Volledig scherm
Beelden uit de documentaire 'Ruben en Julian, twee weken tussen hoop en vrees', die gisteren door RTV Utrecht werd uitgezonden. Moeder Iris van der Schuit en haar twee zonen, Ruben en Julian. © Screenshots RTV Utrecht

Moeder van Ruben en Julian, vertelt één keer haar verhaal

Haar gevoel heeft haar geen moment bedrogen. 'Hij was ertoe in staat. Dat heeft hij me zelf gezegd. Maar je denkt toch ook: iemand roept maar wat in zijn wanhoop.'

Het zijn aangrijpende woorden van Iris van der Schuit (38), de moeder van de Zeister jongetjes Ruben (9) en Julian (7) die een jaar geleden dood werden gevonden in een duiker bij Cothen. Zij waren door hun vader Jeroen om het leven gebracht. Hij pleegde daarna zelfmoord.

Twee weken duurde het voor de jongetjes werden gevonden. In die periode hielpen honderden vrijwilligers met zoeken. Iris had dit berichtje geplaatst op haar Facebookpagina: 'Alsjeblieft, wil iedereen uitkijken naar mijn twee mannetjes, ze worden sinds gisterochtend vermist'.

Moeder spreekt in documentaire
In de documentaire 'Ruben en Julian, twee weken tussen hoop en vrees', gisteren door RTV Utrecht uitgezonden, spreekt Iris voor het eerst openlijk over de zaak. Ze besloot dat één keer te doen. In het besef dat iedereen die heeft meegeleefd, wil weten hoe het met haar gaat. In de hoop dat zij hierna met rust wordt gelaten door de media.

Al in 2010, twee jaar na haar scheiding van Jeroen Denis, vertelt Iris aan gezinsbegeleiders over haar 'diepste angst': dat haar ex de kinderen en ook zichzelf iets aan zou doen. 'Toen zei hij: 'Dat zou ik nooit doen'.' Achteraf werd duidelijk dat Jeroen al maanden voor zijn daad was begonnen met het treffen van voorbereidingen. 'Hij is er een tijd mee bezig geweest. De signalen heb ik toch wel goed gezien.'

Iris vertelt liefdevol over haar kinderen. 'Ze konden echt niet zonder elkaar. Ze hadden humor, ze waren vroeg wijs. Het waren kleine wereldverbeteraartjes.'

Scheiding na 'ongezonde relatie'
Zij en Jeroen hadden een 'ongezonde relatie'. 'Voor de jongens was ermee doorgaan ook niet goed geweest.' Na de scheiding werd een gezinsvoogd aangesteld en zou er een omgangsregeling komen. Heeft Jeroen toen gedacht zijn zoontjes kwijt te gaan raken? 'Zo had het door hem wel geïnterpreteerd kunnen worden.'

Ze realiseert zich dat er mensen zijn die denken dat zij Jeroen 'het leven zuur heeft gemaakt' waardoor hij mogelijk het gevoel heeft gekregen 'geen kant meer op te kunnen'. 'Ik snap dat ze het denken. Maar het feit dát ze het denken, vind ik heel erg.'

De laatste keer
Ze vertelt emotioneel over de laatste keer waarop ze de jongens levend ziet, als ze worden opgehaald door hun vader voor een korte vakantie.

Ze vertelt ook over de 'ondraaglijke onzekerheid' waarmee ze worstelt tot de dag dat twee stoffelijke overschotten worden gevonden: 'Je hoopt dat ze het niet zijn, want je wilt dat ze nog leven. Aan de andere kant wil je dat er een einde komt aan de onzekerheid - je wilt ze gewoon bij je hebben.'