Volledig scherm
Mohammed Qasem met een patiënt. ,,De Nederlandse taal is de sleutel tot alles.''

Wie vult straks de gaatjes in het Amersfoortse achterland?

Nederlandse tandartsen zijn er al jaren te weinig, en nu droogt ook het aanbod uit het buitenland op. Nieuwe taaleisen blijken een brug te ver. ,,De overheid moet iets doen. Dit werkt contraproductief."

Quote

De taal is de sleutel tot alles. Als ik de taal niet spreek, kan ik in Nederland niets

Mohammed Qasem

'Hoi, ik ben Mohammed, en ik ben stagiair.'' Hij zegt het altijd maar even tegen de patiënten van de praktijk waar hij twee keer per week de tandartsboor hanteert, die van de Samenwerkende Tandartsen in Tilburg-Noord. ,,Dan kunnen ze het aangeven als ze dat niet willen. Maar tot nu toe is het meestal geen probleem.''

Mohammed Qasem is bijna dertig en komt uit Irak. Hij is een van de tandartsen die aan de aangescherpte taaleisen van de overheid moeten voldoen om hier aan het werk te kunnen. Geen probleem, vindt Mohammed, die voor de oorlog uit Irak vluchtte. Sterker: hij vindt het heel belangrijk zich verstaanbaar te kunnen maken. ,,De taal is de sleutel tot alles. Als ik de taal niet spreek, kan ik in Nederland niets. En als tandarts moet je met aan je patiënten kunnen uitleggen wat je doet. Het werk hier is niet veel anders dan wat ik in Bagdad deed, maar ik moet wel de Nederlandse termen kennen.''

Hij noemt er een paar op: wortelkanaalbehandeling, ragers, reinigen, tandpasta en tandenborstel. ,,Ik wil die woorden in het Nederland kennen, maar ken ze ook in het Engels en het Arabisch. Er zijn veel patiënten met een buitenlandse achtergrond die soms geen woord Nederlands spreken. Die willen we ook kunnen helpen.''

Praktijk in de periferie

Nederland lijkt af te stevenen op een tekort aan buitenlandse tandartsen. Want Mohammed mag zijn taalcursus als een zaak van levensbelang beschouwen, veel buitenlandse tandartsen zien in de aangescherpte eisen toch vooral een reden om niet voor Nederland te kiezen als het land waar ze hun emplooi zoeken. In een jaar tijd nam het aantal buitenlanders dat bij het BIG-register een verzoek indiende om in Nederland tandarts te mogen worden met bijna driekwart af, van 390 naar 109.

En van die buitenlandse tandartsen moeten we het toch in Nederland hebben, zeker de praktijken in de wat minder dichtbevolkte gebieden. ,,Voor Nederlandse tandheelkundestudenten houdt ons land bij Amersfoort gewoon op. Verder kijken ze niet'', zegt Willem Zilverschoon (66) uit het Twentse Haaksbergen.

Hij kan het weten. Vijf jaar lang was Zilverschoon bezig een nieuwe hoeder te vinden voor zijn drieduizend patiënten, geen enkele keer trok er een Nederlandse kandidaat aan de bel. ,,Eén keer een Litouwer die amper een woord Nederlands sprak, maar dat vonden we niet zo'n goed idee.'' Uiteindelijk werd via een recruiter een Spaanse tandarts gevonden aan wie Zilverschoon de praktijk wel durfde over te dragen.

Patrick Crielaers, praktijkadviseur bij wervingsbureau Dental Care Professionals, herkent de situatie. ,,In het buitengebied is het moeilijk. Je ziet een grote trek naar de Randstad. Voor praktijken in de periferie zijn we toch aangewezen op buitenlandse tandartsen. Die zijn wel bereid daar iets op te bouwen. Maar voor hen is het sinds vorig jaar veel moeilijker om een plek in het BIG-register te krijgen.''

Het is natuurlijk een vreemde situatie. Aan de ene kant moet een tandarts in Twente hemel en aarde bewegen om een opvolger te kunnen vinden, aan de andere kant is er misschien tien kilometer verderop wel een student die zich zit te verbijten omdat hij is uitgeloot voor de studie tandheelkunde. Waarom niet gewoon wat meer studenten toelaten?

Numerus fixus

Niet alleen beroepsvereniging KNMT, ook het zogenoemde Capaciteitsorgaan adviseert het ministerie van Volksgezondheid al jaren meer studenten toe te laten tot de tandheelkundeopleiding. Tot op heden is dat niet gebeurd en blijft de numerus fixus op de universiteiten van kracht. Gecombineerd met de taaltoets zorgt dat nu voor problemen.

Er moet iets veranderen, vindt Albert Koelewijn, directeur van Tandzorg op Maat, dat zes praktijken in het oosten van het land uitbaat. ,,Of je moet meer mensen gaan opleiden, of de taaleisen versoepelen. Maar als je het allebei zo laat, werkt het contraproductief.''