Exclusief

Het beste van het AD

In AD+ vind je een selectie van onze beste verhalen. Elke dag alles van het AD lezen? Neem dan een abonnement.

Volledig scherm
Suzan Hilhorst: ,,Gemis wordt groter als je gelukkig bent.’’ © Shody Careman

Een kind verliezen kun je leren

Leven met een rafelrandSuzan Hilhorst (38) vertelt in ‘Sara en Liv’ het verhaal van de korte levens van haar twee dochtertjes. Ingetogen beschrijft ze hoe haar leven een rouwrand kreeg.

 Nils heeft een paar maanden geleden een tekening gemaakt. Suzan Hilhorst kijkt er als moeder met verwondering naar, omdat er zoveel onbevangenheid uitgaat van die vijf figuurtjes op het witte vel: mama Suzan, papa Jens, Sara, Liv en hijzelf. ,,We zijn in zijn ogen met vijf. Zijn zusjes zijn een deel van zijn leven, ze horen erbij. Voor Jens en mij geldt hetzelfde.’’

Tijdens de zwemles van de 5-jarige Nils staat ze weleens aan de kant van het bad met andere ouders. Dan komt soms die vraag. Waarop ze geen simpel ‘ja’ of ‘nee’ kan antwoorden: ‘is hij jullie enige?’. Suzan: ,,Ja is het makkelijkst. Maar dat voelt fout. Dan zou ik mijn Sara en Liv ontkennen. Ik zou kunnen zeggen: ‘nee, maar Nils is nog wel de enige voor wie we zorgen’. Die waarheid roept nieuwe vragen op. Vertel ik dat we in 2014 en 2015 twee dochtertjes als baby hebben ‘verloren’ vanwege een stofwisselingsziekte, dan verpest ik de stemming. Of ik word ‘die vrouw van…’ Ik probeer mijn werkelijkheid weleens te omzeilen. Om het niet ingewikkeld te maken, of ongemakkelijk.”

Binnenkort is Suzan Hilhorst ‘de schríjfster van’. Die haar werkelijkheid, en die van haar man en zoontje Nils, adembenemend mooi en rauw heeft opgeschreven in haar debuutboek Sara en Liv, dat deze maand verschijnt. Een verhaal over de geboorte, ziekte en dood van twee van haar drie kinderen en hoe de achterblijvers verder leven.

Een fascinerend boek, ook al verdragen dat begrip en het thema elkaar nauwelijks. Deels verteld vanuit haarzelf als moeder, deels vanuit het perspectief van Sara die alles waarneemt in die kleine wereld van het Rotterdamse Sophia Kinderziekenhuis. Vol medische apparatuur, dokters, verpleegkundigen, emoties en paniek. Waaruit ze langzaam wegglijdt. Dezelfde wereld waarin ze ook haar zusje Liv ziet terechtkomen. 

Ik droomde niet eens, ik zweefde mee met de bladeren in de lucht en stak zo nu en dan mijn hand uit naar een elfje of een bloem. Ik voelde het reanimeren niet. De druk op mijn borst, de naalden in mijn lijf. Ik voelde de angst niet die in de ruimte hing als een ondraaglijke, zware deken. Een ander zou het overleven noemen, mijn moeder noemde het hoop.
Uit: Sara en Liv

,,Ik ben blij met een boek dat er helemaal niet had mogen zijn. Het voelt raar’’, zegt Suzan thuis in Hilversum. ,,Ik wil het er het liefst de héle dag over hebben, echt. Maar ik was liever de moeder geweest die nu met haar dochters wandelde, dan de schrijfster die met een verslaggever aan tafel zit en het over dit boek heeft.’’

De woonkamer zit vol mensen. Ze zijn op kraamvisite, maar het kind is zoek. Het kind is dood. (...) Het is goed zo, we redden ons wel, er is niets aan de hand. We zijn tenslotte al ervaren. We weten precies hoe we dit moeten doen. Een kind verliezen kun je leren.

Volledig scherm
Suzan: ,,De kans dat je twee keer pech hebt, is miniem. Maar het overlijden van Liv leerde ons keihard dat een kans een kans is, hoe klein ook.’’ © Shody Careman

Krankzinnig toeval is het. Als het niet zulke schrijnende gevolgen had gehad was het een grappig verhaal gebleven: hoe Suzan in Nicaragua in een bus stapte, op weg naar een eiland voor de kust van Honduras, hoe die bus het onderweg begaf en ze met een halve dag vertraging de veerboot naar dat eiland nam. Was de bus gewoon blijven rijden, dan had Suzan op de veerboot Jens niet zien staan. Een Zweed. En waren ze niet verliefd geworden op het strand.

Was de bus blijven rijden, dan hadden ze later niet allebei juist die foute variant doorgegeven van dat ene gen, dat ze toevallig beiden hebben. Een gen dat nog 75 procent kans op een gezond kind geeft. Zoals Nils, kern­gezond resultaat van Zweeds-Hollandse liefde. En 25 procent kans op een ziek kind. Zoals Sara. Die amper twee maanden oud doodziek werd en overleed op 19 september 2014.

Al die wetenschap en kansberekening die het onvoorstelbaar logisch moeten doen klinken, kregen Suzan en Jens pas nadat dit een tweede keer gebeurde. Op 13 oktober 2015. Met Liv, die twaalf dagen leefde en wier ziekte en overlijden een kopie was van die van Sara. Van erfelijkheid, na Sara nog zo goed als uitgesloten, bleek wel degelijk sprake.

Ik draaide me naar hem toe. ‘Dat wij elkaar daar op die boot getroffen hebben. Hoe groot was die kans überhaupt? En dan dit, twee keer achter elkaar. (…..) Het is alsof…’ De man van het strand haalde zijn schouders op en keek me even vluchtig aan. ‘Alsof we eigenlijk niet bij elkaar horen.

,,Het leven was mooi, we waren ras-optimisten. Alles kon. Nils werd geboren en ik kreeg een baan als verslaggever/programmamaker bij de Vara. De zwangerschap van Sara verliep probleemloos. De kans dat een baby na een voldragen zwangerschap overlijdt is één op duizend. De dood van Sara was dus ‘pech’ volgens de artsen in het Sophia Kinderziekenhuis. De kans dat je twee keer pech hebt, is miniem. Alleen is het leven niet in cijfers en statistieken samen te vatten. Het overlijden van Liv leerde ons keihard dat een kans een kans is, hoe klein ook. Het klinkt wat cynisch, maar we kopen tegenwoordig staatsloten. Vanwege die kans, zeggen Jens en ik dan tegen elkaar.’’

,,Twee kinderen verliezen slaat een bres in je vertrouwen in de toekomst. Het leven is veel meer van uitersten geworden. Relativeren is ook niet meer ons sterkste punt: als Nils ziek is, al is het maar een verkoudheidje, denken we direct: ‘O, God….’ Plannen voor de toekomst zijn er voorlopig niet, we leven in het moment.’’

Quote

Hoe harder je lacht, hoe meer het verdriet binnenkomt

Suzan Hilhorst

,,Rouwen is een werkwoord. We moeten het onwerkelijke tot onze eigen werkelijkheid maken en niet te beseffen dingen tóch beseffen. Ik voel dat we daar langzaam klaar mee zijn. Nu komt het leven waarin we toch weer intens gelukkig kunnen zijn, maar daar dwars doorheen zullen we de pijn van het gemis extra voelen. Hoe harder je lacht, hoe meer het verdriet binnenkomt. Ja, gemis wordt groter als je gelukkig bent. We zeiden laatst tegen elkaar: ‘het is alsof je nooit meer onvoorwaardelijk kunt lachen’. Ook geluk is niet meer onvoorwaardelijk, maar komt altijd met een rafelig randje.’’

We liepen door het bos. (…..) We zagen hem op hetzelfde moment, de kleine groene stengel. De blaadjes zaten nog krampachtig om de gele bloem gevouwen, nog niet in staat om los te laten. De schone helderheid van de bloem overviel ons. Maar zijn boodschap was duidelijk: de mist was opgetrokken, de warmte van de zon gleed over de nieuwe aarde. Het was tijd. Tijd om wakker te worden. Om verder te leven.

Haar minutieuze beschrijvingen dankt Suzan Hilhorst aan haar gewoonte van alles een snelle notitie te maken. ,,Ik hoefde tijdens het schrijven al die aantekeningen alleen maar tevoorschijn te halen uit mijn telefoon. Ik wilde vroeger als kind twee dingen: eekhoorntjes verzorgen en ooit een boek schrijven. Ik werk voor de tv, maar schrijven maakt me gelukkig. Dat ik eerst twee kinderen moest verliezen om dat opnieuw te ontdekken, is wrang.
Ik wilde van dit heftige verhaal iets moois maken, geen boek waarin ik mijn verdriet verwerk. Nee, een ode aan het leven, een buiging voor de enorme betrokkenheid van artsen en verpleegkundigen in de kinderziekenhuizen en een liefdesverklaring aan mijn twee dochters. Ze zijn hier geweest en ik ben trots op ze.’’

DEBUUT

Suzan Hilhorst (38) is verslaggever en programmamaker bij de Vara. Haar persoonlijke verhaal bracht haar terug naar een oude liefde: schrijven. Sara en Liv is de debuutroman van Hilhorst, die figureerde in Coen Verbraaks indrukwekkende interviewserie Kijken in de ziel.
Sara en Liv verschijnt bij uitgeverij Hollands Diep, 19,99 euro.