Volledig scherm
De moskee in Enschede. © Annina Romita

Hof: Gooien brandbommen tegen moskee is terreuraanslag

Ook de hogere rechter betitelt het gooien van twee molotovcocktails tegen een moskee in Enschede als terreur. Eerder kwam de rechtbank al tot die typering. Volgens het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden is er sprake van brandstichting met een terroristisch oogmerk omdat de daders 'het islamitische deel van de bevolking bang wilde maken'.

De vijf verdachten in de zaak kwamen op 27 februari 2016 in Enschede samen om afspraken te maken voor een bijeenkomst van de Dutch Self Defence Army (D.S.D.A.) in Amersfoort. Toen ter sprake kwam dat moskeeën in Nederland dreigbrieven hadden ontvangen, ontstond het plan om molotovcocktails naar de moskee aan de Tweede Emmastraat in Enschede te gooien. In de schuur van een van de verdachten maakten ze vervolgens twee brandbommen. 

Kinderen

Op het moment van gooien van de molotovcocktails waren er ongeveer dertig tot veertig mensen in de moskee. Volgens een getuige waren op de plek waar de brandbommen neerkwamen kort ervoor nog kinderen aan het spelen. Dat er geen brand uitbrak, is te danken aan een voorbijganger die het vuur uit trapte.

Volgens het Hof heeft de actie met de brandbommen 'in het bijzonder vanwege het doelwit van de actie en het terroristisch oogmerk' veel onrust veroorzaakt. 'Met het gooien van de molotovcocktails naar de moskee hebben de verdachten de bedoeling gehad om de gemeente te dwingen af te zien van het realiseren van een asielzoekerscentrum en om de moslimgemeenschap angst aan te jagen'.

Lagere straf

Het Hof legt wel lagere gevangenisstraffen op dan de rechtbank. Dit omdat er volgens het Hof uiteindelijk geen gevaar is geweest voor mensen in en rond de moskee. Twee mannen werden veroordeeld tot een gevangenisstraf van 36 maanden waarvan 10 voorwaardelijk en twee mannen tot een gevangenisstraf van 30 maanden waarvan 6 voorwaardelijk. De rechtbank had de verdachten eerder nog veroordeeld tot vier jaar gevangenisstraf, waarvan een jaar voorwaardelijk.

De vijfde verdachte was niet in hoger beroep gegaan.