Volledig scherm
© Thinkstock

Telers staatswiet moeten minstens tien soorten leveren

Telers die deel willen nemen aan het wietteeltexperiment van de overheid, moeten minstens tien soorten kunnen produceren. Dat melden ministers Bruins (Medische Zorg) en Grapperhaus (Justitie en Veiligheid). Het experiment moet in zes tot tien gemeenten worden uitgevoerd.

De vereiste van minimaal tien soorten is in de conceptplannen opgenomen om een breed en gevarieerd aanbod te waarborgen. Ook melden de ministers dat ‘de prijs en het aanbod van de hennep en hasjiesj in de coffeeshops aan de markt wordt overgelaten.’ De telers zijn tijdens het experiment verantwoordelijk voor de verpakking en het vervoer van de wiet. 

Het duurt nog wel even voordat het experiment start. Gemeenten die mee willen doen, kunnen zich in de eerste helft van 2019 aanmelden. Daarna buigt een adviescommissie zich over de kandidaten. Hun advies volgt in de tweede helft van het jaar. Ook moeten beide kamers zich nog over de wet waarin een en ander wordt geregeld.

Gevoelig

Het experiment met wiet van de staat ligt politiek erg gevoelig, ook binnen de coalitie. CDA en ChristenUnie zijn geen voorstander en vinden eigenlijk dat het kabinet juist moet investeren in het voorkomen van drugsgebruik. Het experiment is vooral een wens van D66.

Een commissie concludeerde eerder dat als de proef met staatswiet een succes is, een landelijke invoering zou moeten worden overwogen. Daar wil het kabinet vooralsnog niet aan.