Waarom het 51 jaar moest duren voor koning Albert (85) zijn dochter wilde erkennen

VIDEOHet grote nieuws was eigenlijk geen nieuws. Ongeveer alle voormalige onderdanen van de gepensioneerde Belgische koning Albert wisten allang wat hij nu eindelijk heeft toegegeven. En bepaald niet van harte, getuige een slepende en pijnlijke kwestie die voor Delphine Boël al 35 jaar speelt.

De Vlaamse kranten kopten het verhaal gisteren in chocoladeletters. ‘Toch vader’ (Het Belang van Limburg), ‘Knieval voor ‘prinses’ Boël’ (De Standaard), ‘Pijnlijke bevalling’ (Het Nieuwsblad), ‘Van Koninklijke Bloede’ (Het laatste Nieuws). Bij de Walen was het voorpaginanieuws niet anders: ‘Delphine Boël is wel degelijk de dochter van Albert II’ (l’Avenir) en ‘De Kroning van Delphine’ (Le Soir).

In België hoefden ze geen bril op te zetten om de fysieke gelijkenis te zien. Dezelfde ogen, hetzelfde voorhoofd, dezelfde kin als oud-koning Albert. Maar pas op haar 17de, in 1985, hoorde Delphine Michèle Anne Marie Ghislaine Boël van haar moeder wie haar biologische vader was. ,,Vroeger zou te vroeg zijn geweest’’, vertelde barones Sybille de Seys Longchamps daar later over.