Volledig scherm
PREMIUM
Lize Spit © Jacqueline de Haas

Zo vierden deze auteurs kerst

KerstverhalenVijf schrijvers vroegen we om een autobiografisch kerstverhaal. Een van de auteurs verplaatste zich in de kerstman.

Een herder zijn
Lize Spit


Het mooiste aan de hele kerstperiode was niet kerstdag, maar kerstavond. Op kerstdag zaten we in een auto gepropt om familie in West-Vlaanderen te bezoeken. Kerstavond bleef kleinschaliger, vierden we thuis, met ons zessen. Bijeengedreven door de donkerte van een winteravond, met overal achter ramen de knipperende lampjes, leek ons gezin plots compacter.

Een bedrijvigheid hing al in de ochtend in huis. Er klonk ‘waar is de schaar?’ en het geknisper van inpakpapier. Mijn zus herschikte de houten, abstracte figuurtjes in de kerststal.

Mijn moeder daalde verschillende keren af in de kelder, altijd kwam ze terug met nieuwe voedingswaren, waardoor beetje bij beetje duidelijk werd waaruit het feestmaal zou bestaan. In de late namiddag stonden al een zak chips en nootjes klaar en wachtten we op een startschot: het moment waarop we Het Grote Van Dale Spel gingen spelen en het op een schrokken konden zetten.

,,Papa, wat is een spreekwoord voor: ‘iemand de mogelijkheid geven veel narigheid te veroorzaken’ en het woord ‘wolf’ moet erin voorkomen’’, las m’n broer van het kaartje voor met volle mond, in de hoop mijn vader te kunnen betrappen op een onwetendheid. Mijn moeder speelde zelden mee. Het bleef onduidelijk of ze niet hield van ons gezelschap of van de spelletjes. Zij bleef in de keuken, kwam altijd net toevallig meekijken als vader een aartsmoeilijk dictee trok uit de bak met opgavenkaartjes.