Volledig scherm
Seat-baas Luca de Meo bij een Cupra, de sportieve tak van de autofabrikant. © Seat

Seat slaat de vleugels uit

Seat Het Spaanse Seat ontpopt zich langzamerhand tot een kroonjuweel binnen het veelgeplaagde VW-concern. ‘Wonderboy’ Luca de Meo wil met zijn merk een wereldspeler worden.

Quote

Cupra gaat het beste van het beste maken, hopelijk straalt de trots af op de rest van de organisa­tie

Luca de Meo

We schrijven 1950. Spanje likt zijn wonden na een verscheurende burgeroorlog. Net als in de rest van Europa staat alles in het land in het teken van de economische wederopbouw. In die context wordt in mei 1950 de Sociedad Española de Automóviles de Turismo – oftewel Seat – opgericht. Het eerste model is een middenklasser met de typering 1400, die in Barcelona van de band rolt.

In de beginjaren richt het merk zich vooral op de Spaanse markt. Dankzij een licentieoverkomst zijn alle modellen tot halfweg de jaren 80 technisch nauw verwant met wat Fiat in zijn gamma heeft. Maar Seat wil meer zijn eigen koers varen en zoekt een andere partner. Dat wordt Volkswagen. Een eerste overeenkomst wordt getekend in 1982. Nog eens vier jaar later heeft het Duitse merk 75 procent van de Seat-aandelen en sinds 1990 is Seat een volledige dochteronderneming van Volkswagen.

Quote

Elke zes maanden gaan we een nieuwe auto introduce­ren

Luca de Meo



Op papier is de combinatie een schot in de roos. Seat helpt Volkswagen aan een nieuw merk en nieuwe afzetmarkten en VW leert Seat hoe het auto’s moeten bouwen die langer dan vijf jaar mee gaan. Maar het duurt lang voor de motor begint te draaien mede door een aanvankelijk zwalkend beleid. Eerst moet het Spaanse merk het Alfa Romeo van de VW Groep worden, maar niet lang daarna wordt gekozen voor MPV’s: gezinsauto’s bij uitstek. ,,Toen ik in 2011 bij Seat kwam, had ik op mijn tweede werkdag al door dat dit merk nooit break-even zou gaan draaien’’, kan Seats financiële baas Holger Kintscher nu lachend terugblikken.

Want anno 2018 is Seat een gezond bedrijf, dat vorig jaar 468.431 auto’s verkocht. Ten opzichte van 2016, dat al een recordjaar was voor Seat, groeide de winst vorig jaar naar 281 miljoen euro. Daar zijn meerdere oorzaken voor te noemen. De kapitaalinjectie van VW van drie miljard voor de ontwikkeling van nieuwe modellen hielp veel, de komst van ‘wonderboy’ Luca de Meo in 2015 nog veel meer. De energieke topman die eerder topfuncties bekleedde bij Fiat, VW en Audi, weet als geen ander hoe hij een merk succesvol moet maken.

En hij draait niet om de hete brij heen. Gevraagd waarom hij het sportieve Cupra als merk heeft losgekoppeld van Seat, antwoordt hij zonder blikken of blozen: ,,Omdat we daarmee meer geld kunnen verdienen’’. Bovendien wordt Cupra volgens hem gebruikt als label om de motorsportactiviteiten uit te breiden en om gemakkelijker elektrische aandrijving te implementeren.

,,Cupra wordt ook een elite-unit, zij gaan het beste van het beste maken en de trots op die producten zal hopelijk afstralen op rest van de organisatie’’, aldus de flamboyante en allerminst bescheiden topman.

Jongste kopers

Volledig scherm
© Seat

Seat is nu een van de snelst groeiende merken in Europa en ook de vooruitzichten zijn goed. Zo wordt veel verwacht van de Cupra Ateca en de grote SUV Tarraco, die beide eind van dit jaar uit komen. Seat is bovendien het merk met de jongste autokopers van Europa. Ze zijn tien jaar jonger dan de gemiddelde autokoper en dus kan het Spaanse merk nog lang van ze genieten.
De markten ontwikkelen zich bovendien goed: er wordt bijna drie keer meer winst gemaakt dan drie jaar geleden en er wordt 48 procent meer verkocht.
,,Seat is op dit moment actief in tachtig markten, maar we zijn nog geen wereldspeler en dat moet veranderen’’, zegt De Meo. ,,We gaan uitbreiden naar Noord-Afrika, de Verenigde Staten, Mexico, Nieuw-Zeeland en China. Ook gaan we tot 2020 elke zes maanden een nieuwe auto introduceren. Na de Ateca en Tarraco komt volgend jaar de nieuwe Seat Leon in twee varianten: de vijfdeurs en de ST-familievariant.
In 2020 volgt een plug-in hybrideversie van de nieuwe Seat Leon met een elektrische actieradius van minimaal 50 kilometer. Daarnaast komt er in 2020 een volledig elektrische auto, concurrerend geprijsd en met een elektrisch rijbereik van 500 kilometer.’’

Skoda doet het nog beter
Seat mag dan van het zelfvertrouwen barsten, maar de échte hardloper binnen het VW-concern blijft zusterbedrijf Skoda.
Dit Tsjechische merk kent een vergelijkbare voorgeschiedenis als Seat, maar doet het zó goed dat ze er zelfs bij VW zenuwachtig van worden. Wereldwijd werden 1,2 miljoen auto's afgeleverd, terwijl de operationele winst met bijna 35 procent steeg naar 1,6 miljard.
Belangrijker nog is de winstmarge per verkochte auto. Die bedraagt bij Skoda 9,7 procent. Dat is niet alleen meer dan twee keer zoveel als de 4 procent van Seat, maar ook meer dan die van Volkswagen zelf (6 pct.) en zelfs meer dan Audi met 8,4 procent.