Volledig scherm
Tamara Scholten heeft maar één klasgenoot op de hbo-opleiding tot mbo-leraar in een technisch beroep. © Frank Jansen

Met deze studies ben je verzekerd van een baan

Sommige opleidingen trekken nauwelijks leerlingen terwijl werkgevers schreeuwen om nieuw personeel. Vier studenten vertellen over met zijn tweeën in de klas zitten en vanaf lesdag één weten dat je een baan krijgt. En werkgevers delen hun zorgen over uitblijvende sollicitatiebrieven.

Julius van Hooijdonk (20), vierdejaars mbo-student Kapitein Binnenvaart aan het Scheepvaart- en Transportcollege in Rotterdam.

Volledig scherm
Julius van Hooijdonk is verliefd op het vak. © Frank de Roo

,,Jongeren hebben vaak een verkeerd beeld van de binnenvaart. Zij denken dat je altijd van huis bent of zelfs op het schip woont. Dat hoeft niet, je kunt ook in de weekeinden of zelfs elke avond thuis zijn. Ik kies juist voor de binnenvaart omdat je minder lang weg bent dan bij de zeevaart of marine." 

Elke dag reist Julius anderhalf uur heen en terug vanuit het Brabantse Lepelstraat naar school in Rotterdam. ,,De opleiding overtreft mijn verwachtingen. De binnenvaart is zoveel meer dan varen alleen. Er zijn interessante procedures en er zijn meer soorten werk dan ik dacht: droge lading, tankschepen, passagiersschepen... Ik wil de Rijn leren bevaren en daarna alles meemaken: van de smalle stukken richting Frankrijk tot varen tussen de bergen in Roemenië. Maar eerst ga ik vier maanden naar Cyprus voor mijn kantoorstage." 

Dat er zoveel banen zijn, noemt hij 'een fijne bijkomstigheid'. ,,Anders is je studie tijdverspilling. Na mijn stage ben ik al gevraagd om aan boord te blijven. Ik heb ervoor gekozen eerst mijn opleiding af te maken, omdat wij ook ondernemerschap leren. Mocht ik ooit mijn eigen schip willen, dan heb ik die kennis nodig."

René Overveld, manager bij Interstream Barging.

Volledig scherm
René Overveld wil dat de binnenvaart sexy wordt. © Interstream Barging

,,Wij komen zo tien matrozen tekort, op het personeelsbestand van 180 man. Het is lastig om mensen te vinden voor de binnenvaart, het vak lijkt niet sexy. Pas nu het hoog water is, gaan mensen even kijken bij de rivier maar ze hebben geen idee wat al die schepen doen", zegt René Overveld. 

Zijn bedrijfstak zou veel meer energie moeten steken in de bekendheid van de binnenvaart, vindt hij. ,,Want niks is fijner dan een haven verlaten en één zijn met je ploeg en schip. Geen dag is hetzelfde. In ons bedrijf werken mensen één week hard en de week erna zijn ze thuis bij hun voetbalclub en partner. Ons personeel werkt maar 25 weken per jaar, voor goede salarissen. Waar vind je dat nog? Vooralsnog worden onze eigen schepen bemand door Nederlandssprekend personeel, maar als er geen nieuwe aanwas komt, wordt dat steeds minder. We proberen van alles, zoals het veranderen van de internationale wetgeving, waardoor ook zeevaarders makkelijker kunnen overstappen naar de binnenvaart."

Sanne Rijkelijkhuizen (18) is derdejaars mbo-student werkvoorbereider timmerindustrie aan het Hout- en Meubileringscollege in Rotterdam.

Volledig scherm
Sanne Rijkelijkhuizen. © Frank de Roo

,,Op open dagen vertel ik altijd enthousiast over de opleiding en toch schrijven maar weinig jongeren zich in. Waarom? Misschien omdat je veel achter je computer zit en goed moet zijn in rekenen." Sanne vindt die aspecten juist leuk en daarom koos ze deze vervolgopleiding, nadat ze eerst haar 'timmerdiploma' haalde. ,,Nu leer ik omgaan met teken- en rekenprogramma's. Ik teken niet alleen huizen maar bereken ook de kosten en kies de materialen van de trappen, kozijnen en deuren." 

Ze heeft maar tien klasgenoten en noemt dit clubje hecht. ,,Maar als we als groep een trekkershut moeten bouwen, kom je eigenlijk handen tekort." Dat niet alleen klasgenoten maar vooral werkgevers staan te springen om extra handen, weet ze. ,,Stage-adressen bieden bijna altijd direct baangaranties." 

Zelf kan ze niet wachten om een contract te tekenen, als een van de weinige vrouwen in het houtwereldje. ,,Maar dat vind ik juist gezellig. Mannen hebben vaak meer humor dan vrouwen." 

Taco Schoonderwoerd, directeur timmerfabriek Adriaan van Erk in Bergambacht.

Volledig scherm
Taco Schoonderwoerd heeft werkvoorbereiders nodig. © Frank de Roo

,,Doordat de markt aantrekt na de crisis en onze medewerkers vergrijzen, is er volop behoefte aan werkvoorbereiders - zij zijn de spil tussen de klant en de fabriek", vertelt Schoonderwoerd. ,,Het is zelfstandig werk met carrièremogelijkheden en je zit warm en droog op kantoor. De nadruk op dit kantoorwerk groeit ook nu de timmerindustrie steeds meer gemechaniseerd wordt." 

En toch is het vak maar lastig onder het voetlicht te brengen. ,,Daarom zet ik mij op allerlei manieren in: ik sta op open dagen, stel het bedrijf open voor bezoekers, overleg met de brancheverenigingen en de scholen. Alles om de instroom op de opleiding te laten groeien. Dat lukt. Volgens mij waren er vorig jaar maar 8 inschrijvingen en dit jaar zijn het er 19."

Het liefst neemt hij zijn stagiairs direct in dienst. ,,De rest van het personeel vinden we eigenlijk alleen nog met hulp van een detacheringsbureau. Goed opgeleide vakmensen kunnen tegenwoordig overal aan de slag. Ook de bouw heeft een tekort aan werkvoorbereiders, we vissen allemaal in dezelfde vijver."

Tamira Scholten (25), vierdejaars hbo-student Technisch Beroepsonderwijs, richting motorvoertuigentechniek aan de Hogeschool Rotterdam.

Volledig scherm
Tamira Scholten. © Frank Jansen

Een. Één klasgenoot heeft Tamira nog op de hbo-opleiding tot mbo-leraar in een technisch beroep. ,,We zijn met elf studenten begonnen en alleen mijn vriend en ik zijn nog over. Ik doe motorvoertuigentechniek, hij mechatronica", vertelt zij. Na de havo wilde Tamira bij de politie, maar ze was te jong. ,,En omdat ik niet naar het hbo durfde en al van jongs af aan van auto's hou, schreef ik mij in voor de mbo-opleiding tot technisch autospecialist. Dat beviel, maar ik merkte dat ik het óók leuk vond om instructies te geven. Daarom ben ik daarna aan deze deeltijd hbo-opleiding begonnen. Ik werk nu, naast mijn studie, op mijn oude mbo-school. Ik probeer bij mijn leerlingen te lobbyen voor het leraarschap maar het lijkt velen stom. Ik snap dat niet: het salaris is prima, je hebt veel vakanties en er zijn doorgroeimogelijkheden. Ik ben nog niet eens officieel begonnen en wil niet anders meer.''

Arien Reygoudt, directeur van de school voor autotechniek en mobiliteit van het Mondriaan College in Den Haag.

Volledig scherm
Arien Reyngoudt. © Frank Jansen

,,Reacties op een vacature? Die krijg ik allang niet meer. Ik zoek niet eens meer naar docenten, ze zijn er toch niet. Vroeger volgden mensen uit het bedrijfsleven een lerarenopleiding in de avonduren. Wie weet wat kan ik daar ooit nog wat mee, dachten zij. Voor elke vacature kreeg ik reacties van mensen die hun kans schoon zagen. Die tijd is passé", vertelt Reyngoudt.

Nu moet hij zelf actief op zoek. ,,Ik richt me op mensen die zelf werken in de werkplaats en vraag of zij bij ons aan de slag willen als instructeur. Vervolgens bied ik ze de kans om didactische vaardigheden aan te leren. Voor drie instructeurs betalen wij nu de complete lerarenopleiding, de boeken en de reiskosten."

Volgens hem heeft de autobranche het voordeel dat de overstap naar lesgeven aantrekkelijk is. ,,Het salaris is op school in veel gevallen hoger dan in de werkplaats. Vanuit de ICT of mechatronica stappen mensen echt niet snel over." Reyngoudt zoekt ook in zijn eigen klassen naar potentiële docenten. ,,Ik zeg op elke diploma-uitreiking: studeer door voor het leraarschap en kom terug naar school om te werken. Tamira is wat dat betreft het perfecte voorbeeld. Zodra zij afstudeert, bied ik haar een contract aan. Een docent als zij laat ik niet meer los."

Thijs Roeling (25), vierdejaars mbo-student Medische Instrumentatietechniek aan Techniek College Rotterdam.

Volledig scherm
Thijs Roeling: ,,Deze opleiding heeft alles in zich.'' © Frank de Roo

,,Ik wilde een technisch vak met veel sociale contacten, het liefst in de zorg. Deze opleiding heeft alles in zich en omdat de klas zo klein is, krijgen we bovengemiddeld veel aandacht van de docenten. Geen van mijn zestien klasgenoten is een rauwdouwer met tuinbroek en zware shag: allemaal willen we graag mensen helpen. Het voelt dankbaar om straks een bloeddrukmeter, een infuuspomp of een MRI-scanner te kunnen repareren op het moment dat een collega hierom vraagt. In het ziekenhuis is altijd wat te doen en je hebt met verpleegkundigen, laboranten, artsen en patiënten te maken. Dat vind ik mooi."

Het is een geruststellend idee dat hij straks waarschijnlijk niet lang hoeft te zoeken naar een baan. ,,Mijn klasgenoot had zijn cv op een vacaturesite gezet en is binnen één dag drie keer gebeld. Zonder diploma!" Toch denkt hij dat 'het vieze handen-verhaal' anderen ervan weerhoudt om zich in te schrijven voor dezelfde technische opleiding. ,,Maar ik heb hiervoor de opleiding tot elektricien gevolgd. Dát was vies werk. Het eventuele contact met patiënten dat ik nu heb, vind ik niet onhygiënisch. Ik hoor juist thuis in het ziekenhuis."

Huib Oostenrijk, coördinator medische technologie in het Maasstad Ziekenhuis in Rotterdam.

Volledig scherm
Huib Oosterwijk (foto) snapt niet dat er zo weinig studenten als Thijs Roeling zijn. © Frank de Roo

,,Toen ik 32 jaar geleden in dit vak begon, werkten we met vijf technici in een ziekenhuis met hetzelfde aantal bedden. Nu zijn we met bijna twintig man in dit ziekenhuis. We onderhouden 7.000 apparaten en dat worden er alleen maar meer. En ze worden ingewikkelder. Dat betekent dat we meer personeel nodig hebben, dat ook nog wil bijleren." 

Elk jaar komen er tien, twaalf gediplomeerden van de opleiding. Van de lichting van vorig jaar heeft het Maasstad Ziekenhuis er drie in dienst. ,,Wij hebben het geluk dat we dicht bij de opleiding zitten. In de rest van het land is het moeilijker om aan personeel te komen."

Oostenrijk snapt niet waarom er zo weinig leerlingen zijn. ,,Het is een boeiend vak. We zijn een belangrijke schakel in het ziekenhuis. Met kerst werd ik opgepiept omdat de beademing in het brandwondencentrum niet goed werkte. De arbeidsvoorwaarden zijn goed. De werkweek telt maar 36 uur, we bieden vastigheid en investeren tienduizenden euro's in het bijscholen." 

Hij hoopt dat de opleiding populairder wordt. ,,Want als het aantal inschrijven zo laag blijft, moeten we op den duur mensen aannemen die niet met overgave voor dit vak kiezen en niet weten wat het inhoudt."

Elke ochtend up-to-date met het laatste nieuws uit Rotterdam en omstreken? Schrijf je hier gratis in!