Volledig scherm
Premier Mark Rutte en Martin van Rijn, staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, leggen een krans bij de Erelijst van Gevallenen in de hal van de Tweede Kamer. © ANP

Landverrader van Erelijst van Gevallenen gehaald

Een man die tot nu toe werd aangemerkt als oorlogsheld op de Erelijst van Gevallenen 1940-1945, blijkt na onderzoek juist een landverrader te zijn. De marechaussee, Jacob Adriaan Detmar (1916-1945), is formeel van de lijst verwijderd. 

Donderdag leggen leden van het kabinet en de Eerste en Tweede Kamer een krans bij de Erelijst, een nationaal monument waar 18.000 namen van militairen en verzetsstrijders die tussen 1940 en 1945 zijn omgekomen. Dit jaar hoort één naam daar niet meer op thuis. Door het toedoen van Detmar zijn er zeker drie mensen om het leven gekomen, waarschijnlijk ligt dat aantal hoger. 

Dat de naam van Jacob Adriaan Detmar nu geschrapt kan worden, is te danken aan Gorsselnaar Stijn Wiegerinck, historicus en journalist bij de NOS. Wiegerinck schreef het boek ‘Het commando Pieters’, dat handelt over een Nederlandse eenheid die voor de SD werkte. 

Pro-Duits

,,Jacob Detmar was marechaussee en zeer pro-Duits. Samen met zijn collega Antoon den Otter was hij vooral op treinen en stations actief om jacht te maken op Joden, verzetsmensen en onderduikers. Toen beiden eind 1944 zagen aankomen dat Duitsland de oorlog zou verliezen, doken ze onder in Brummen, met medeneming van hun dienstpistool. Reden voldoende om de doodstraf te krijgen", vertelt Wiegerinck. 

Quote

Bovendien konden mensen na de oorlog zelf verzetsmen­sen aanmelden die waren omgekomen

Stijn Wiegerinck

,,Ze probeerden aansluiting te vinden bij het verzet, maar dat vertrouwde de mannen niet en hield ze op een afstand. Detmar en Den Otter werden door het commando Pieters uiteindelijk opgespoord en in de kelders van landgoed Groot Engelenburg opgesloten. Na martelingen bekenden ze te zijn gedeserteerd. Op vrijdag 13 april werden ze met zes anderen gefusilleerd.’’ 

In Brummen was direct na de bevrijding bekend dat de mannen fout waren geweest in de oorlog. Vermoedelijk zijn volgens Wiegerinck tenminste drie mensen door hun handelen om het leven gekomen. Waarschijnlijk meer. In Apeldoorn arresteerde Detmar drie mannen, vermoedelijk alle drie onderduikers. Een van hen was elektrotechnisch tekenaar Joseph Corper uit een Joods gezin. Hij stierf in Auschwitz. Wiegerinck ontdekte dat ook de Arnhemse verzetsman Barend Aalders door Detmar werd opgepakt. Aalders overleefde de oorlog evenmin.

Wiegerinck meldde zich met zijn bevinding bij het NIOD dat de lijst in opdracht van de regering heeft samengesteld en zorgt voor eventuele aanvullingen en correcties. Dat concludeerde dat de naam inderdaad niet op de Erelijst thuishoort. 

Nog vijf

Er kunnen nog best vijf ‘Detmars’ zijn op de Erelijst van Gevallenen, zegt historicus Erik Somers van het NIOD. In 1960 is het monument onthuld, in de hal van de Eerste en Tweede Kamer. In een tijd dat Google nog uitgevonden moest worden en bronnenonderzoek van papier naar papier ging. ,,Bovendien konden mensen na de oorlog zelf verzetsmensen aanmelden die waren omgekomen.’’

Detmars vrouw vulde pal na de oorlog een formuliertje in, haar man had tenslotte in het verzet gezeten. Somers: ,,Het is heel goed mogelijk dat ze op dat moment echt niet wist wat hij had gedaan.’’ In de jaren na de oorlog wisten ze in Brummen wel dat Detmar hartstikke ‘fout’ was. Somers: ,,Het kan zijn dat zijn weduwe dat later ook ontdekte, maar dat ze niet aan de bel heeft getrokken.’’ De schande was dan toch al groot genoeg. Zeker weten doet de historicus dat niet. Nabestaanden zijn er niet, en bronnenmateriaal van het verzet is schaars. Dat was ook de bedoeling, de Duitsers moesten zo weinig mogelijk te weten kunnen komen.

Quote

Als het vermoeden bestaat dat mensen ten onrechte in de lijst zijn opgenomen, hoop ik dat het NIOD dit onderzoekt en maatrege­len treft

Khadija Arib

Daarom denkt Somers dat er best meer foute namen in de Erelijst kunnen staan. ,,Het is wel je eerste gedachte: alles nakijken.’’ Onbegonnen werk, tijdrovende klus. ,,En de Erelijst is in de allereerste plaats een eerbetoon.’’ Op internet wordt het eerbetoon wel bijgewerkt, het ‘echte’ monument in het regeringsgebouw niet. ,,Online vullen we zaken aan. In die zin kun je dankzij de digitalisering steeds beter onderzoek doen, namen en plaatsen aan elkaar koppelen. Maar het zal altijd onvolledig zijn.’’

De naam van Detmar is formeel van de lijst gehaald. Door de staat van het papier kan zijn naam daarop niet door worden geschrapt. 

Volgens Tweede Kamervoorzitter Khadija Arib moet er belang worden gehecht aan het feit dat de namen die op de lijst er terecht op staan. ,,Als het vermoeden bestaat dat mensen ten onrechte in de lijst zijn opgenomen, hoop ik dat het NIOD dit onderzoekt en maatregelen treft. Juist omdat de Erelijst van Gevallenen ook een symboolfunctie heeft. Het laat ons zien dat een democratie even mooi als kwetsbaar is, en dat je mensen nodig hebt die bereid zijn ervoor te vechten.”