Ronnie O'Sullivan.
Volledig scherm
Ronnie O'Sullivan. © Getty

Genieten van de geniale gek Ronnie O'Sullivan

Morgen begint in Sheffield het WK snooker. Wij kijken, zoals eigenlijk elk jaar, uit naar één man: Ronnie the Rocket.

Door David Hessing

Snooker is niet een sport die in Nederland hele volksstammen aan de buis gekluisterd houdt. Je kan het vergelijken met whiskey. Veel mensen vinden het niet te zuipen, maar voor het selecte groepje liefhebbers is het puur genot. Als we die vergelijking even doortrekken, is een snookerwedstrijd met Ronnie O'Sullivan een glas 51 jaar oude Glenglassaugh. Voor de duidelijkheid, dat is een whiskey die bij de Gall&Gall 7000 euro per fles kost. Om maar even aan te geven wat voor snookeraar Ronnie O'Sullivan is. Een uitleg aan de hand van vijf stellingen.

1. Hij is de meest getalenteerde speler

Ronnie O'Sullivan met één van zijn vijf wereldtitels.
Volledig scherm
Ronnie O'Sullivan met één van zijn vijf wereldtitels. © Getty

Ronnie O'Sullivan is niet de meest gelauwerde speler ooit. Hij heeft niet de meeste wereldtitels, prijzen of onderscheidingen. Ter illustratie: de 41-jarige Engelsman staat slechts twaalfde op de huidige wereldranglijst. Je zou O'Sullivan dus moeilijk de beste snookeraar aller tijden kunnen noemen. Maar hij is wel de meest getalenteerde speler ooit. Zo wordt hij ook altijd aangekondigd voor aanvang van een wedstrijd. 'And now ladies and gentlemen, the most naturally gifted player that ever picked up a cue.'

Ergens is deze gloedvolle aankondiging natuurlijk verholen kritiek op zijn mentaliteit. Als O'Sullivan namelijk zijn talent had gekoppeld aan een ijzeren mentaliteit, had hij niet vijf wereldtitels gehad, maar minstens tien. Dan was hij gewoon door de speaker aangekondigd als de allerbeste ooit. Ronnie heeft alleen niet altijd zin in snooker, zijn mentale kracht is zijn zwakke plek. Hij laat toernooitjes schieten, neemt sabbaticals en wordt soms tijdens wedstrijden vermorzeld door zelfkritiek. Maar op dagen dat O'Sullivan er zin in heeft, en reken maar dat dit tijdens het WK het geval is, druipt de klasse en genialiteit van zijn spel.

2. Het is nooit saai als hij meedoet

Ronnie O'Sullivan op z'n sokken.
Volledig scherm
Ronnie O'Sullivan op z'n sokken. © Screenshot

Ronnie O'Sullivan is het enfant terrible van de snookersport. Genieten geblazen dus. Hij kan tegenstanders én zichzelf het bloed onder de nagels vandaan halen, en heeft een haat-liefde-verhouding met de pers. Daarnaast maakt hij regelmatig ruzie met de toernooidirectie. Vorig jaar nog liet hij opzettelijk de kans op een maximale 147-score lopen. Hij vond het prijzengeld van 10.000 pond, dat aan deze 9-darter van het snooker was gekoppeld, namelijk beledigend laag. Dus liet hij de eenvoudige laatste zwarte bal voor wat het was, de frame was immers al lang gewonnen, en ging hij weer op zijn plek zitten.

Hij heeft wel vaker van dat soort fratsen. Tijdens een wedstrijd op het WK van 2015 vond hij zijn schoenen een beetje knellen. Terwijl Ronnie op zijn sokken rustig wat ballen in het netje stootte, werd achter de schermen driftig gezocht in de reglementen. Uiteindelijk werd hem vriendelijk doch dringend gevraagd zijn schoenen weer aan te doen. Nog een voorbeeld? Begin dit jaar had hij het weer eens aan de stok met de snookerbond. O'Sullivan werd berispt voor kritiek die hij had geuit op een scheidsrechter en een fotograaf. Hij reageerde op deze berisping door in het volgende tv-interview met een robotstem korte, staccato antwoorden te geven.

3. Hij is met links bijna even goed

Een snookertafel is veel groter dan de gemiddelde pooltafel die je in kroegen tegenkomt. De witte bal ligt soms op een plek waar je er simpelweg niet bij kan. Althans, op een plek waar je de bal niet de gewenste richting op kan spelen. Daarom heeft een snookeraar hulpstukken tot zijn beschikking. 'The rest' is het meest gebruikte hulpstuk. Dat is de lange stok met een kruis aan het uiteinde waar je de keu in kan leggen tijdens het stoten. O'Sullivan heeft dat hulpstuk minder vaak nodig dan zijn collega's. Want als de situatie erom vraagt, stoot dit rechtshandige snookerwonder gewoon even met links.

En met akelige precisie dus, je weet niet wat je ziet. Alsof Michael van Gerwen even tussendoor met links een 180-score gooit. De eerste keer dat O'Sullivan dit kunstje flikte op een WK, werd zijn tegenstander Alain Robidoux boos. De Fransman vond de actie van weinig respect getuigen. Een tikje vernederend misschien ook. De reactie van O'Sullivan: 'Kan ik er wat aan doen dat ik met links beter ben dan hij met rechts?'

Ronnie O'Sullivan heeft 'the rest' minder vaak nodig dan zijn collega's.
Volledig scherm
Ronnie O'Sullivan heeft 'the rest' minder vaak nodig dan zijn collega's. © Getty

4. Hij heeft een boeiend levensverhaal

Het publiek applaudiseert voor Ronnie O'Sullivan.
Volledig scherm
Het publiek applaudiseert voor Ronnie O'Sullivan. © Getty

Ronnie O'Sullivan komt niet bepaald uit een chique millieu. Zijn ouders bestierden een sekswinkel, om maar eens wat te noemen. En in 1992 werd zijn vader Ronald veroordeeld voor moord, pas achttien jaar later kwam papa O'Sullivan weer uit de gevangenis. Daarnaast heeft Ronnie drie kinderen bij twee verschillende vrouwen. Dat is op zich niet zo bijzonder, maar de tweede vrouw heeft hij ontmoet bij een praatgroep voor drugsverslaafden.

Want inderdaad, O'Sullivan heeft enkele diepe dalen in zijn leven meegemaakt. Drugsverslaving en depressieve periodes zijn hem niet vreemd. En zoals gezegd neemt hij af en toe een sabbatical omdat hij het even helemaal heeft gehad met snooker. Het seizoen 2012/2013 heeft hij bijvoorbeeld overgeslagen. Wat hij deed om deze tijd te overbruggen? Werken op een varkensboerderij.

5. Hij heeft de bijnaam 'The Rocket' niet voor niets

O'Sullivan is geen treuzelaar. Natuurlijk, snooker is een sport waarbij je af en toe goed moet nadenken voordat je gaat stoten. Dus zelfs O'Sullivan neemt soms zijn tijd. Maar het liefst pakt 'The Rocket' een lekker hoog tempo waarin hij één voor één de ballen van de tafel werkt. Dan gaat hij tekeer als een vraatzuchtige stofzuiger. Op zulke momenten kun je als tegenstander slechts minzaam van je glas water nippen, en je vergapen aan de genialiteit van O'Sullivan.

Ronnie O'Sullivan is één van de snelste spelers in het circuit.
Volledig scherm
Ronnie O'Sullivan is één van de snelste spelers in het circuit. © Getty

Het beste voorbeeld van de snelheid waarmee O'Sullivan speelt, vond plaats op het WK in 1997. De 147-score die de Engelsman daar behaalde, was van zichzelf al oogstrelend mooi. Maar de snelheid waarmee hij dit deed, is bijna crimineel te noemen. In iets meer dan vijf minuten behaalde O'Sullivan de heilige graal van de snookersport. Het is altijd gevaarlijk om het zo te stellen, maar kenners zijn ervan overtuigd dat dit record nooit meer vebeterd gaat worden. Vooral omdat er helemaal geen noodzaak is het zo snel te doen. Als je het in meer dan twintig minuten doet, staat het publiek net zo goed op de banken. Kijk en geniet van dit hoogtepunt uit de Britse sportgeschiedenis.