Volledig scherm
Anneke van der Straaten is industrieel ontwerpster én hovenier. © Pim Ras Fotografie

Zij combineren twee banen. Omdat ze dat leuk vinden

Ze zijn met steeds meer: blije banenstapelaars. Waar in de crisis mensen vaak twee banen hadden uit financiële noodzaak, doen nu steeds meer mensen het uit positieve overwegingen. 

Drie dagen in de week werkt Anneke van der Straaten (39) als zelfstandig industrieel ontwerper vanuit haar werkkamer thuis, maar maandag is haar ‘tuindag’. Dan fietst ze naar Eck en Wiel, een dorpje aan de Lek, waar ze als hovenier een stuk van een hectare onderhoudt. ,,Het is de achtertuin van een dame die een drukke baan heeft en het zelf niet allemaal kan bijhouden. Ik kom iedere maandag bomen zagen, onkruid wieden en wilgen knotten. Betaald.”

Ze begon er vijf jaar geleden mee. ,,Ontwerper zijn is een fijn beroep, maar ook eentje waar je dagen achter elkaar op je werkplek zit zonder collega’s en, in mijn geval, vaak zonder strakke deadlines. Vijf jaar geleden dacht ik: ik wil werk waar ik naar toe kan en dat klaar is als ik naar huis ga. Iets buiten, iets fysieks. Zo kwam ik in de tuin terecht.”

De afwisseling in soorten werkzaamheden vindt Van der Straaten het grootste voordeel. Het één versterkt bovendien het ander. ,,Als ontwerper is het fijn om op zo’n tuindag creatieve ideeën te laten zakken. Al op de fiets beginnen er kwartjes te vallen, van: ah, zó wil ik het aanpakken. En dan krijg ik er nog voor betaald ook!”

Voor de klas

Sanne Pit (41) combineert ook twee banen: hij werkt als aardrijkskundeleraar op een middelbare school en als zelfstandig IT-adviseur, drie om twee dagen. Ondanks dat zijn eigen bedrijf goed loopt en hij het leraarschap financieel gezien niet per se ‘nodig’ zou hebben, behoudt Pit bewust de combinatie. ,,Ik vind voor de klas staan het leukste wat er is. Dat doe ik vier ochtenden in de week. Maar met alléén maar lesgeven zou ik iets missen. De contacten die ik op doe met mijn eigen bedrijf vergroten mijn blik op de wereld en maken dat ik andere kwaliteiten kan inzetten.” Ook energie-technisch komt de combinatie Pit goed uit. ,,Na een hele dag lesgeven ben ik behoorlijk ‘af’. Met alleen de ochtenden is het een stuk beter vol te houden.”

Tekst gaat verder onder de foto.

Volledig scherm
Sanne de Pit voor de klas in Amersfoort. © Pim Ras Fotografie

Volgens de laatste cijfers van het CBS heeft een groep van ruim 700.000 mensen, zeven procent van de beroepsbevolking, een tweede baan. Ze worden ook wel slashies genoemd: schrijver slash barista – om maar eens wat te noemen. Het totaal van die groep banenstapelaars bleef de afgelopen jaren redelijk stabiel, maar de samenstelling van die groep is wel veranderd. Zo groeit de groep mensen die twee banen in loondienst hebben (tussen 2011 en 2016 een groei van 16 procent) minder hard dan de groep mensen die een baan in loondienst combineert met het werken als zzp’er (groei van 36 procent).

Zij doen dat niet uit louter financieel gewin, maar vooral voor de positieve effecten. Afwisseling in werkzaamheden en ‘mezelf kunnen ontwikkelen op meerdere gebieden’ staan volgens het CBS hoog op het motivatielijstje.

Klinkt aantrekkelijk, maar toch zijn er volgens de Sociaal-Economische Raad (SER) nog teveel hindernissen voor mensen met een duobaan. Bij verzekeringen, pensioenregelingen en roosters is er te weinig aandacht voor mensen met twee banen. In een rapport van maart 2018 adviseert de Raad dan ook aan de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid om maatregelen te nemen zodat banenstapelaars niet slechter er vanaf komen dan mensen met één baan.

Mopperen

De roostermaker op de middelbare school van Sanne Pit ‘moppert’ inderdaad wel eens op zijn duobaan-eisen. ,,Omdat ik in de middagen voor mezelf werk, denken sommigen: dan kun je toch wel even terug komen voor een vergadering? Maar zo werkt het niet. Ik zeg dus tegenwoordig dat ik ‘ergens anders werk’. Dat klinkt toch wat definitiever.”

Pit heeft zijn pensioen en verzekeringen geregeld via zijn vaste werkgever; dat is voldoende om in geval van ziekte van rond te komen. Anneke van der Straaten doet alles als zzp’er; de twee verschillende beroepen binnen dat zzp-schap maken het voor haar niet ingewikkelder. Wél een nadeel vindt ze de onduidelijkheid die haar banenstapeling soms brengt. ,,Mensen vragen me: wat doe je nu eigenlijk? Tuinen onderhouden of ontwerpen? Ondanks dat ik maar één dag in die tuin werk, blijft dat beter hangen bij mensen. Gevolg is dat ik vaak moet uitleggen dat ik óók industrieel ontwerper ben.”

Voor docent Sanne Pit is het schaken op meerdere borden het grootste nadeel. ,,Het kan vrij hectisch voelen. Dan zie ik tijdens mijn les een belangrijk mailtje binnenkomen waar ik het liefst meteen op zou antwoorden, maar dat kan dan niet.” Toch zou hij niet anders willen. Hij denkt zelfs dat dit soort ‘hybride docentschap’ de toekomst is. ,,Twee dagen lesgeven is leuk, maar vijf dagen trekken veel mensen niet. Terwijl: als je accountant bent bij een KPMG, hoe leuk is het dan om twee keer per week je kennis te delen met een jonge doelgroep? Dat zou een uitkomst zijn voor het onderwijs.” 

Lees de beste artikelen op het gebied van werk en carrière via onze wekelijkse nieuwsbrief