Exclusief

Het beste van het AD

In AD+ vind je een selectie van onze beste verhalen. Elke dag alles van het AD lezen? Neem dan een abonnement.

Volledig scherm
© Privéfoto

Warm hart voor Rijswijk

Van wieg tot grafRuud Freeth bestuurde Buurtschap Oud Rijswijk op uiterst vriendelijke en kameraadschappelijke wijze. Autoritair gedrag had hij, in zijn jeugd, genoeg gezien.

Ruud Freeth (26 december 1938 - 24 mei 2017) was 26 jaar lang voorzitter van Stichting Buurtschap Oud Rijswijk. Onder zijn leiding floreerde de club actieve Rijswijkers die zich ooit verenigden om zich met succes te verzetten tegen de plannen van de gemeente om het oude centrum te slopen. Ruud bestuurde op een aimabele en zachtmoedige manier. ,,We hebben hulp nodig tijdens een koffieochtend, mogen we een beroep op je doen'', zei hij als hij iemand zag wegkwijnen achter de geraniums. Ruud liet mensen in hun waarde en hielp ze zonder dat ze door hadden dat ze geholpen werden. Een vaardigheid die hij meekreeg van de twee vrouwen die hem, en zijn broers en zusjes, door de oorlog hielpen.

Ruud dankte zijn leven aan zijn oma en een sterke, lieve moeder die, terwijl opa en vader in een ander kamp zaten, het voor elkaar kregen om de rest van het gezin bij elkaar te houden in Tjideng. Een vrouwenkamp in Batavia waar een duivel in de vorm van een wrede, geesteszieke Japanse kampcommandant de leiding had.

Afgeranseld
Ruud vertelde dat hij zijn moeder afgeranseld zag worden toen ze volgens de Japanner niet diep genoeg boog. Over de andere gruwelijkheden waar hij als jongen getuige van was sprak hij met niemand. Behalve met zijn zus die erbij was geweest. Na de oorlog, en een angstige bersiapperiode waarin de Indonesiërs wilden afrekenen met de Nederlanders als voormalig kolonisten, ging het hele gezin op verlof naar Limburg. In het dorpje waar ze bij familie logeerden, dachten ze dat Ruud, zoon van een Hollandse moeder en een Indische vader, een neger was. Een heel pientere, die negens en tienen op school haalde. Na een periode terug te zijn geweest in Indonesië vestigde het gezin zich uiteindelijk in Rijswijk, waardoor aan een lange tijd van ontheemd zijn een einde kwam.

Ruud wilde niet meer naar de hbs, maar naar de school voor machinisten in Scheveningen. Hij monsterde aan op het bevoorradingsschip van de Willem Barentsz. Een walvisfabrieksschip dat in de wateren rond Antarctica walvissen verwerkte tot levertraan. Ruud was een kundig machinist die gewend was om te werken met het schaarse materiaal dat op zee voorhanden was.

Hij was begin dertig toen hij in de bowling op Scheveningen de vrouw van zijn dromen ontmoette. Ze was gescheiden en verdiende in haar eentje de kost voor drie kinderen. Vol bewondering bood hij aan om op te passen als ze werken moest. Er ontstond vriendschap die heel snel liefde werd. Ruud voedde haar kinderen als de zijne op.

Na een paar jaar bij installatiebedrijf Verkaart te hebben gewerkt begon Ruud voor zichzelf. Een klein maar succesvol bedrijf met onder meer de Amerikaanse ambassade als klant. Naast zijn werk en zijn familie had Rijswijk echter de hoogste prioriteit. Hij hield van de stad waar voor hem ooit de vrede was begonnen. Daarom zette hij zich, of het nu om parkeerbeleid of ondergrondse containers ging, 26 jaar lang met hart en ziel in voor het Rijswijkse belang.

Ruud Freeth stierf, volkomen onverwacht aan een bloedvergiftiging, op 78-jarige leeftijd.

In samenwerking met indebuurt Den Haag