Volledig scherm
PREMIUM
Een kerk © Ben Shbeeb - Unsplash

'Stoppen met geloven was een bevrijding'

Die van mijSandra (36) kent haar echtgenoot Remco (37) uit de kerk. Ze volgden alle regels: naar de kerk, bidden en zingen op straat. Met vrijen gingen ze steeds iets verder.

Remco en ik groeiden op in een evangelische gemeente. Die was nogal streng in de leer. We kenden elkaar van de jeugddiensten in de kerk en het evangeliseren op straat. Liederen zingen met een gitaar - we schaamden ons dood, maar het hoorde erbij.

Toen we een relatie kregen, rond ons 20ste, waren mijn ouders verrukt. Remco was de ideale schoonzoon. Gelovig, integer, goed opgeleid, serieus en ook nog gezellig. Onze verkering duurde viereneenhalf jaar, totdat we trouwden.

In al die jaren hadden we geen geslachtsgemeenschap. Met vrijen gingen we wel steeds iets verder, en soms vond ik dat frustrerend. ‘Kom op, we zijn straks getrouwd, waarom doen we het niet gewoon?’ dacht ik dan. Maar Remco was strenger, consciëntieuzer dan ik. Ook als het om vloeken, Bijbellezen en een leugentje om bestwil ging, was ik wat minder heilig. Als hij het had gewild, was ik gewoon met hem naar bed gegaan, maar voor hem stond het buiten kijf dat we zouden wachten. Met als gevolg dat op de huwelijksnacht zelf zo’n lading lag, dat het alleen maar kon tegenvallen. Nu móést het geweldig en romantisch zijn, en dat bleek natuurlijk een deceptie. Hadden we daar nu zo lang op gewacht? Was dit de kroon op het huwelijk? Gelukkig konden we er allebei wel om lachen, en tijdens de huwelijksreis werd het toch nog leuk.