Volledig scherm
Joris Demmink © ANP

Hof buigt zich over vervolging Joris Demmink

Het Gerechtshof in Arnhem buigt zich morgen over het voornemen van het Openbaar Ministerie (OM) om af te zien van de vervolging van oud-topambtenaar van Veiligheid en Justitie Joris Demmink. Volgens het OM is er geen bewijs gevonden voor seksueel misbruik van minderjarigen. Het is aan het Hof om te beslissen of de zaak definitief stopt. 

De voormalige justitiële topambtenaar Joris Demmink ligt al vijftien jaar publiekelijk onder vuur door geruchten en verdachtmakingen over seksueel misbruik van minderjarige jongens. Er liggen twee aangiftes van Turkse mannen die claimen in de jaren negentig in Turkije te zijn misbruikt door Demmink. Het OM heeft altijd gezegd geen aanwijzingen te zien voor strafbaar handelen.

De zaak tegen de voormalige topman leek eerder te stranden, tot het Hof in Den Bosch in 2014 oordeelde dat er alsnog een strafrechtelijk onderzoek moest worden gestart. Volgens het OM is er in dat onderzoek naar het misbruik in Turkije geen bevestiging gevonden van de eerder gedane aangiften. Justitie spreekt zelfs van ‘geen enkel belastend materiaal voor betrokkenheid van Demmink bij de beweerdelijke verkrachtingen’. Het OM geeft wel aan dat de Turkse autoriteiten geen medewerking hebben willen verlenen aan het onderzoek.

Opmerkelijk
De belangrijkste bevinding uit het onderzoek is dat Demmink in de jaren 1995, 1996 en 1997 'niet meerdere dagen achtereen aansluitend' in Turkije is geweest. Dat is van belang omdat het beweerdelijke misbruik in die periode langer dan een dag zou hebben geduurd. Opvallend genoeg heeft Demmink zelf altijd gezegd in die bewuste periode helemaal niet in Turkije te zijn geweest.

Het OM zal het Hof in Arnhem morgen vragen de zaak definitief te laten rusten. De advocaat van de Turkse mannen, Adèle van der Plas, zal het Hof op haar beurt vragen alsnog de zaak beter te laten onderzoeken. Zij stelt dat er wel degelijk genoeg bewijs ligt tegen Demmink.

Hoewel het OM nadrukkelijk heeft gevraagd de zaak morgen in het openbaar te behandelen, heeft het Hof besloten om de zitting achter gesloten deuren te houden. De wet staat openbaarheid van deze procedure volgens het Hof niet toe.