Volledig scherm
© anp

'Rijksuniversiteit Groningen springt te los om met promovendi'

Volgens het Promovendi Netwerk Nederland (PNN) gaat de Rijksuniversiteit Groningen (RUG) te los om met de belangen van promovendi. Zo zou de universiteit er al te veel van uitgaan dat promovendi gewoon studenten zijn, in plaats van medewerkers met meer rechten. Er loopt echter alleen nog maar een proef met deze andere status.

Het PNN zegt een en ander op te maken uit stukken die het gekregen heeft met een beroep op de Wet openbaarheid van bestuur (Wob). Tot 2018 mogen promovendi vanwege de proef als student aan het werk worden gezet, maar de universiteit zou al veel verder vooruitdenken. Daarnaast zou RUG geen rekening houden met het staken van de proef en de rechten van de promovendi daarna.

Quote

De RUG heeft bij het ministerie van Onderwijs een voorstel ingediend dat vooraf is besproken met en unaniem is goedgekeurd door de uni­ver­si­teits­raad

Lou de Leij

Verbijsterd
PNN-voorzitter Rolf van Wegberg is ,,verbijsterd'' door de gang van zaken: ,,Enerzijds plaatst de RUG paginagrote advertenties van haar kersverse Nobelprijswinnaar. Een winnaar die zelf elke gelegenheid gebruikt om zijn promovendi naast hem op het podium te zetten. Anderzijds is de RUG te beroerd promovendi loon naar werken te geven.''

De universiteit heeft het volgens Decaan Lou de Leij allemaal ,,verdomd netjes'' willen doen. Hij is dan ook zeer onaangenaam verrast door de kritiek. ,,De RUG heeft bij het ministerie van Onderwijs een voorstel ingediend dat vooraf is besproken met en unaniem is goedgekeurd door de universiteitsraad. Alle faculteitsraden zijn over het voorstel geïnformeerd.''

De Leij laat weten dat het om een kleine groep van promovendi gaat, die overigens wel dezelfde sociale zekerheden houden, maar niet onder een cao vallen. De universiteit komt gewoon ook al haar verplichtingen na, aldus De Leij. De beschuldigingen zouden onterecht zijn en gebaseerd zijn op eigen interpretaties. De universiteit heeft de PNN ook tevergeefs verzocht te komen praten, zegt de decaan.