Zijn duim bloedde als een rund en hij werd naar de ziekenboeg gebracht, waar een verpleger de duim weer 'in elkaar zette'.

Hij kreeg een aantal dagen verlof tot hij weer was aangesterkt. Verduin overleefde vijf kampen en keerde na de oorlog met zijn moeder terug naar hun oude woonplaats Bussum.

Ernst volgde drie 'heel goede' jaren lessen op het gymnasium op Het Baarnsch Lyceum en ontving daar zijn diploma. Wanda werd door SS'ers opzettelijk besmet met tyfus, als onderdeel van een nazi-experiment. Ze overleed rond 15 februari 1944. Ook de vader van Ernst stierf in een concentratiekamp.

Emotioneel
Na de oorlog kreeg Verduin de dagboeken en brieven van zijn zus in handen. ,,Mijn moeder zei: lees ze maar niet Ernst, dat is veel te emotioneel voor jou. Toen heb ik er lange tijd niets uit gelezen.''

Jaren later las hij de dagboeken en brieven alsnog, samen met Kees, een jeugdvriend van Wanda. ,,Toen hebben we samen gehuild.''

Verduin koestert warme herinneringen aan Wanda, mede dankzij de post uit Kamp Vught. Zij was voor hem, het kleine broertje, een prachtig voorbeeld. ,,De laatste tijd denk ik weer veel aan haar. Dat komt door de tentoonstelling. Ik kon heel goed met haar opschieten. Ik bewonderde haar. Ja, ze was echt mijn grote zus.''

Waarom schrijf je me niet?

Het Baarnsch Lyceum is tussen 14 september en 13 oktober het decor van de tentoonstelling Waarom schrijf je me niet? Post uit de vergetelheid. Centraal staan de brieven van oud-leerling Wanda Verduin en de poststukken van acht andere gevangenen uit diverse concentratiekampen tijdens de Tweede Wereldoorlog.

In samenwerking met indebuurt Amersfoort