Volledig scherm
Scholieren en forenzen fietsen van Zuid naar Noord over de Erasmusbrug in Rotterdam. © Jan de Groen

Sporten niet nodig voor forens die fiets pakt

Eén op de drie Nederlanders beweegt al zoveel tijdens de standaardtochtjes naar werk en supermarkt dat extra sporten niet eens nodig is.

Deze groep actievelingen loopt en fietst zoveel tijdens dagelijkse bezigheden, dat ze ruimschoots aan de richtlijn van de Gezondheidsraad komt. Die adviseert om minimaal 150 minuten per week te bewegen.

In totaal komt ruim de helft van de Nederlanders ook wel aan die 150 minuten, maar een deel van hen moet daar nog wekelijks flink voor zweten in de sportschool. Mensen die veel met het openbaar vervoer reizen komen iets gemakkelijker aan de beweegnorm, aangezien zij vaak lopend of fietsend naar de opstapplek komen.

Dagboekje

Dat blijkt uit een nieuwe analyse van het Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid (KiM). De onderzoekers maakten gebruik van data van het Mobiliteitspanel Nederland dat ruim 5300 mensen vroeg om drie dagen lang een dagboekje bij te houden over alle gemaakte reizen op die dagen. Ook vulden zij een vragenlijst over hun gezondheid in.

De onderzoekers ontdekten een samenhang tussen gezondheid en reisgedrag. Mensen met een gezonde BMI fietsen vaker en gebruiken minder de auto dan mensen met een (te) hoge BMI. Verder gebruiken mensen met obesitas vaker de e-fiets en lopen zij minder vaak in vergelijking met mensen met een gezonde BMI. Om echt harde conclusies te trekken is nog meer data nodig, constateren de onderzoekers.

Oude gewoontes

Wel zagen zij dat het reispatroon heel bepalend is om dagelijks voldoende beweging te krijgen. De groep die bijna altijd de auto pakt, beweegt nog geen vijf minuten per dag tijdens de dagelijkse bezigheden. Slechts 7 procent van hen haalt de beweegnorm. Van mensen die voornamelijk fietsen is dit 80 procent.

Het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat wil binnen de huidige regeerperiode 200.000 extra forenzen op de fiets krijgen. Maar oude gewoontes zijn niet zomaar af te leren, blijkt uit een eerder onderzoek van de University College Londen. Gemiddeld zijn er 66 dagen nodig om een nieuwe gewoonte – zoals met de fiets naar je werk gaan – te creëren. Een relatief eenvoudige activiteit zoals voortaan een glas water drinken bij het ontbijt wordt sneller gewoontegedrag dan een activiteit als hardlopen voor of na het eten.