Volledig scherm
Door een windstoot kan een auto enkele meters opzij worden geduwd, zo blijkt uit een studie van de Auto Club Europa (ACE). © DPA

Zo rijd je veilig door de storm

De eerste grote storm van het jaar is in aantocht en krijgt met de voorspelde rukwinden van meer dan 100 kilometer per uur zelfs een naam. Met deze tips van onder meer de ANWB blijven jij en je auto de storm de baas.  

Plotselinge zijwind kan auto- en motorrijders tijdens een storm tot enkele meters opzij duwen. Een studie door de Auto Club Europe (ACE) toont aan dat als een windstoot de zijkant van het voertuig raakt met 72 km/u bij een rijsnelheid van 100 km/u, de auto al minstens een meter opzij wordt gedrukt. Bij een snelheid van 140 km/u is dit zelfs minimaal vier meter - zodat het voertuig snel van de weg kan raken of kan botsen op tegenliggers. Met deze tips zorg je dat de storm geen vat op je krijgt: 

1. Laat je snelheid zakken en houd meer afstand. Hierdoor kun je beter reageren op onverwachte, gevaarlijke situaties. Ook heb je je auto beter onder controle bij een lagere snelheid. Let op bij bruggen, dijken en open vlaktes. Daar heeft de wind vrij spel en windstoten raken je extra hard. Als je vlak langs een gebouw of een vrachtauto rijdt, rij je even in de luwte. Zodra je er voorbij bent krijg je de volle laag. Wees hier op bedacht.

2. Houd het stuur met twee handen vast, maar ga niet krampachtig rijden. Zo kun je het beste reageren op windstoten die de auto plotseling opzij duwen. Bovendien kun je beter omgaan met de zuigende werking van vrachtauto’s wanneer je die passeert. Probeer als het veilig is midden op de rijbaan te rijden, zodat je marge hebt wanneer de auto door een windstoot uit koers wordt gebracht. Maak geen gebruik van de cruise control.

3. In een auto met caravan of in een hoge auto - bijvoorbeeld een SUV of een busje - raken de windstoten je nog veel harder. Pas je snelheid extra aan. Rijden met een aanhanger wordt soms afgeraden. Hoge aanhangers vangen veel wind en kunnen makkelijk omver worden geblazen. Houd de verkeersinformatie in de gaten voor de rij-adviezen.

4. Of je nu de weg op gaat of niet: mijd bomen. Probeer je auto dus veilig te parkeren. Controleer of er in de buurt geen boom staat die mogelijk kan omvallen of die takken kan verliezen door de harde wind. Let bij het plannen van je route op dat je zoveel mogelijk de wegen met bomen langs de weg mijdt. Vorige week werd nog een auto op de snelweg geraakt door een omgevallen boom. 

5. Bij veel regenval is er gevaar voor aquaplaning. Daarbij vormt zich een dun laagje water tussen je autobanden en het wegdek. De auto kan dan onbestuurbaar worden en gaan glijden. Laat in dat geval het gas los en probeer niet te sturen. Bij een handgeschakelde auto trap je de koppeling in en probeer je rechtuit te sturen. Wanneer de auto in een slip raakt, probeer dan te sturen naar waar je heen wilt en dus niet naar het obstakel waarvan je bang bent dat je het raakt. Voor een automaat geldt hetzelfde, alleen laat je dan het gas los.

6. Wanneer de regenval overgaat in een wolkbreuk, let dan op je snelheid en zoek desnoods een veilige parkeerplaats op. Bij een hevige hoosbui kan het zicht soms zeer beperkt zijn (50 meter of minder). Als het dan ook nog donker is, zijn de omstandigheden helemaal verraderlijk. Houd veel afstand zodat je tijdig kunt reageren. Probeer stoppen op de vluchtstrook te allen tijde te vermijden.