Volledig scherm
Hoofdofficier Hugo Hillenaar: 'Het recht is een dynamisch geheel, dat in de loop der jaren verandert.' © Arie Kievit

'We moeten enorme vuist maken tegen criminaliteit'

AD MisdaadmeterInbrekers, straatrovers en plegers van ram- en plofkraken kunnen erop rekenen dat in de rechtszaal veel zwaardere straffen tegen ze worden geëist. Om dat te bereiken heeft het Openbaar Ministerie nieuwe richtlijnen opgesteld voor alle officieren van justitie. Hoofdofficier Hugo Hillenaar wil de strijd aanbinden met 'criminaliteit die het leven van slachtoffers totaal overhoop gooit'.

 
Als bij een inbraak de bewoner thuis was of de ring van oma is gestolen, volgt extra straf

Als hoofdofficier Hugo Hillenaar (Deurne, 6 augustus 1961) hoort hoe er in de kroeg wordt gevit op lage straffen, slappe rechters en onverbeterlijke daders, mengt hij zich zonder uitzondering in de discussie. Hij kan het niet laten, vertelt dan weer even onvermoeibaar als stellig dat Nederland echt niet zo'n criminelenwalhalla is als mensen denken. 'De realiteit is dat we zwaar aan de maat zitten, in vergelijking met de rest van Europa.' Zeker nu er voor officieren in heel Nederland richtlijnen zijn ontworpen, die ervoor zorgen dat er zwaardere straffen worden geëist, tegen daders die inbreken, roven en ram- en plofkraken plegen.

Waarom wilt u zwaarder straffen, als we in Europa toch al voorop lopen?
'Voor overvallen hebben we de strafmaat 2 jaar geleden al verhoogd, in combinatie met een scala van maatregelen, op het gebied van onder meer preventie en opsporing. Sindsdien zien we een forse daling van het aantal overvallen. Daarom hebben we besloten ook andere delicten die diep ingrijpen in het leven van slachtoffers zwaarder te bestraffen. We moeten een enorme vuist maken, tegen dit soort criminaliteit. Wie een inbraak heeft meegemaakt, weet welke gevoelens van onveiligheid dat met zich meebrengt.'

Hoe hoog zijn die straffen?
'Bij woninginbraken beginnen we, als er sprake is van een klein beetje recidive, met een strafeis van 6 maanden. Daar komt een beetje bij als de bewoner aanwezig was, ten tijde van de inbraak. Als er onvervangbare spullen zijn gestolen, zoals de ring van oma, of de inbraak is gepleegd in een ziekenhuis of bejaardencentrum, komt er opnieuw een beetje bij. Zo kunnen we komen tot een eis van 12 tot 18 maanden, waar we voorheen begonnen bij 3 maanden. Voor ram- en plofkraken geldt hetzelfde. Bij een straf van 15 maanden beginnen we, terwijl in de praktijk 9 tot 12 maanden werd geëist. Soms zien we dat hele puien eruit liggen, omdat steeds zwaardere explosieven worden gebruikt. Je zult er maar boven wonen. Dat nemen we mee.'

Straatrovers die niet eerder toesloegen en geen wapen gebruikten, kunnen erop rekenen dat een officier een straf van zo'n 6 maanden eist. Die kan oplopen tot 15 maanden, naarmate er meer geweld is gebruikt, of het slachtoffer gewond raakt. Voorheen was een straf van 6 maanden het uitgangspunt.

U straft nu harder bij delicten die steeds minder vaak voorkomen. Moeten juist zakkenrollers, die veel vaker toeslaan, niet strenger worden gestraft? Daar hebben heel veel mensen écht last van.
'Nee. Hoe irritant zakkenrollen ook is, het is een delict dat lang niet zo diep ingrijpt als een inbraak of een straatroof. Bovendien kunnen mensen er veel aan doen om te voorkomen dat zij er slachtoffer van worden. Je hoeft je portemonnee niet in je achterzak te stoppen, je kunt je smartphone ook niet op tafel leggen, als je een biertje drinkt.'

U kunt richtlijnen maken, hoger eisen, maar het is de rechter die beslist én lang niet altijd doet wat officieren willen.
'Sinds we 2 jaar geleden zwaarder zijn gaan eisen na overvallen, zijn rechters zwaarder gaan straffen. Dat doen ze ook uit zichzelf al, als het gaat om inbraken. Het recht is een dynamisch geheel, dat verandert in de loop der jaren. Deze nieuwe eisen passen bij wat we als samenleving vinden. We geven een antwoord op criminaliteit die uit de hand dreigt te lopen.'

Een groep Marokkaanse jongeren zal geraakt worden door de hogere straffen. Zij zijn verantwoordelijk voor een groot deel van de straatroven, 'trekken een tasje', veelal in een opwelling. Ook de andere delicten die nu harder worden bestraft, worden onder meer gepleegd door Marokkaanse Nederlanders. Hoewel Hillenaar in zijn donkerblauwe pak - hij studeerde onder meer aan de prestigieuze Harvard Universiteit - ver af lijkt te staan van de straten waar dit soort delicten worden gepleegd, weet hij wat daar speelt, vertelt hij. Jarenlang was hij actief bij een opvangcentrum voor dakloze jongeren, die er onderdak vonden na een periode in de gevangenis. Hij wil voeling houden met de praktijk. Dat heeft hem allesbehalve somber gemaakt, over de toekomst.

Hebben we over 20 jaar minder te maken met zo'n groep Marokkaanse daders?
'Daarvan ben ik overtuigd, maar het strafrecht kan niet alleen zorgen voor verandering. De Marokkanenproblematiek is een breed maatschappelijk probleem. Deze groep heeft het ook moeilijk op bijvoorbeeld de arbeidsmarkt. Als we een Marokkaans boefje te pakken krijgen, moeten we net als bij andere verdachten ook kijken naar het gezin waar hij vandaan komt. Het is zaak onvermoeibaar te zoeken naar oplossingen die recidive voorkomen. Het helpt ook niet om de problemen uit te vergroten. Als we dat doen, zullen werkgevers niet de stap nemen om Marokkaanse werknemers aan te zetten.'

U bent wel heel erg positief, terwijl er genoeg reden is tot somberheid.
'Ik heb een aantal Marokkaanse medewerkers dat fantastisch werk verricht. Toen ik in het ziekenhuis lag, stonden er geweldige verplegers aan mijn bed. Joh, ik zie zo veel positieve ontwikkelingen. En wees wel, het gaat hier om de derde generatie Marokkanen. In feite zijn het allemaal Nederlanders. Als die een podium pakken, zal het beeld veranderen.'

Wuift u de problemen nu niet te gemakkelijk weg?
Nee, vindt Hillenaar, en de zwaardere straffen zijn het bewijs. 'We moeten heel goed kijken naar de daders. Ook de groep die in een impuls handelde, moet zich realiseren wat er teweeg is gebracht. Jongeren die een videotheek overvallen met een speelgoedwapen, kunnen niet gemakkelijk wegkomen door te zeggen 'het was maar een speelgoedwapen'. Dat was niet duidelijk in de fase waarin de overval zich afspeelde. Ze zadelen iemand op met een traumatische ervaring, waar een streng signaal tegenover moet staan.'

Het is de boodschap die hij ook verkondigt in die kroeg, waar er met dedain wordt gesproken over het Nederlandse rechtssysteem. Hillenaar weet dat hij de kloof tussen 'de straat' en de rechtbank niet zal kunnen dichten. 'Als de buurvrouw iets ergs overkomt, als mensen over een misdaad lezen in de krant, dan neemt de emotie over. Dat is niet erg, daar moet ruimte voor zijn.' Maar het is aan hem om niet cynisch, afgestompt of zuur te worden. Als iemand Hillenaar daar ooit van zal betichten, gooit hij het bijltje erbij neer. Een officier mag zich niet verliezen in pessimisme, zelfs niet als hij de meest nare misdaden besproken ziet in de rechtszaal en hij de daders moet vervolgen. 'Je kan je werk alleen goed blijven doen door genuanceerdheid.'

poll

Welk team kies jij?

Welk team kies jij?

  • Friet (40%)
  • Patat (60%)
25163 stemmen