Volledig scherm
De vijf militairen van de Oranjekazerne in Schaarsbergen tijdens de eerdere zitting. © Aloys Oosterwijk

Vrijspraak voor ‘pesters’ op militaire kazerne Schaarsbergen

Vijf militairen van de Oranjekazerne op Schaarsbergen zijn maandagmiddag vrijgesproken van stelselmatige misdragingen tegenover drie collega’s. De rechtbank in Arnhem acht niet bewezen dat zij zich zo’n zes jaar geleden schuldig hebben gemaakt aan bedreiging en mishandeling.

Eerder werden zij beschuldigd van diverse misdragingen. Volgens de Militaire Kamer van de rechtbank is er te weinig bewijs daarvoor. Ook zijn er te veel onwaarschijnlijkheden en tegenstrijdigheden in verklaringen en zijn er te veel twijfels of deze misdragingen door alle vijf zijn gedaan. 

De beschuldigingen waren eerder niet mals. Zo zou er vaker over een van de slachtoffer heen zijn geplast. Ook werd een van de leden van de Luchtmobiele Brigade verdacht van aanranding. Hij zou zijn billen bij twee andere militairen in het gezicht hebben gedrukt, wat in militaire kringen ook wel ‘drie man tillen’ wordt genoemd. Tijdens de eerdere zitting was het nog onduidelijk of deze aantijging wel of niet is verjaard.

Het Openbaar Ministerie eiste aan het begin van deze maand taakstraffen van 40 tot 240 uur voor de soldaten van Schaarsbergen. Met hun voorbeeldfunctie zouden ze eigenlijk zelfs onvoorwaardelijke celstraffen verdienen, sprak de officier. Maar die zag de vele media-aandacht voor de militairen en de politieke ophef die vanaf eind 2017 ontstond als verzachtende omstandigheden.

Beschuldigingen altijd ontkend

Twee van de vijf militairen zijn nog altijd in dienst bij Defensie, de drie anderen niet meer. Het vijftal heeft de beschuldigingen aan hun adres altijd ontkend. Hun advocaten pleitten eerder al voor vrijspraak. Volgens de raadslieden leken de verklaringen van de aangevers op elkaar afgestemd en waren die wisselend over wie nu precies wat heeft gedaan.

Was geld misschien het ware motief om de vijf militairen van wangedrag te beschuldigen? Dat is wat één van hun advocaten iets minder dan drie weken geleden opperde.

Bij de eerdere rechtszaak stonden de verklaringen van de drie slachtoffers en die van hun vermeende plaaggeesten lijnrecht tegenover elkaar. Aanvullend bewijs was niet voor handen. Beschuldigingen over onder meer verkrachting konden daardoor bijvoorbeeld niet worden vervolgd.

Algemeen Dagblad gebruikt je persoonsgegevens om deze reactie te kunnen plaatsen. Meer informatie vind je in ons privacy statement

In samenwerking met indebuurt Arnhem