Meer kinderen in buitenland achtergelaten

videoTientallen kinderen zijn vorig jaar tegen hun wil door hun ouders in het buitenland achtergelaten. Meestal gebeurt dat omdat ouders worstelen met de opvoeding, blijkt uit onderzoek. Als de situatie thuis onhoudbaar wordt, laten ze uit onmacht de puber achter in het land van herkomst. Deskundigen pleiten voor betere ondersteuning.

Het aantal meldingen over achtergelaten kinderen bij het Landelijk Knooppunt Huwelijksdwang en Achterlating (LKHA) steeg van 23 in 2015 naar 39 vorig jaar. Om hoeveel kinderen het daadwerkelijk gaat, is niet bekend. Schattingen lopen uiteen van zo’n 170 tot 800 per jaar.

Achterlating van minderjarigen in het buitenland is eerder een gevolg van opvoedproblemen en slechte communicatie dan van eergerelateerd geweld, blijkt uit onderzoek van Kennisplatform Integratie & Samenleving (KIS) en het LKHA dat vandaag verschijnt.

Sommige ouders met een migrantenachtergrond vrezen dat hun kind in Nederland te veel verwestert. De kinderen zijn hier geboren, spreken beter Nederlands, zijn mondiger, vrijer en zelfstandiger, en leren andere omgangsvormen.

,,De kloof is soms te groot’’, zegt KIS-onderzoeker Eliane Smits van Waesberghe. ,,Ouders botsen dan met hun kinderen over normen en waarden. Ze weten vaak niet wat hun kind buiten schooltijd doet en voelen zich machteloos omdat ze hun kind niet in het gareel kunnen houden.’’

Puberteit

Zeker in de puberteit zorgt dat voor grote problemen. Uit angst de grip te verliezen, worden de kinderen – vaak tijdens de zomervakantie – onder valse voorwendselen meegenomen naar het land van herkomst. Daar worden ze zonder paspoort, geld en telefoon achtergelaten bij familie. Ouders hopen dat hun kind daar de ‘juiste manieren’ leert die passen bij hun cultuur en geloof.

,,Zij zien achterlating als een tijdelijke oplossing voor de problemen thuis of als positieve vorm van heropvoeding’’, zegt Diny Flierman, manager van het LKHA. ,,Voor jongeren heeft dat vaak ernstige gevolgen.’’

De onderzoekers adviseren ouders beter te ondersteunen bij opvoeding, bijvoorbeeld door voorlichting in buurthuizen, bij consultatiebureaus en op scholen. Ook moeten hulpverleners eerder in gesprek met ouders die puberende kinderen hebben.

Volledig scherm
© Thinkstock