Exclusief

Het beste van het AD

In AD+ vind je een selectie van onze beste verhalen. Elke dag alles van het AD lezen? Neem dan een abonnement.

Volledig scherm
© Robin van Lonkhuijsen

Liefde voor de stad

ColumnHalina Reijn schrijft wekelijks over wat haar bezighoudt.

Over 'ons' Amsterdam wordt veelvuldig geschreven. De stad zou ten prooi zijn gevallen aan toeristen, vastgoedhandelaars en handhavers die geen authentieke daklozen of anarchistische krakers dulden. Huur is niet meer te betalen, honderd jaar oude drogisterijen moeten plaatsmaken voor ticketshops, en in oma's oude huisje is de zoveelste Nutella-winkel gevestigd.

Ateliers verdwijnen, dure kledingwinkels komen ervoor in de plaats. De armere mensen worden steeds verder ­buiten het hart van de stad gedreven. Onze smalle straatjes, grachtjes en steegjes ­worden steeds dichter bevolkt door kuddes die geleid worden door enthousiaste gidsen met vlag. Complete Amerikaanse gezinnen wagen hun leven op huurfietsen, tot woede van de Amsterdammer.  

De weg naar het Rijksmuseum kan zeker op zaterdag en zondag niet zonder slag of stoot worden afgelegd. Maar omdat mijn nieuwe collega uit Londen zich geen leukere activiteit kan voorstellen, wagen we het er toch maar op. Ook wij krijgen een gids, zonder vlag - dat dan weer wel - maar zeer kundig en bekwaam. Hij legt ons uit dat Amsterdam in de 17de eeuw de meest welvarende stad op aarde was.

Van over de hele wereld trok men naar ons kikkerland om in Amsterdam zijn geluk te beproeven. Het leven was hard en vooral duur. Toen Rembrandt geen zin meer had om mooie portretten van welgestelde heren en dames te schilderen, raakte hij aan lagerwal. Hij verloor zijn bezittingen en werd ook nog eens getroffen door persoonlijk leed.

,,Uiteindelijk werd hij gedwongen te ­verhuizen naar de Rozen­gracht!" Niet begrijpend ­staren wij de beste man aan. Wat is daar mis mee? Onze gids legt ons uit dat de Rozen­gracht, waar je tegenwoordig een kek appartementje koopt voor een half miljoen, in die tijd werd gezien als een achterbuurt.

Ook nu kunnen kunstenaars hun ateliers niet meer betalen en moeten ze uitwijken om te kunnen overleven. Jonge mensen komen de huizenmarkt niet op tenzij ze rijke ouders hebben of de loterij hebben gewonnen. De stad waar ik over een week tijdelijk naartoe verhuis, heeft een nog veel grotere woningnood. Daar is de vierkante meter zo duur dat niemand het zich meer kan veroorloven te kopen, behalve exorbitant rijke vastgoedmagnaten.

Misschien is dat de toekomst van Amster­dam. Voorlopig is de oudste supermarkt van Amsterdam nog altijd tegenover mijn huis gevestigd en doet ze het meer dan goed ondanks de Albert Heijn en de Organics om de hoek. Ook wonen er genoeg oudere en wat minder fortuinlijke mensen in mijn buurtje. Een straatje verderop heeft een jonge kunstenaar zijn intrek genomen in een normaal gesproken niet te betalen pand.

,,Anti-kraak!", roept hij enthousiast. En als bekende figuur geniet ik op zondag van al die toeristen, want ik word in de buurt van mijn huis nooit herkend. Ik probeer de positieve kanten van mijn welvarende, uit zijn voegen barstende stad te blijven zien, want zeker nu ik bijna vertrek naar Londen is mijn liefde voor haar groter dan ooit.

Exclusief

Het beste van het AD