Amsterdamse horecabazen over verlenging coronamaatregelen: ‘Een ramp, 100 procent’

Amsterdamse kroeg- en restauranteigenaars wisten dat de verlenging van de horecasluiting eraan zat te komen, en toch reageren ze geschokt. ‘Onze omzet is voor 100 procent geamputeerd.’

Een café op het Leidseplein sluit de deuren op 15 maart, de dag dat de horecasluiting van start ging.
Volledig scherm
Een café op het Leidseplein sluit de deuren op 15 maart, de dag dat de horecasluiting van start ging. © ANP

“Ik hang net op met m’n accountant,” zegt Michiel van der Eerde, chef en eigenaar van restaurants Bar Baut en C, en evenementenlocatie Baut. “We hebben drie gezonde bedrijven en houden het nog wel tot juni uit, maar ik moet realistisch zijn. De lonen worden voor 90 procent vergoed – maar als je omzet voor 100 procent geamputeerd wordt, red je het daar niet mee. Ik heb ook nog de huur van onze panden, verzekeringen, de kassalicenties heb ik al een jaar vooruitbetaald… kosten zoals gemeentebelastingen en huur worden opgeschort, al krijg je die dan later voor je kiezen.” 

De horecaondernemer die zich nu géén zorgen maakt, heeft het goed voor elkaar, zegt Van der Eerde, wiens restaurants deze week een ophaalservice starten. “Je kan wel je handje ophouden, maar als je nog íets van omzet kan genereren, moet je dat doen.”

Op een rijtje

Van der Eerde is niet de enige die de afgelopen drie weken in allerijl een financieel plaatje heeft geschetst, zegt Pim Evers, voorzitter van de Amsterdamse tak van branchevereniging Koninklijke Horeca Nederland en eigenaar van veertien zaken in de stad, waaronder Hannekes Boom, Cannibale Royale en Disco Dolly. De verlenging van de horecasluiting zat er dik in, waardoor veel ondernemers driftig aan het rekenen zijn geslagen – hoelang kunnen ze het uitzingen zonder inkomsten?

Dat de horeca gesloten blijft tot minstens 28 april is enigszins een meevaller, omdat veel ondernemers rekening hebben gehouden met 1 juni. Toch acht Evers de kans miniem dat de boel daarna weer volop op gang komt – Mark Rutte zei ook al dat de kans reëel is dat de maatregelen nogmaals worden verlengd. “Ik hoop dat we na 28 april weer rustig mogen opstarten, met bijvoorbeeld minder tafeltjes en veel hygiënische maatregelen. Zodat je op een veilige manier toch nog uit eten kan.”

En dan alsnog gaan niet alle ondernemers de verlenging trekken. De Amsterdamse restaurants en kroegen hebben misschien gouden jaren achter de rug; omzetten moesten met steeds meer zaken gedeeld worden, en veel ondernemers hebben vanwege de voorspoed recent geïnvesteerd in hun panden en interieurs. “Het is godzijdank nog een klein groepje, maar ik heb toch al best wat ondernemers gesproken die me overstuur vertelden dat ze eigenlijk nu al op een faillissement afstevenen. ”

Hamburger of sushi

Momen Al-Azhar, eigenaar van de twee Syrische restaurants Sham in West en Oost, kan nog net het hoofd boven water houden. De verlenging van de horecasluiting noemt hij een ramp. “100 procent. Ik probeer te onderhandelen met mijn huurbazen, want ik heb achttien mensen in dienst die ik graag wil doorbetalen. Met een lening en hulp van vrienden red ik het gelukkig nog, zegt mijn boekhouder.” Al-Azhar is begonnen met maaltijden bezorgen. Hoe dat gaat? “Comme si, comme ça. Nederlanders vinden Syrisch eten bestellen apart. Het is geen hamburger of sushi.”

De horecasluiting heeft echter niet alleen effect op de kleine ondernemers. Ook een grote horecabaas als Riad Farhat, een van de ‘Drie Wijzen uit Oost’ die negentien tenten in de stad runt (onder andere De Biertuin, Bar Bukowski en Pacific) zet zich schrap. Hij heeft rekening gehouden met een worstcasescenario en zich financieel veilig gesteld tot 1 juni, dus in die zin valt de huidige verlenging mee. “Als de overheidssteun op tijd komt, moeten we het redden.” 

Knip

Toch is het niet zo dat hij het veel langer kan uithouden, puur omdat hij meerdere zaken heeft. “Sommige zijn echt nog prematuur; het duurt jaren voordat je dan weer vet op de botten krijgt. Met La Cervecería op het Beukenplein waren we pas vier maanden geleden begonnen. Aan het nieuwe Bar Bonnie op de Amstelveenseweg hebben we twee jaar gewerkt. Dat café kunnen we niet eens openen.” Farhat maakt zich vooral zorgen om zijn vijfhonderd man personeel, en hoe de situatie er na de horecasluiting uit zal zien. Of mensen massaal de hand op de knip zullen houden, of dat zijn café’s alleen open mogen met de helft aan clientèle, waardoor zijn omzet ook dan gehalveerd blijft. 

“Ik heb me twaalf jaar lang kapot gewerkt voor mijn zaken, dat kan zomaar over een paar maanden niet meer bestaan. Natuurlijk zou dat verschrikkelijk zijn. Het is een heel heftige situatie.”

Huurconflicten

Nu restaurants, cafés, clubs en hotels tot minstens 28 april hun deuren dichthouden, moeten volgens branchevoorzitter Pim Evers ten eerste vastgoedverhuurders zich soepeler naar horecaondernemers opstellen. “Sommigen schelden een deel van de huur kwijt of geven uitstel, maar ik ken ook ondernemers die van hun huurbaas te horen hebben gekregen: je betaalt gewoon, anders beginnen we een uitzettingsprocedure. Wij willen echt dat Economische Zaken die verhuurders nog strenger toespreken. Ook zij moeten een deel van de pijn pakken.” 

Daarnaast moet het stadsbestuur aan de bak om deze zomer weer toeristen te trekken, zegt Evers. “Amsterdam moet nu snel op de kaart worden gezet, zodat niet alleen de toeristen ons straks weer weten te vinden, maar dat hier ook weer grote conferenties worden georganiseerd. Op alleen Amsterdammers kunnen onze restaurants niet draaien.”