Amsterdamse parken worden steeds drukker

De parken zijn populair, maar ook steeds drukker waardoor minder Amsterdammers daar komen voor hun rust. Voor groen nemen ze ook genoegen met pleinen, plantsoenen, kades en speeltuinen dicht bij huis.

Volledig scherm
© anp

Nu tijd en ruimte schaarser worden, zoeken Amsterdammers het groen graag dicht bij huis. Recreatiegebieden buiten de stad zoals het strand, het Amsterdamse Bos en ‘t Twiske worden de laatste jaren minder bezocht door Amsterdammers.

Grote Groenonderzoek

Die trends komen uit het Grote Groenonderzoek dat het gemeentelijke statistiekbureau OIS om de vijf jaar doet. Het aantal Amsterdammers dat weleens naar een recreatiegebied gaat is sinds 2013 gedaald van 67 naar 62 procent. Daar staat tegenover dat het bezoek aan parken toenam, van 89 naar 93 procent van de Amsterdammers.

Het bezoek aan ‘buurtgroen’ dichtbij huis zoals plantsoenen en speelplaatsen won nog het meest aan populariteit. In 2013 maakte 54 procent van de Amsterdammers daar weleens gebruik van, terwijl dat vorig jaar 61 procent was.

De onderzoekers verklaren de populariteit van de parken en het overige groen dicht bij huis door de alleen maar doorgezette groei van de stad. Amsterdammers wonen klein, dus als het even kan gaan ze naar buiten of spreken daar af, zelfs voor kinderpartijtjes. Het Vondelpark wordt het meest bezocht, maar bijna alle parken binnen de Ring A10 krijgen royale rapportcijfers.

Het wordt misschien zelfs een beetje te druk. Vooral de drukke parken worden minder gebruikt voor lichaamsbeweging. De onderzoekers werpen de vraag op of sporters worden verdrongen door drukte en fietsverkeer. ‘Joggen in een overvol park is wellicht niet zo aantrekkelijk.’

Dat effect is vooral te zien in het Vondelpark en het Oosterpark. Aan de andere kant: het aantal Amsterdammers dat zegt een park te gebruiken om te joggen is óók gestegen.

Rust

Wel wordt rust als reden om het park op te zoeken duidelijk minder vaak genoemd. In 2008 noemde 47 procent van de ondervraagden dat nog als reden en in 2013 daalde dit al naar 41 procent. In 2018 was het gemiddeld nog maar 37 procent.

Het lijkt erop dat binnen de Ring Amsterdammers steeds vaker hun toevlucht zoeken tot ‘buurtgroen’ – kleinere alternatieven voor een park, soms zijn ze zelfs niet eens groen. Als voorbeelden worden kinderboerderijen, plantsoenen en pleinen zoals het Amstelveld genoemd, maar ook kades, zoals de Weesperzijde, het Marineterrein en de kop van Javaeiland.

Dat is ook de les die de onderzoekers trekken voor het groenbeleid. De behoefte aan dit soort alternatieven wordt alleen maar groter, juist nu de gemeente voor woningbouw in de eerste plaats kijkt naar ‘verdichting’ binnen de bestaande stad.

Groenvisie

Wethouder Laurens Ivens (Groen) gaat het onderzoek gebruiken bij het opstellen van de Groenvisie, die volgend jaar zal worden besproken met de gemeenteraad. ‘Amsterdammers met een drukke agenda en een woning zonder tuin willen snel en gemakkelijk gebruik kunnen maken van groen,’ schrijft hij in een brief aan de gemeenteraad.

Ivens onderstreept ook dat Amsterdammers dik tevreden zijn over hun parken. Gemiddeld krijgen die een 7,2 en niet één park krijgt een onvoldoende. Het Amstelpark krijgt nog het hoogste cijfer, een 8. Volgens de onderzoekers komt dat ook door de ligging waardoor het minder dan andere parken wordt gebruikt door fietsers.

Als ergernissen over de parken worden vooral evenementen genoemd, gebrekkig onderhoud, honden, fietsers en zwerfvuil.

Overigens worden ook de recreatiegebieden buiten de stad nog steeds zeer op prijs gesteld. Zelfs al worden ze minder vaak bezocht, onder meer de duinen en het strand, het Amsterdamse Bos en ‘t Twiske krijgen hoge rapportcijfers. Het bezoek aan ‘t Twiske stijgt ook, maar dat zijn dan blijkbaar geen Amsterdammers.

De Tuinen van West wordt genoemd als groengebied dat de laatste jaren sterk vooruit is gegaan. De onderzoekers merken verder op dat het Noorderpark en het Rembrandtpark duidelijk in opkomst zijn.