Volledig scherm
F-16 vliegers bombardeerden in Irak en Syrië een woonhuis dat werd aangezien voor een IS-hoofdkwartier. © ANP

Hoofdkwartier IS bleek woonhuis bij Nederlands bombardement

Bij de vier Nederlandse bombardementen in Irak en Syrië die het Openbaar Ministerie heeft onderzocht, zijn vrijwel zeker onschuldige burgers om het leven gekomen.  Eén bom viel per abuis op een woonhuis. Nederlandse F-16 piloten waren in de veronderstelling dat het een hoofdkwartier van IS-strijders was. 

Dat blijkt uit informatie over de missies die Defensie heeft vrijgegeven en waarbij het OM heeft geconcludeerd dat de vliegers bij al deze aanvallen niets valt te verwijten.

Zo kon de bom op het woonhuis terecht komen omdat het OM achteraf vast stelde dat de inlichtingen onjuist waren. De F-16 piloten die de vlucht uitvoerden treft geen blaam omdat zij vooraf en tijdens de operatie geen indicaties kregen dat de informatie niet klopte. Het OM gaat ervan uit dat er bij deze aanval zeker burgers slachtoffer zijn geworden.

Nog meer slachtoffers zijn er zeer waarschijnlijk ook gevallen bij een aanval op een een fabriek waar bomauto's werden gefabriceerd.  Toen de bommen het pand vernietigden , ontstonden er nieuwe explosies in de buurt, waardoor een aantal andere gebouwen ook werden vernietigd. Volgens het OM kon dat gebeuren omdat er veel meer explosieven in de fabriek bleken te liggen dan vooraf bekend was of kon worden ingeschat. 

Bij een andere operatie die het OM nader onderzocht bleek een auto plotseling te passeren terwijl een bom ontplofte op een gebouw. De piloot kon het explosief niet meer naar een ander punt sturen, waar het  veilig tot ontploffing had kunnen komen. Nu zijn er waarschijnlijk burgerslachtoffers te betreuren, concludeert het OM. 

Verkeerd afgesteld

Bij één missie ging er wel iets mis, maar vielen geen slachtoffers. In dit geval stond een apparaat aan een F-16 verkeerd afgesteld. De zogenoemde ‘targeting pod’ moest ervoor zorgen dat de bom naar het juiste doelwit werd geleid, maar door de verkeerde afstelling werd een onbewoond gebouw ernaast geraakt.

Het is voor het eerst dat Defensie in het openbaar informatie geeft over doelen die zijn bestookt en wat er precies is voorgevallen. Maar volgens onderzoekscollectief Airwars, dat de strijd tegen IS kritisch volgt, is dit nog lang niet genoeg. Ook in deze zaken blijven de precieze locaties en tijdstippen geheim. ,,Nabestaanden hebben het recht om te weten wie hun geliefden hebben gedood. Dat is nu nog steeds niet vast te stellen,’’  zegt woordvoerder Koen Kluessin van Airwars.