Volledig scherm
De niet-reanimerenpenning is in opkomst. © anp

Niet reanimeren: 'Ik wil niet eindigen als een kasplantje'

Het aantal Nederlanders dat aangeeft niet gereanimeerd te willen worden, zit flink in de lift. Ruim 20.000 mensen dragen inmiddels permanent een niet-reanimerenpenning, omdat ze niet verder willen leven met ernstige beperkingen.

Volledig scherm
De 73-jarige Fred Matter met zijn penning © United Photos/Toussaint Kluiters

Het zijn vooral 70-plussers met een relatief tanende gezondheid die de penning dragen. Zij willen niet het risico lopen beschadigd uit de reanimatie te komen.

De niet-reanimerenpenning kan sinds 2007 worden aangeschaft. Op de penning staan een pasfoto, naam en geboortedatum van de drager, plus een verklaring. Bij de introductie van de penning door de Nederlandse Vereniging voor een Vrijwillig Levenseinde (NVVE), in 2007, bestelden 1200 mensen er eentje. Vorig jaar waren dat er al 5000, en in totaal dragen inmiddels meer dan 20.000 Nederlanders op leeftijd een penning om hun hals.

De penning is voor 37,50 euro te koop bij de NVVE, waarmee je ook meteen lid bent van de vereniging voor een vrijwillig levenseinde. 'Wij maken een explosieve groei door,' zegt Stefanie Michelis van de NVVE. Volgens haar denken steeds meer mensen 'zeer bewust' na over het einde van hun leven. 'Bovendien neemt de generatie die nu 70 of ouder is de regie over het eigen leven vaker in eigen hand.'

Uit cijfers van de NVVE blijkt dat acht op de honderd mensen van 70 jaar en ouder een reanimatie buiten het ziekenhuis overleven. Vier van deze overlevenden ondervinden daarvan echter ernstige gevolgen. Wanneer iemand in het ziekenhuis wordt gereanimeerd - bijvoorbeeld als gevolg van een complicatie - overleven twintig van de honderd mensen van 70 plus. Van hen houden drie mensen blijvende schade.

Quote

Als ik in een situatie beland waarin ik moet worden gereani­meerd, is de kans groot dat ik er beroerd uit kom

Fred Matter

Wenselijkheid
Annemarie Herberigs van de Hartstichting, de organisatie die zich sterk maakt voor een adequate reanimatie, vindt dat tijdig, ruim voor zich een hartstilstand voordoet, met iemand over de wenselijkheid van reanimatie dient te worden gesproken. 'Als iemand beslist dat hij of zij niet gereanimeerd wil worden, is het van groot belang dat kenbaar te maken aan naasten. Ook kun je de niet-reanimerenpenning aanschaffen. Als iemand die penning draagt, kunnen hulpverleners rekening houden met de wens van het slachtoffer.'

Wel wijst Herberigs er op dat de laatste 2 decennia aanzienlijke verbeteringen in de uitvoering van reanimatie en de nabehandeling in het ziekenhuis zijn ingevoerd. 'En dat heeft grote invloed op de kans op overleving en de toestand van de overlevenden.'

Herberigs benadrukt dat de Hartstichting het belangrijk vindt dat 'artsen realistische informatie geven over reanimatie aan kwetsbare ouderen'. 'Voor veel ouderen zal een besluit niet te reanimeren verstandig zijn. Reanimatie is alleen zinvol als er een reële kans op herstel is. Voor ouderen, die door ziekte of ouderdom een circulatiestilstand krijgen, is dat vaak niet zinvol. Soms is de dood zelfs gewenst.'

Voor Fred Matter (73) was de keuze duidelijk. Toen de NVVE in 2007 de niet-reanimerenpenning introduceerde, was hij een van de eerste, overtuigde dragers. 'Ik heb de longziekte COPD, waar ook mijn hart nadelige gevolgen van ondervindt. Als ik in een situatie beland waarin ik moet worden gereanimeerd, is de kans groot dat ik er beroerd uit kom, mocht ik het overleven. Ja, daar neem ik een risico mee. Want als mij iets relatief onschuldigs overkomt, waarbij reanimatie wel degelijk zinvol is, heb je een weg afgesloten.'

Volledig scherm
© anp

Reanimatie
Matter is een van de 20.000 Nederlanders die een niet-reanimerenpenning, die meestal aan een ketting om de hals wordt gedragen, hebben aangeschaft. 'Tegen reanimatie in het ziekenhuis zou ik in principe geen bezwaar hebben,' zegt hij.

'Maar als ik op de hei bij Blaricum in elkaar zak en het een kwartier duurt voor de ambulance arriveert, is in het licht van mijn lichamelijke conditie de kans op herstel klein. En ik wil niet eindigen als een kasplant.'