Volledig scherm
PREMIUM
Özcan Akyol. © Marco Okhuizen

Het is een schande dat we op deze manier met Cruijff omgaan

COLUMNÖzcan Akyol schrijft drie keer per week over wat hem bezighoudt.

In de lente van 1984, toen Johan Cruijff een punt achter zijn carrière zette, was ik een baby van één maand oud.

Hoewel ik de legende dus nooit in het echt heb zien voetballen, was mijn jeugd doorspekt met zijn aanwezigheid, bijvoorbeeld door zijn optredens in de uitzendingen van Studio Sport, die ik nooit oversloeg.

Ik zag hoe hij op archiefbeelden excelleerde, hoorde hem verbaal unieke dingen zeggen en wat me vooral inspireerde, was zijn totale ongenaakbaarheid. Die laatste eigenschap kwam nog het meest tot uiting tijdens dialogen met presentatoren, verslaggevers of trainers, die in zijn nabijheid noodgedwongen afstand namen van hun eigen macho-imago.

Johan Cruijff was kortom om veel redenen bijzonder. Dat wordt onderstreept door het feit dat hij heel zijn leven relevant is gebleven, tot ver na zijn actieve loopbaan als speler en trainer.