Qlatsch volgt Sal Meyer op in Buitenveldert

AchtergrondVoor een koosjer broodje halfom, pekelvlees of ossenworst vind je nu een nieuwe zaak op de plek waar tot voor kort Sal Meyer zat. Qlatsch heeft een grotere kaart, met dezelfde nesjomme.

Volledig scherm
Het interieur van Qlatsch herinnert in niets aan voorganger Sal Meyer. ‘Ach, aan alles komt een eind.’ © Jakob van Vliet

Het restaurant is amper twee weken open maar elk tafeltje is donderdag rond lunchuur bezet. “We hebben Sal Meyer erg gemist, vooral de gezelligheid. Even een broodje en een praatje,” zegt Ruthi Schonker. “Het ziet er prachtig uit met de groene kleur en houten materialen. Het heeft veel meer smoel. De tafels staan verder uit elkaar gezet. Nu heb je meer privacy.” Schonker bestudeert uitvoerig de kaart. “Er staat geen gemberbolus op,” constateert ze. “En ook geen kroketjes,” zegt vriendin Micky Gosman.

Yemenitische soep

De nieuwe eigenaar Sharon Cohen (35) heeft niet alleen het interieur – een creatie van designer Thijs Murré, bekend van Jimmy Woo, Disco Dolly en Lion Noir – maar ook de kaart aanzienlijk veranderd. Op de lunchkaart staan naast de vertrouwde broodjes halfom en pekelvlees ook ‘pulled’ zalm, pulled beef, salades, Israëlische salade, Yemenitische soep en ‘trends’ als in de oven geroosterde aubergine of bloemkool met tehina. Kok Goria van Qlatsch raakte geïnspireerd door de bekende Israëlische chef Eyal Shani in Tel Aviv, met restaurants in Parijs, ­Wenen, Melbourne en New York.

“We zijn ook een restaurant, doen catering en maken sjabbatmaaltijden,” zegt Cohen. De naam Qlatsch komt van het Jiddische klatschen. “Het betekent: ik rommel maar wat aan. Maar intussen is alles prima voor elkaar,” weet een bezoeker.

De nieuwe kaart is soms even wennen voor de gasten. “Sommigen missen het broodje pekel met jus, anderen vragen om zuur. Dat komt dan ook terug,” zegt Cohen.

Jaap Groenteman zit aan een hoge tafel bij het raam. Hij kwam al in 1957 bij Sal Meijer in de ­Jodenbreestraat en verkaste mee toen de broodjeszaak begin jaren zestig werd voortgezet op de Nieuwmarkt onder de naam ‘Meyer’ met i-grec. Ook Carla Rabbie kwam er met haar vader Jacob Rabbie, standwerker op het Waterlooplein. ‘Broodje Meyer’, een broodje met nesjomme, was een begrip voor Joods Amsterdam.

Foto’s van de muur

In de jaren tachtig verkaste het bedrijf naar de Scheldestraat, waar Sals schoonzoon Maurits Blog en zijn dochter Marjan de zaak runden. In 2015 kwam het bedrijf in handen van Claudia Koppert, die het onder de naam ‘Sal Meyer’ voortzette in Buitenveldert. In maart van dit jaar gaf ze er de brui aan.

De zaak herinnert in niets aan de oude broodjeszaak. De foto’s van vroeger zijn van de muur gehaald. Koppert vroeg 350.000 euro voor de overname en dat heeft niemand willen betalen. “Sal Meyer is een goed merk. Wij houden de naam,” zegt Koppert desgevraagd.

Harry Leever, een trouwe klant van Meyer, vindt het wel jammer dat de naam nu verdwenen is. “Meyer kende een bepaald sfeertje. Veel jongens van Ajax kwamen er. We kenden elkaar allemaal. Maar wel fijn dat het weer open is,” zegt Leever, die een hap van zijn broodje ossenworst neemt. “Heerlijk belegd, niet zo zuinig als bij Maurits. Alleen die sla hoeft er van mij niet op. Ik wil gewoon een Amsterdams broodje, met zure ui of zoetzure augurk.”

Geheim

De broodjes zijn niet dezelfde als die van Blog. Hij had zijn eigen recept en dat ‘geheim’ ligt bij de BV Meyer. Het brood van Qlatsch komt van Broodhuys Meijer in de Kastelenstraat.

“Het is geen broodje Meyer meer. Maar de pulled beef is een mooie vervanger. Ach, aan alles komt een eind,” zegt Chaim Schottland.

Het eten bij Qlatsch is koosjer. Een toezichthouder die elke dag aanwezig is, ziet daarop toe. Maar Cohen mikt niet alleen op Joodse klandizie. “Wij mikken veel breder. We zijn ook hip. Onze naam begint daarom ook met een Q.”