Pas eind dit jaar duidelijkheid toekomst AEB

Amsterdam neemt tot het eind van het jaar de tijd om te verkennen of samenwerking tussen AEB en coöperatieve vuilverbranding HVC mogelijk en haalbaar is, en welke kosten dit met zich meebrengt. Commerciële partijen worden in de wacht gezet.

Volledig scherm
© ANP

Dat schrijft het stadsbestuur in een brief aan de raad. Woensdagochtend trad financieel wethouder Udo Kock (D66) af omdat zijn voorkeursvariant, een privatisering van AEB met hulp van een commerciële partij, geen steun kreeg van de collega-wethouders.

Het college van b&w, en de coalitiepartijen GroenLinks, PvdA en SP, willen dat AEB, dat sinds juli in grote problemen verkeert, in publieke handen blijft. Nu is Amsterdam nog enig aandeelhouder van AEB. Door toe te treden tot de coöperatieve vuilverbranding HVC, eigendom van 44 gemeenten en zes waterschappen, worden investeringsfondsen en commerciële afvalverwerkers die zich hebben gemeld om AEB over te nemen buiten spel gezet.

De vuilverbranding was tot 2014 een afdeling van de gemeente, werd verzelfstandigd, maar heeft sindsdien moeite om op eigen benen te staan en zorgde vaak voor onverwachte problemen.

Concurrentie afvalmarkt

Via HVC moet AEB een stabiele organisatie worden die kan concurreren op de afvalmarkt, hoopt Amsterdam. “HVC beschikt over de mogelijkheid om met menskracht, organisatorische en technische deskundigheid AEB snel te integreren in hun organisatie,” schrijft het stadsbestuur. “Daarmee brengen zij het bedrijf weer op orde, niet alleen technisch maar ook de benodigde verandering in de cultuur van de organisatie.”

Tegelijk houdt Amsterdam zeggenschap om duurzame projecten te kunnen blijven uitvoeren, zoals afvalscheiding. “Met deze gekozen voorkeursrichting wordt de ruimte aan Amsterdam geboden om grondstoffen naar eigen inzicht te vermarkten,” zegt het stadsbestuur. Ook houdt HVC zich bezig met onderzoek naar geothermie, een duurzame vorm van energieproductie waar Amsterdam veel belangstelling voor heeft.

De financiële consequenties van een overname van AEB door HVC worden nu in kaart gebracht. AEB staat voor ruim 140 miljoen euro in de boekhouding van de stad, ook staat nog een lening van 108 miljoen euro uit aan het bedrijf. Er is in de zomermaanden tevens een noodkrediet ter beschikking gesteld aan AEB van 5,3 miljoen euro. De verandering gaat hoe dan ook geld kosten, waarschuwt het stadsbestuur. Ook zal Amsterdam in de toekomst waarschijnlijk veel minder rendement ontvangen dan het nu krijgt als AEB wel goed draait, zo’n 5 miljoen euro per jaar.

Pas als blijkt dat een samenwerking met HVC niet gaat lukken, wil Amsterdam nadenken over een verkoop aan investeerders of een fusie met een ander bedrijf. Eind 2019 moet de gemeenteraad een definitieve keuze maken.

Ook HVC reageert positief op de voorgenomen samenwerking. “De komst van gemeente Amsterdam en inbreng van AEB-activiteiten leidt idealiter tot een versterking van HVC als geheel,” aldus het bedrijf in een statement. “Het is immers onze missie om de HVC-gemeenten, -waterschappen en -inwoners koploper te maken op het gebied van hergebruiken van grondstoffen en het verduurzamen van de energiehuishouding.