Volledig scherm
Minister Sigrid Kaag (Buitenlandse Handel) samen met haar Turkse collega Ruhsar Pekcan tijdens haar bezoek aan Turkije. © ANP

Nederlandse bedrijven zijn minder happig op Turkije

De interesse van Nederlandse bedrijven in Turkije is vrijwel opgedroogd. De politieke onrust sinds de mislukte staatsgreep en het autoritaire optreden van president Erdogan schrikken mkb-ers af om er zaken te doen, zo stellen ingewijden. 

Minister Kaag (Handel) is nu met tien bedrijven in Turkije om de economische samenwerking te bevorderen. Nederland is weliswaar al jaren de grootse investeerder in Turkije, maar die mooie cijfers verhullen dat de interesse om de Turkse markt te betreden is geluwd.
,,De interesse van Nederlandse bedrijven om de Turkse markt te betreden is vrijwel opgedroogd in 2018 en 2019”, laat een ingewijde weten.

,,Dat betekent dat men veel kansen laat liggen in een grote markt van 83 miljoen consumenten en een gemiddelde economische groei van 3 procent”, aldus een ondernemer die al meer dan tien jaar in Turkije actief is.

Akkoord

De Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO) heeft een akkoord gesloten om samen te gaan werken met de Turkse Wetenschappelijke en Technologische Onderzoeksraad (Tübitak). De ondertekening, goedkeurend gadegeslagen en met applaus begroet door minister Sigrid Kaag (Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking) en haar Turkse ambtgenoot Ruhsar Pekcan, is symbolisch voor het weer op de rails zetten van de economische samenwerking tussen Den Haag en Ankara.

Het bliksembezoek van een dag is een nieuwe stap in de pogingen van beide landen om de economische en diplomatieke betrekkingen verder te normaliseren na de zware diplomatieke crisis in 2017. Het bevorderen van de handel en investeringen vanuit Nederland is vooral de vurige wens van de regering van president Erdogan, omdat de economie al ruim een jaar in zwaar weer verkeert.

In de eerste tien jaar van de regering van AKP-leider Recep Tayyip Erdogan liepen Nederlandse handelsmissies de deuren plat in Turkije. Talloze ondernemers roken kansen.
Bij de grootste handelsmissie met premier Rutte in 2012 gingen er 90 bedrijven mee. De laatste, in 2014, onder aanvoering van minister Ploumen, kwam met moeite tot stand. In de afgelopen vijf jaar lieten bewindslieden de Turkse markt links liggen, omdat de animo bij mkb-ondernemers om in het land van Erdogan zaken te doen fors afnam.

Minister Zeybekci (Economische Zaken) bezocht Scheveningen in 2016 voor de eerste zogeheten ‘Joint Economic and Trade Commission (Jetco). De vervolgbijeenkomst in Istanboel werd na het uitbreken van de diplomatieke crisis in maart 2017 op de lange baan geschoven.

Vandaag pakten twee nieuwe ministers de draad weer op. In het kielzog van minister Kaag reisde een delegatie mee van managers van tien bedrijven: scheepsbouwer Royal IHC, Rabobank, DSM, ING, Philips, Fokker, Unilever, Port of Rotterdam, Booking.com. En het Brabantse textielbedrijf Schijvens dat in Turkije bedrijfskleding laat maken van afgedankte bedrijfskleding van Kruidvat, Hema, Etos en Praxis.

Tekst gaat verder na de foto

Volledig scherm
Minister Sigrid Kaag (Buitenlandse Handel) brengt een bezoek aan het van oorsprong Turks-Nederlandse bedrijf DMT tijdens haar bezoek aan Turkije. © ANP

Een handelsmissie is het niet. Het zijn allemaal bedrijven die al actief zijn op de Turkse markt. Ze gaan mee om te netwerken en direct contact te kunnen maken met de Turkse minister van Handel, Ruhsar Pekcan, die hen mogelijk van dienst kan zijn als ze in Turkije tegen bureaucratische obstakels aanlopen of in de problemen komen.

Zoals Booking.com dat door een vonnis van een rechtbank sinds 2017 niet meer in Turkije mag opereren. De Nederlandse hotelboekingssite, met 1,5 miljoen geboekte kamers per dag de grootste online hotelboeker ter wereld, zou in Turkije belasting moeten gaan betalen over de omzet die ze daar maken. ,,Maar we betalen al belasting in Nederland”, zegt Peter Lochbihler van Booking.com. ,,Dat gaat in tegen het verdrag om dubbel belasting te betalen te vermijden.”

Moeizame relatie

In Nederland gevestigde bedrijven zijn al jaren met stip de grootse investeerders in Turkije. In de periode van 2002 tot 2019 ging het in totaal om 25 miljard dollar. Dat indrukwekkende bedrag verhult de moeizame en turbulente relatie van de afgelopen jaren en de dramatische daling in het aantal bedrijven dat te porren is om in Turkije zaken te doen.

Erdogan pleitte er bij zijn bezoek aan Den Haag in maart 2013 voor het handelsvolume tussen Nederland en Turkije minstens te verdubbelen, van 7 miljard dollar naar 15 miljard dollar. Daar kwam niets van terecht. De meter staat nu op 8 miljard dollar.

Nederland staat in de top 10 van de belangrijkste exportpartners van Turkije. En het aantal Turkse bedrijven met een filiaal in Nederland is sinds 2016 met bijna 400 per jaar toegenomen, aldus Ethem Emre, voorzitter van de Kamer van Koophandel Nederland-Turkije.

Omgekeerd schrikken de politieke onrust in Turkije sinds de mislukte staatsgreep en het autoritaire optreden van Erdogan mkb-ers af om zaken te doen met deze belangrijke opkomende markt.

Quote

Bij Nederland­se onderne­mers heersen vooral zorgen over de korte termijn

Hans de Boer

Steeds minder Nederlandse bedrijven met internationale ambities durven het aan om in Turkije actief te worden, zo blijkt uit cijfers van het Turkse ministerie van Economische Zaken. Het aantal nieuwe toetredingen en fusies met Nederlands kapitaal vertoont al sinds 2009 een dalende lijn.

Werkgeversvoorman Hans de Boer van VNO-NCW vertolkte in december 2018 de sfeer in zijn achterban. ,,Bij Nederlandse ondernemers heersen er vooral zorgen over de korte termijn, en dan gaat het om de macro-economische situatie”. Gebrek aan voorspelbaarheid, stabiliteit en een onafhankelijke justitie maken veel ondernemers huiverig om de stap naar Turkije te wagen.

Zorgen

Minister Kaag heeft daarom in het overleg met minister Pekcan ook haar ‘zorgen uitgesproken’ en benadrukt dat ‘wij belang hechten aan het beschermen van de rechtsstaat’.

Grote Nederlandse bedrijven die de Turkse markt betreden of daar al actief zijn beschermen met hun grote kapitaalinjecties de koppositie van Nederland als grootste investeerder. Zoals de van oorsprong Nederlandse oliehandelaar Vitol, die in 2017 voor 1,4 miljard euro de Turkse exploitant van tankstations Petrol Ofisi overnam.

Investeerders die in de Turkse statistieken het etiket ‘Hollanda’ krijgen, zijn echter niet allemaal echt Nederlands, aangezien diverse buitenlandse ondernemingen om belastingredenen in Nederland zijn gevestigd. Voorbeelden zijn de Britse bedrijven Vodafone en Cadbury, het Amerikaanse Amgen, het Franse Alcatel Lucent, het Finse Nokia Siemens en het Zweedse Ikea.