Dick Bruna in zijn atelier
Volledig scherm
Dick Bruna in zijn atelier © Pal Hansen

Dick Bruna: Meester in eenvoud

InterviewIn maart 2013 sprak verslaggever Anne Bonthuis met reclameman Paul Mertz, een goede vriend van Dick Bruna.

Quote

Hij was een voortreffelijk kunstenaar, maar hij werkte er ook hard voor

Paul Mertz

Hij is die vriendelijke man met prachtige witte snor die tot twee jaar geleden elke ochtend naar zijn atelier in de Utrechtse binnenstad fietste. Ook is hij die legendarische kunstenaar die gerenommeerde prijzen won, de hoogste Koninklijke onderscheiding kreeg en door grote namen als Picasso en Rietveld werd geprezen om zijn bijzondere werk. Bovenal is hij de geestelijk vader - inmiddels opa vindt hij zelf - van de beroemde nijntje pluis. In 1955 zette hij haar voor het eerst op papier.

Voor bekenden een vertrouwd beeld: Dick Bruna gebogen over zijn doorleefde tekentafel onder het schuine dakraam in zijn atelier. Gewoon een zolder, noemde hij het zelf. Foto's van familie en vrienden, zelfgemaakte cadeautjes van kinderen, een bank waarop hij een dutje doet. In deze ruimte, vlakbij de Dom, zijn al zijn creaties geboren. Van boris beer tot betje big. En natuurlijk nijntje pluis. Zonder hoofdletters geschreven, want hoofdletters en punten laat hij consequent weg. Met beheerste penseelstreken, inclusief kleine bibber, vult hij zijn tekeningen van nijntje in. Hij eindigt met haar ogen in de vorm van twee grote, zwarte stippen en het beroemde kruisje, dat haar neus en mond verbeeldt. Soms is hij tevreden. Vaak ook niet. Dan begint hij gewoon weer opnieuw.

Volledig scherm
© anp

Voortreffelijk kunstenaar
,,Dat is zoals ik hem ken," vertelt goede vriend en reclameman Paul Mertz (74). ,,Met nijntje was hij heel precies. Als een lijntje niet helemaal deugde, moest het over. Hij was een voortreffelijk kunstenaar, maar hij werkte er ook hard voor. Elke ochtend op 't fietsje naar het atelier, onderweg een kop koffie en dan intensief aan het werk. Dat heeft hij tot zijn 84ste gedaan."

,,Ik heb een klein talent en ik moet heel hard werken om daar iets mee te doen." Dat zijn de bescheiden woorden van Bruna zelf, die sinds het neerleggen van zijn werk - net als zijn vrouw en kinderen - geen interviews meer geeft. Mertz interviewde zijn vriend in 2008 nog, tijdens een zondagochtendgesprek in het Centraal Museum. ,,Altijd wil ik nijntje weer beter en anders maken dan gisteren," zei hij toen. ,,Om de versjes te verbeteren heb ik pakken papier door mijn schrijfmachine gehaald. Ik dacht altijd: later word ik wel zekerder. Maar dat is precies andersom."

Ook in de gesprekken die schrijfster Céline Rutten een paar jaar geleden met hem voerde, praat hij over de spanning die hij nog elke dag voelde: ,,Ik mediteer tegenwoordig. Dat komt: ik ben zo gespannen, dat ik soms geen adem kan halen."

Quote

Iedereen vond me toch wel een beetje een rijmelaar

Dick Bruna

Rijmelaar
Zijn onzekerheid heeft hem nooit verlaten. Voor zijn miljoenen bewonderaars is dat moeilijk te begrijpen. Uit alle werelddelen krijgt hij post en komen kinderen hem bezoeken. Zijn vierkante prentenboekjes zijn in meer dan vijftig talen verschenen. Hij won tussen 1958 en 1975 vele prijzen met zijn werk als illustrator en ontwerper. Na 1990 werden ook zijn prentenboeken op waarde geschat. Hij ontving de Zilveren Penseel, de Gouden Penseel en de Zilveren Griffel voor zijn versjes in 'lieve oma pluis'. Op deze blijk van waardering voor zijn teksten was hij het meest trots. ,,Iedereen vond me toch wel een beetje een rijmelaar." In 2001 werd hij benoemd tot Commandeur in de Orde van de Nederlandse Leeuw, de hoogst mogelijke onderscheiding voor burgers.

,,Hij zal zichzelf nooit op de borst kloppen voor dat soort dingen, maar natuurlijk is hij trots," zegt Mertz. ,,De succesvolle musicals en film over nijntje, het bronzen standbeeld van nijn in Utrecht dat zijn zoon Marc heeft gemaakt, het dick bruna huis als onderdeel van het Centraal Museum. Dat is toch een hele eer. Prinses Laurentien was zelfs bij de opening van het huis. Ze was heel aardig. Maar al die toestanden, daar doe je hem eigenlijk geen plezier mee."

Bij de Tour in 2015 reden enkele nijntje-autos mee in de reclamekaravaan
Volledig scherm
Bij de Tour in 2015 reden enkele nijntje-autos mee in de reclamekaravaan © anp

Utrecht
Dick Bruna groeide op in een villa in Utrecht, samen met zijn jongere broer Frits. Zijn roepnaam dankt hij aan zijn kinderlijke molligheid, hij werd geboren als Hendrikus Magdalenus Bruna. Zijn moeder, Johanna Erdbrink, was het vrolijke middelpunt van het gezin. Zijn vader, Albert Bruna, was uitgever bij A.W. Bruna & Zoon. Hij was veel van huis en hield er tot verontwaardiging van zijn zoons vriendinnen op na.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog zat de familie ondergedoken in een huis bij de Loosdrechtse Plassen. Vader Bruna liep het risico naar Duitsland gestuurd te worden om te werken. Het was een saaie periode voor de kinderen, die zichzelf binnenshuis moesten bezighouden. Dick Bruna vermaakte zich met kunstboeken over Rembrandt en Van Gogh en begon zelf met tekenen en schilderen. De natuur was zijn inspiratie. Soms kreeg hij les van een illustrator of ontwerper van de uitgeverij.

Quote

Als je wilt dat het eind van de uitgeverij nabij is, dan moet je mij inzetten

Dick Bruna tegen zijn vader

Tekenen
Na de oorlog stuurde zijn vader hem op stage naar Londen en Parijs om het uitgeversvak te leren. Het was vanzelfsprekend dat hij als oudste zoon in zijn voetsporen zou treden. ,,In Parijs zag ik voor het eerst Picasso, Legér en Matisse. Al die grote schilders. Ik moet zeggen dat ik daar erg van onder de indruk gekomen ben," vertelt hij later over deze tijd. Hoewel hij zijn best doet om het vak te leren, krijgt hij de zakelijke kant niet in de vingers. ,,De hele administratie, dat soort dingen, daar begreep ik echt de ballen van. Toen ik terugkwam, heb ik tegen mijn vader gezegd: als je wilt dat het eind van de uitgeverij nabij is, dan moet je mij inzetten. Ik wilde alleen maar tekenen."

Hij vertrok naar de Amsterdamse Rijksacademie, waar hij niet kon aarden. Daarom onderwees hij zichzelf en werd ontwerper bij A.W. Bruna & Zoon. Hij ontwierp meer dan tweeduizend boekomslagen, affiches en posters, met name voor de populaire Zwarte Beertjes-poc-kets. Zijn eerste vierkante prentenboek maakte hij in 1953. Inmiddels zijn er meer dan honderdtwintig van verschenen. De boekjes van twaalf pagina's kennen eenvoudige illustraties met zwart gepenseelde contourlijnen en korte versjes.

Quote

Hij heeft iets unieks met kinderen. Als hij bij ons in de winkel was, zag ik: welke taal de kinderen ook spraken, hij kon met ze praten

Lia Reedijk

Iets unieks
,,Zijn illustraties hebben iets vriendelijks, vertrouwenwekkends en uitdagends. Als volwassene kun je bijna niet benoemen waarom kinderen er zo dol op zijn. Als de boekjes bij ons in de etalage staan, zie ik dat kinderen er meteen door worden gegrepen," vertelt Lia Reedijk, de voormalige eigenaresse van de Utrechtse Kinderboekwinkel. ,,Hij heeft iets unieks met kinderen. Als hij bij ons in de winkel was, zag ik: welke taal de kinderen ook spraken, hij kon met ze praten."

,,Het is die hartveroverende simpelheid," denkt Mertz. ,,Zijn werk is niet saai of opgeleukt, het is precies goed. Achter zijn covers en boeken zat altijd een idee. Hij hoefde kinderen niet per se een boodschap mee te geven, maar hij behandelde weleens onverwachte onderwerpen. Bijvoorbeeld een ziekenhuisbezoek of de dood van oma pluis. Zijn verhalen hadden niet altijd een happy end, maar lieten steevast zien dat het leven gewoon doorgaat." Zo schreef Bruna: 'oma hield heel veel van plantjes / daarom maakte nijntje pluis / van het graf een soort van tuintje / net als eerst bij oma thuis.'

Irene
Steun en toeverlaat bij het maken van zijn prentenboekjes was zijn echtgenote Irene. Mertz: ,,Hij liet nieuw werk altijd eerst aan haar zien. Als zij het niet goed vond, ging het simpelweg niet door. Ze was streng, maar dat had hij nodig. Al was het maar om twijfels te overwinnen."

Ook in het gezinsleven was Irene de stabiele factor. Het liefst zat Bruna zeven dagen per week in zijn atelier, dus de opvoeding van Sierk, Marc en Madelon rustte op haar schouders. Toch vonden zij hem een lieve vader en echtgenoot. Elke ochtend voor hij in alle vroegte op zijn fiets stapte, liet hij een tekeningetje op het ontbijtbord van Irene achter. Zijn kinderen stimuleerde hij in het maken van hun eigen keuzes. Rapportcijfers interesseerden hem niet. Als ze maar gelukkig waren. Hij liet hen kennismaken met verschillende kunststromingen en gaf advies over hun eigen werk. Madelon over haar sieraden, Marc over zijn beeldhouwwerk en Sierk over zijn tekeningen.

Bloemen op het nijntje-pleintje
Volledig scherm
Bloemen op het nijntje-pleintje © anp

Persoonlijk
Ook zijn vrienden en collega's getuigen van Bruna's warmte en aandacht. ,,Hij beantwoordde alle post van fans, stuurde elke medewerker persoonlijk een verjaardagskaart en kon slecht nee zeggen," vertelt Marja Kerkhof, directeur van Mercis, de uitgeverij van Bruna. Chagrijnig was hij ook weleens, vooral als zijn werk niet goed lukte. ,,Dat lijkt me menselijk," aldus Mertz. ,,Maar het bijzondere is dat hij altijd hetzelfde is gebleven. Buitengewoon eenvoudig. Met al dat geld kun je uitbundige, wulpse dingen doen. Maar ze wonen nog steeds in hetzelfde huis."

Twee jaar geleden maakte de opa van nijntje, van miljoenen kinderen en niet te vergeten zijn eigen zes kleinkinderen zijn laatste vierkante prentenboek. Een kind is hij naar eigen zeggen altijd gebleven, maar zijn lichaam wilde niet meer. Vlak voor hij zich terugtrok uit de publiciteit vertelde hij: ,,Waar ik het meest trots op ben, is dat mijn kinderen verder kijken dan cijfers. Dat ze alle drie creatief zijn. Als je creatief bent, geniet je zoveel meer van het leven..."

In samenwerking met indebuurt Utrecht

Utrecht