Joris Demmink
Volledig scherm
Joris Demmink © Ilya van Marle

'Justitiebaas had contact met pooier van jongetjes'

De topman bij het ministerie van Justitie heeft verschillende keren contact gehad met een pooier van minderjarige jongens. Dat verklaren meerdere getuigen in het AD. Ook zeggen ze hem met minderjarige jongens uit de nabijheid van deze pooier te hebben gezien. Een van de getuigen beweert dat de Justitietopman meerdere keren een Arabisch uitziend jongetje meenam.

Secretaris-generaal Joris Demmink (64) gaat over twee weken met pensioen. De afgelopen 10 jaar was hij de hoogste ambtenaar van het ministerie van Veiligheid en Justitie. Sinds 1982 bekleedt hij daar topfuncties die onkreukbaarheid vereisen.

Al jaren circuleren geruchten dat Demmink ontucht zou plegen met minderjarigen. Vorig jaar deden twee Turkse mannen aangifte tegen hem. Ze zeggen als tiener door Demmink te zijn misbruikt. Na een Rijksrechercheonderzoek besloot het Openbaar Ministerie geen vervolging in te stellen. Tot in de Amerikaanse senaat zijn hierover vragen gesteld.

Seksslaven
Meerdere ooggetuigen stellen nu dat Demmink begin jaren '80 contact had met crimineel Dick Willard. In de Haagse Schilderswijk stond Willard bekend als pooier van minderjarige jongens. Hij werd in 1991 vermoord door twee van zijn voormalige 'seksslaven'.

'Willard pochte over zijn klanten,' zegt de 62-jarige Nico van Empel. 'Ook over deze Demmink. Hij zei dat het een heel hoge ome was.'

De topman van Justitie zou ook zijn geobserveerd door leden van een Haagse hasjbende. Hun leider verklaart: 'Mijn mensen zagen jongens bij hem in de auto stappen. Het ging om jongens van niet ouder dan 15 jaar."

Demmink ontkent Dick Willard te hebben gekend. Zijn advocaat Harro Knijff schrijft: 'Ten aanzien van alle vragen over Dick Willard geldt dat deze persoon de heer Demmink volslagen onbekend is. De heer Demmink heeft mitsdien dan ook geen enkel contact met betrokkene gehad.'

Knijff dreigt met juridische stappen tegen deze krant. Twee Haagse getuigen zeggen hun verhaal onder ede te willen herhalen.