Volledig scherm
PREMIUM
Monne de Miranda werd nadat hij door kapo's was bekogeld met bakstenen en zand, door medegevangene Elie Cohen in een kruiwagen teruggebracht naar het kamp. © Museum Flehite/Tekening George Kopinsky

Doodgemarteld door kapo's

TOEN EN NUKamp Amersfoort was in de oorlog voor velen een helse plek. Wie waren zij en wat overkwam hun? In deel 5: Monne de Miranda. Hoe een prominente Jood werd doodgemarteld.

Volledig scherm
Monne de Miranda. © IISG

Als Monne de Miranda in Amsterdam ging wandelen, telden zijn kinderen trots hoe vaak hun vader, een prominente sociaaldemocraat, werd gegroet.

De Miranda werd geboren in het straatarme gezin van een diamantslijper in de verkrotte Jodenbuurt van Amsterdam. Toen hij 11 jaar was, haalde zijn vader hem van school. Hij moest de kost verdienen: twaalf uur per dag, zonder schaft, in een vuile, donkere fabriekshal met oorverdovend lawaai.

Die moeilijke omstandigheden legden de basis voor zijn gedrevenheid en ambities. De Miranda werkte zich, pienter en ambitieus als hij was,  door zelfstudie op van leerling-diamantslijper tot een voorname vakbondsman en wethouder. In Amsterdam kreeg hij bekendheid, doordat hij arbeiderswijken liet bouwen, krottenwijken saneerde, opkwam voor een goede voedselvoorziening voor de armen en tijdens de crisis grote werkgelegenheidsprojecten zoals het Amsterdamse Bos initieerde.

De bouw van zwembaden en wasruimtes maakten hem populair ('Wil je baaie, wil je swemme, mot je De Miranda stemme!').

In samenwerking met indebuurt Amersfoort

Amersfoort