Volledig scherm
De kerncentrale van Borssele © ANP

Plan voor ondergrondse opslag kernafval gekraakt

Het programma voor de ondergrondse opslag van radioactief afval en verbruikte splijtstof van de kerncentrale in Borssele, zadelt toekomstige generaties met te veel financiële en veiligheidsrisico's op. Dat concludeert de onafhankelijk Comnmisie MER ((milieueffectrapportage).

Het ministerie van Infrastructuur en Milieu maakt volgens de onafhakelijke Commissie MER (milieueffectrapportage) in het ontwerpprogramma onvoldoende duidelijk hoe het radioactief afval en verbruikte splijtstof op termijn wil bergen en hoe het dat wil financieren. De kritiek van de MER komt op het Nationaal Programma voor het beheer van radioactief afval en verbruikte splijtstoffen.

Daarin kiest het ministerie voor langdurige bovengrondse opslag van radioactief afval. Het blijft nog minstens 100 jaar liggen bij de Centrale Organisatie voor Radioactief Afval (Covra) in Borssele, die vergunning heeft gekregen om uit te breiden. Over de ondergrondse eindberging wordt pas rond het jaar 2100 een keuze gemaakt. Pas rond 2130 volgt de definitieve ondergrondse opslag. Het ministerie wil de keuzes openhouden, omdat er komende decennia wellicht nieuwe inzichten ontstaan over bergingsmethoden.

Te vrijblijvend
Minister Schultz van Infrastructuur en Milieu heeft de Commissie MER om advies over het programma gevraagd. De commissie vindt het rapport veel te vrijblijvend. Het bevat te 'weinig concrete acties die moeten leiden tot ondergrondse berging van kernafval'. Ook mist een financieel plan en moeten veel eerder bergingslocaties worden gereserveerd.

Anti-kernenergieorganisatie Stichting Laka verweet het kabinet al eerder het besluit over de eindberging 'absurd ver voor zich uit te schuiven. De Commissie MER deelt die kritiek.

Ze raadt aan regelmatig te meten hoe ver het staat met dit programma. Ook moeten de kosten en de onzekerheden daarin in beeld worden gebracht. Verder adviseert de commissie deskundigen en het publiek te betrekken bij keuzes over een veilige, ondergrondse berging van radioactief afval.