Volledig scherm
Kees Kampschuur en Irene Bonte gaven als vrijwilligers Engelse converstatie- en it-lessen in Sri Lanka. © prive

‘Onze reisgids schoot vol: ze was een groot deel van haar familie verloren’

Drie maanden lang gaven Kees Kampschuur en Irene Bonte als vrijwilligers les in Sri Lanka. De rondreis die ze als afsluiting maakten, eindigde na de aanslagen anders dan verwacht. ,,We snappen nog steeds niet hoe dit in Sri Lanka kon gebeuren.’’

Kees Kampschuur (62) en Irene Bonte (59) uit Breda zetten op 1 januari voet op Sri Lankaanse bodem. Ze zouden voor de Stichting Kalyani drie maanden als vrijwilliger aan de slag gaan op een school in Monaragala, een afgelegen stadje in het zuidoosten van het eiland. Het echtpaar gaf Engelse conversatie- en IT-lessen aan de kinderen aldaar, maar ook aan gemeenteambtenaren.

Ze sloten hun reis af met een georganiseerde vakantie over het eiland. Toevalligerwijs was hun terugvlucht al voor gisteravond geboekt. En dus landden Kampschuur en Bonte vanochtend vroeg op Schiphol. Met een dubbel gevoel. ,,Met zo’n terreurdreiging wil je natuurlijk naar huis, maar we hebben zoveel mensen die we als vrienden zijn gaan beschouwen daar moeten achterlaten’’, vertelt Bonte.

Voelden jullie je onveilig?

Bonte: ,,Nee, eigenlijk hebben we ons niet onveilig gevoeld. Alleen toen we in een meer toeristische plaats in een redelijk groot hotel moesten verblijven, hebben we ons afgevraagd of we dat wilden. Totdat we zagen dat er iets verderop nog veel grotere hotels lagen. Toen maakten we ons minder zorgen.’’

Hebben jullie iets van spanningen gemerkt in de drie maanden dat jullie vrijwilligerswerk deden?

Bonte: ,,Nee, totaal niet. We snappen helemaal niet dat dit in Sri Lanka is gebeurd. We hebben in Monaragala tussen de lokale bevolking gewoond. Daar leefden hindoes, boeddhisten en moslims juist heel geïntegreerd. Ze hadden veel respect voor elkaar.’’

Kampschuur: ,,Vlakbij ons stadje had je bijvoorbeeld een tempelcomplex waar moslims, hindoes en boeddhisten komen. We zijn zo verbaasd dat dit is gebeurd. Dat geldt ook voor de mensen die er wonen. De verslagenheid is heel groot.’’

Lees door onder de foto.

Volledig scherm
Kees Kampschuur en Irene Bonte in Monaragala. © Prive

Hoe merkten jullie dat?

Bonte: ,,Onze contactpersoon heeft ons echt dagelijks gebeld om te controleren of we veilig waren. Hij verontschuldigde zich continu. Hij vond het vreselijk dat we onze reis zo moesten eindigen. En op het vliegveld kwam de lokale reisgids nog langs om gedag te zeggen. Het eerste wat ze deed was zich verontschuldigen, omdat we niet de reis hadden kunnen maken die we hadden geboekt. En toen schoot ze vol. Ze was een groot deel van haar familie verloren.’’

Waar waren jullie toen het nieuws tot jullie kwam?

Bonte: ,,We zaten in een taxi naar Monaragala toen onze chauffeur werd gebeld. Ook na drie maanden verstaan we werkelijk niets van die taal. Maar we merkten aan zijn toon dat er iets heel ergs was gebeurd. Hij legde uit dat er aanslagen in kerken waren gepleegd en dat hij vreesde voor zijn vrienden. We zeiden: zet de auto aan de kant en ga bellen. Wij wachten wel. Uiteindelijk bleek hij heel wat mensen te zijn verloren.’’

Welke consequenties hadden de aanslagen voor jullie?

Bonte: ,,Ons geluk was dat we de meeste tijd in natuurparken zaten. Daar was het rustig en voelden we ons heel veilig.’’

Kampschuur: ,,Al zagen we dat het heel rustig op de weg en in de parken was, terwijl juist de parken bekendstaan om de drukte.’’

Bonte: ,,We waren wel alerter en zijn natuurlijk vreselijk geschrokken. We hebben vooral drukke plekken gemeden, niet meer gereisd met het openbaar vervoer en een aantal toeristische trekpleisters niet bezocht. De laatste dagen in dat wat grotere hotel zijn we nog maar één keer de straat op gegaan om een supermarkt te bezoeken. Verder kwamen we het terrein niet meer af. En dat is niets voor ons. Gelukkig zaten we in een baai met een strand. Dat was heel goed beveiligd. Ze doorzochten constant de bosjes op pakketjes die er niet hoorden.’’

Was er dus toch een onveilig gevoel?

Kampschuur: ,,Je zag dat mensen het recht in eigen handen namen en er rellen tussen geloofsgroepen ontstonden. Dat maakte het spannend, want daar wil je niet per ongeluk tussen komen.’’

Waren jullie blij dat jullie er weg konden?

Bonte: ,,Ik was een beetje bang om naar het vliegveld te gaan. We moesten door de aanslagen nog vier uur van tevoren aanwezig zijn ook. Maar onze contactpersoon zei dat we daar echt veilig zouden zijn.’’

Kampschuur: ,,Sri Lanka heeft een lang verleden met terroristische aanslagen. Ze hadden net als tijdens de strijd tegen de Tamil Tijgers drie zones rondom het vliegveld gemaakt. Auto’s kwamen niet bij de vertrekhal in de buurt. Iedereen werd gefouilleerd.’’

Zouden jullie nog terug gaan?

,,We hebben er een prachtige tijd gehad en laten ons niet beïnvloeden door de aanslagen. Het is zo’n mooi land met zulke lieve mensen. De dingen die we nu hebben gemist, willen we zeker een keer gaan zien. We vinden het heel erg voor de mensen daar. In het hotel was nog een handjevol mensen. Je weet gewoon dat er volgende week niemand meer is en die mensen hun baan kwijt zijn. Onze chauffeur zei dat ook: volgende week zit ik zonder werk.’’

De Stichting Kalyani zamelt geld in voor de slachtoffers van de aanslagen, bijvoorbeeld voor protheses, maar ook voor kinderen die een of beide ouders zijn verloren. Doneren kan via de Facebookpagina van de stichting. 

Minister van Buitenlandse Zaken vertelt over het aangepaste reisadvies op Sri Lanka. Het gebied is volgens hem nog steeds gevaarlijk.