Volledig scherm
© Mercedes-Benz

‘Aandacht verslapt in semi-autonome auto’

Autofabrikanten werken met man en macht aan autonome auto's, maar voorlopig is dat nog altijd een brug te ver. En dus moeten automobilisten hier en daar bijspringen met een stuur- of remingreep. Volgens website Deingenieur.nl is de mensheid hier niet goed in.

Onderzoekers van de Amerikaanse universiteiten Rice University en Texas Tech University namen de proef op de som door 60 proefpersonen te laten plaatsnemen in een simulator die een verregaand autonome auto simuleerde. In het begin was het gemiddelde slagingspercentage (het aantal keer dat de proefpersoon terecht ingreep gedeeld door het aantal obstakels op de weg) 88 procent. Na verloop van tijd reageerden de meeste proefpersonen echter steeds slechter op gevaarlijk situaties. Het slagingspercentage daalde met tussen de 7 en 21 procent.

De proeven van beide Amerikaanse universiteiten onderschrijven de conclusies van de Nederlandse promovendus Arie Paul van den Beukel van de Universiteit Twente. Hij beweerde eerder ook al dat een (semi-)autonome auto de taak voor de bestuurder alleen maar lastiger maakt. ‘In een semiautonome auto zijn we veel minder betrokken bij het autorijden zelf, maar we blijven verantwoordelijk. Dat maakt het er niet makkelijker op, want we moeten de boel bewaken; een taak waar mensen van nature niet goed in zijn', zo meldt hij aan website De Ingenieur.

Kijk hier hoe jij slimmer van A naar B komt in 2030:

  1. Wordt dit de nieuwe Kadett, ooit dé publiekslieveling van autorijdend Nederland?
    Interview

    Wordt dit de nieuwe Kadett, ooit dé publieks­lie­ve­ling van autorij­dend Nederland?

    Opel gaat een nieuwe toekomst tegemoet onder de vleugels van het Franse PSA. Ruim 35 jaar lang was Opel de favoriet van de Nederlandse automobilist, maar in 2004 kwam daar een eind aan. Keren de tijden van de Kadett, de publiekslieveling van weleer, terug? ,,Ik denk dat we met onze elektrische auto's in Nederland inderdaad weer nummer één kunnen worden’’, zegt topman Michael Lohscheller.