Volledig scherm
Jonge torenvalk die net is geringd. De wasknijper is nodig om de zojuist gelijmde ring op zijn plek te houden. © Verbrugge Douwe Anne

Torenvalk floreert in Kockengen

Vogels ringen,,Ga jij de ladder op, Johan?" Op vier meter hoogte hangt een torenvalkenkast in de wilgenboom. Een minuutje later daalt Johan Tuls weer naar beneden. Inclusief een emmer met drie jonge torenvalken. Klaar om geringd te worden.

Zo'n vijftien kinderen en bijna net zoveel ouders duiken vanochtend bovenop de emmer met daarin de drie grijs getinte pluizenbollen. De scherpe snavel en scherpe blik van de drie jongelingen vallen op. De nestkast in de polder langs de Wagendijk is opgehangen door de Natuurgroep Kockengen (NGK). ,,Dit jaar hebben we een recordaantal aan gevulde torenvalkenkasten, twaalf stuks", vertelt vogelliefhebber Jan de Lange. NGK-nestor Paul Vlaanderen weet dat dit sinds de jaren tachtig niet meer is voorgekomen. ,,En dat is best bijzonder, want landelijk gezien gaat het minder goed met de torenvalk."

Vogelringer Johan Tuls beaamt het verhaal van Paul Vlaanderen. Als coördinator van de 'Nestkastenwerkgroep Woerden' is hij actief in deze regio. ,,Gelukkig weet de torenvalk hier aardig stand te houden. Waarom? Dat weten we niet precies. Daarom is het ook zo belangrijk om ze te ringen. Op die manier kunnen we onderzoek doen naar hun leefgebieden en hun trekgedrag." 

Quote

Door de vogels te ringen kunnen we onderzoek doen naar hun leefgebieden en hun trekgedrag

Johan Tuls

Tuls legt aan de kinderen uit dat hij de jonge torenvalken twee ringen omdoet. Een reguliere maar ook een nieuw soort ring. ,,Op die nieuwe staat met grote letters een nummer. Met je verrekijker kun je dat nummer lezen als de torenvalk in een boom zit of op een hek. Dan hoef je 'm niet te vangen. Zo hopen we meer meldingen te krijgen van vogelaars die 'm hebben gezien, want we willen echt meer inzicht krijgen in de leefstijl van de torenvalk."

Volledig scherm
Johan Tuls uit Woerden ringt onder belangstelling van Kockengense polderjeugd een jonge torenvalk. © Verbrugge Douwe Anne

Vanuit de emmer klinkt een piepend gekwetter. Twee jonkies zijn inmiddels geringd. Nu is de laatste aan de beurt. ,,Deze is het oudst", bepaalt Tuls als hij de vleugels heeft opgemeten (98 mm lang) en de felle pluizenbol gewogen (182 gram). ,,Het beste is om ze te ringen als ze tussen de tien en twintig dagen oud zijn. De poten hebben dan al dezelfde dikte als een volwassen beest. Als ze ouder zijn dan twintig dagen, kunnen ze je behoorlijk vastgrijpen met hun klauwen, dat is geen pretje. Soms doe ik ook wel eens een bouwvakkershelm op, omdat vader of moeder torenvalk een aanval op mij doet."

Verkenningstochtjes

,,Deze jonkies zijn zo'n vijftien dagen oud", vertelt Jan de Lange die de nestkasten week in, week uit in de gaten houdt. ,,Over een paar dagen vliegen ze hun eerste verkenningstochtjes. Ze zitten geregeld al op de rand om naar buiten te kijken. Ik weet van een torenvalk die we vorig jaar juni hebben geringd, dat deze vier maanden later in Algerije werd gesignaleerd. Bijna niet voor te stellen, toch!"

Voordat de jonge roofvogels weer teruggaan naar hun vertrouwde nestkast, aait de polderjeugd nog snel de koppies van de jonge vogels. Soms met wat terughoudendheid, het blijven vinnige beesten. Tuls: ,,Het is belangrijk kinderen te betrekken bij dit werk. Vergrijzing slaat toe onder de vogelringers. Alleen in Kockengen hebben we dit jaar al 270 vogels geringd. Jonge aanwas is welkom!"

In samenwerking met indebuurt Utrecht

Utrecht